Loading presentation...

Present Remotely

Send the link below via email or IM

Copy

Present to your audience

Start remote presentation

  • Invited audience members will follow you as you navigate and present
  • People invited to a presentation do not need a Prezi account
  • This link expires 10 minutes after you close the presentation
  • A maximum of 30 users can follow your presentation
  • Learn more about this feature in our knowledge base article

Do you really want to delete this prezi?

Neither you, nor the coeditors you shared it with will be able to recover it again.

DeleteCancel

4h tijdvak 6

No description
by

Yann Jousson

on 3 September 2015

Comments (0)

Please log in to add your comment.

Report abuse

Transcript of 4h tijdvak 6

Tijd van regenten & vorsten
de ontwikkeling van handelskapitalisme en wereldeconomie
Handelskapitalisme → privébedrijf waarbij de gemaakte winst wordt geïnvesteerd in het eigen bedrijf om zodoende nog meer winst te maken.

Wereldeconomie → handel waarbij verschillende gebieden van de wereld worden verbonden. Producten worden over de hele wereld verhandeld.
In Nederland komt het handelskapitalisme op in de 16e en 17e eeuw. Antwerpen is de handelsstad van Europa tot 1585 → In Spaanse handen.
Handelaren vluchten naar Hollandse steden. Amsterdam groeit uit tot de stapelmarkt van Europa.→ producten vanuit allerlei regio's worden opgeslagen in de pakhuizen om vanuit A'dam te worden door verhandeld.
Het Oostzee-gebied
Belangrijkste handelsgebied was het Oostzee-gebied → daar werd hout en graan vandaan gehaald → tekort in Nederland (geen bossen en weinig landbouwgrond)
Hout: scheepsbouw Graan: voedsel.
Het overschot werd gebruikt om handel te drijven met andere gebieden
economisch:
enige Nederlandse bedrijf dat mag handelen in Oost-Indië → voorkomen van onderlingen concurrentie om zodoende winst te verhogen.
→ monopolie op handel in Azië
vooral handel in specerijen, zijde e.d.
Kapitaal nodig om de handel in stand te houden → daardoor uitgifte van aandelen
→ investeren in VOC in ruil voor deel van de winst. (aandeelhouders bestuurde VOC) → de Heren Zeventien

Politiek:
Bestuur van handelsposten (factorijen) en overzeese gebieden
afsluiten van verdragen met vorsten
eigen soldaten om oorlogen te voeren
economisch:
enige Nederlandse bedrijf dat mag handelen in West-Indië → monopolie op handel in West-Afrika en Amerika (West- Indië)
vooral handel in zilver, slaven en plantageproducten (suiker, koffie e.d.)
uitgifte van aandelen

Politiek:
Eigen soldaten om oorlogen te voeren. → oprichting in 1621 (einde 12-jarig bestand) Dus gericht op de kaapvaart. → zilvervloot Piet Hein. Hiermee bekostigden Spanje haar oorlogen.
Bestuur van handelsposten (factorijen) en overzeese gebieden
afsluiten van verdragen met vorsten
De Gouden Eeuw: de bijzondere plaats en de bloei van de Nederlandse Republiek
17e eeuw voor de Republiek een Gouden Eeuw. De Republiek had een bijzondere positie 4 aspecten waar dat in is terug te zien.
Politiek
De politieke organisatie van de de Republiek week af van de norm in Europa. Allereerst waren er in Europa vooral vorsten die aan de macht die een centraal bestuur instelde om zodoende meer controle te hebben over hun gebied.
De Republiek had geen vorst. Het was een verenigde staat van 7 afzonderlijke gewesten zonder vorst. → decentraal

steden (bestuurt door regenten (rijke burgers)) en graafschappen (platteland veelal in handen van adel) → afgevaardigden (vertegenwoordigers) en belasting naar het gewest → Statenvergadering → Statenvergadering (eigen bestuur, rechtspraak en godsdienst) → afgevaardigden en belasting naar Staten-Generaal (defensie, buitenlands beleid en bestuur generaliteitslanden → gebieden veroverd op de Spanjaarden in 17e eeuw (Brabant en delen van Limburg en Vlaanderen))

Gewest Holland het rijkst → dus meeste bijdragen aan de Staten-Generaal → dus meeste invloed op de uitkomst
*Stadhouder (aanvoerder leger en vloot) Groningen en Friesland een afstammeling van een van de neven van Willem van Oranje. Andere gewesten een afstammeling van Willem van Oranje zelf.

*Raadspensionaris / landsadvocaat (juridisch en financieel adviseur van Staten-Generaal, altijd uit gewest Holland, woordvoerder met het buitenland)
Goede harmonie noodzakelijk om de Republiek 'in orde' te houden. Vaak conflicten → verschillende belangen. Stadhouder (wil oorlog → is zijn bestaansrecht), de raadspensionaris wil vrede (goed voor handel). Vaak een stadhouderloze periode. 1672 → het rampjaar!
Twee bijzondere functies
Economie
17e eeuw een periode van grote economische groei in de Republiek. Op gebied van (overzeese)handel, nijverheid (om handel te ondersteunen, denk aan scheepsbouw) en landbouw (graan → import, ruimte om luxe producten als boter en kaas te produceren (leveren relatief veel op!)
Amsterdam het centrum van die handel. → veel geld om te investeren → zoals het paleis op de dam (stadhuis!)
Sociale verhoudingen
Door enorme economische groei was er relatief weinig armoede in de Republiek. Tevens waren er particulieren instanties om de armenzorg te organiseren → zowel vanuit kerken als vanuit de regenten
Cultuur
17e eeuw ook een periode van culturele bloei
Schilderkunst → meesters als Rembrandt, Steen en Vermeer. Anders dan rest van Europa (geen opdrachten van adel, vorsten of kerk)
Literatuur → Joost van den Vondel en Pieter Cornelis van 't Hooft
Wetenschap → meer in K.A.4 → Huygens, Hugo de Groot. Aantrekkelijk buitenlanders (Descartes) vanwege gewetensvrijheid
Grote meesters
Jan Steen
Johannes Vermeer
Rembrandt van Rijn
Godsdienst → geen godsdienstvrijheid, wel gewetensvrijheid → geen vervolging vanwege geloof. Maar geen gelijke rechten. Calvinisme was de grootste stroming dus meeste rechten. Katholieken mochten niet in het openbaar geloven (tenzij ze ervoor betaalden)
Gewetensvrijheid
Het absolutisme: het streven van vorsten naar absolute macht.
Vanaf de Middeleeuwen streefde Vorsten naar centralisatie. Gezag vanuit één plaats met wetgeving gelijk voor het hele land.
Louis XIV
Louis werd in 1643 koning van Frankrijk → kleuter (5 jr), dus geregeerd door zijn moeder en adviseurs. Veel onrusten in Frankrijk (godsdiensttwisten). Ook veel opstanden van de adel (wilde macht uitbreiden/behouden) → de Fronde (1648-1653)
1661 neemt Louis de macht en wil rust en orde herstellen. → L'état c'est moi → absolutisme (enkel aan god verantw. Afleggen)
Droit divin → goddelijk recht → koning door god aangesteld
Idealen van Louis
*Politiek: minder afhankelijk zijn van de adel
ambtenaren aanstellen die toezicht hielden en beleid uitvoerden
invoeren beroepsleger → minder invloed van de adel op het leger
adel verplicht een periode in het jaar in Versailles (Adel tevreden houden met veel pracht en praal)
*Economisch: Frankrijk economisch sterk maken
Hulp van zijn minister Colbert
invoering van mercantilisme → streven naar meer export en beperken van import
*Cultureel: einde aan godsdiensttwisten
Einde aan Edict van Nantes 1685 (na 87 jaar)
Hugenoten niet langer vrij → veel vluchten naar de Republiek
Oprichting van vele academies → beste mensen op verschillende culturele disciplines bij elkaar
Un roi → één koning (gelukt), une loi → één wet (niet gelukt, teveel zelfstandigheid van verschillende regio's), une foi → één geloof (gelukt)
Louis wilde de traditionele standen niet in opstand laten komen en durfde daarom niet hogere belastingen te vragen (dus nooit Staten-Generaal bijeengeroepen). Daardoor lege schatkist (aanvullen door oorlogsbuit en mercantilisme)
1672 het Rampjaar
Coalitie van Frankrijk, Engeland, Munster en Keulen aanval op de Republiek → irritant voor Louis want welvarend, concurrent en machtig
Engelse koning deed mee want: wilde graag een alliantie met Frankrijk. Geld en romance waren hier mede een oorzaak.
Uiteindelijk wist Michiel de Ruyter op zee de Engelsen de stoppen → in Republiek vaak een keus tussen sterk landleger of sterke vloot.
De Waterlinie hield het landleger tegen.
De gebroeders de Witt hadden de aanstelling van stadhouder Willem III tegengehouden. (stadhouder → oorlog, raadspensionaris → handel)
Na benoeming Willem III werden zij gelyncht in Den Haag.
Absolutisme the Englisch style
Engelse vorsten streefde al lang voor Louis XIV naar absolute macht. Echter betaalde de adel in Engeland wel belasting en wilde ze daarom ook invloed op het bestuur (besteding van de belasting). Zowel Jacobus I (1603-1625) als Karel I (1625-1648) streefde naar meer macht. Jacobus I wilde de confrontatie met het parlement niet aan. Zijn zoon wel en dit leidde in 1642 tot een burgeroorlog die eindigde met de dood van Karel I in 1648 (onthoofd). Engeland werd nu een republiek, geen democratie, onder leiding van Oliver Cromwell. Karel II werd na de dood van Cromwell weer koning (1660-1685), evenals zijn zoon Jacobus II (1685-1688) was hij katholiek. Spanning tussen koning en parlement laaide weer op. Het parlement riep stadhouder Willem III (ook een protestant) om hulp. Hij leidde de Glorious Revolution (1688-1689) en maakte uiteindelijk van Engeland een constitutionele en parlementaire monarchie waarbij de hoogste macht bij het parlement lag. Een Oranje op de Engelse troon!
De wetenschappelijke revolutie
Wetenschap: het opdoen van kennis op basis van experiment, waarneming en gebruik van het verstand.

De basis lag in de klassieke oudheid → herontdekking tijdens de renaissance. Humanisten gaven hier de aanzet voor.
Een kritische houding + nieuwsgierig
Tot aan de 17e eeuw waren er een aantal belemmeringen die de wetenschap beperkte:

het ontzag voor de klassieke denkers → de filosofen. Geloof dat zij de waarheid kende.
Het gezag van de kerk → de kerk tegenspreken kon leiden tot de brandstapel → voorbeeld Galileo Galilei

Wetenschappers bleven gelovig → bewijzen hoe goed God de wereld heeft geschapen
In de 17e eeuw kwam er bij de houding van de humanisten (kritisch + nieuwsgierig) een extra aspect:

de systematische benadering:

observatie → kijken hoe iets is, niet enkel over lezen
empirie → proefondervindelijk ervaren hoe iets was. Door middel van onderzoek uitvinden hoe zaken zijn → zwaartekracht, zonnestelsel
logica → logisch over nadenken → Descartes: 'Ik denk, dus ik ben'
De wetenschappelijke revolutie werd gestimuleerd door:

uitvinding van instrumenten → telescoop, microscoop etc.
uitwisseling van informatie → door wetenschappelijke tijdschriften → onderzoek van de één stimuleert de ander
(koninklijke) academies → koningen hadden belang bij de uitvindingen van de wetenschappers → denk aan oorlogsvoering. Beste wetenschappers werden aangetrokken om hun wetenschap te komen beoefenen aan de academies (Frankrijk, Engeland, Pruisen)

In de 17e eeuw ontdekte men dat de natuur (Gods schepping) gehoorzaam was aan allerlei natuurwetten → de wetenschappelijke revolutie!
Full transcript