Loading presentation...

Present Remotely

Send the link below via email or IM

Copy

Present to your audience

Start remote presentation

  • Invited audience members will follow you as you navigate and present
  • People invited to a presentation do not need a Prezi account
  • This link expires 10 minutes after you close the presentation
  • A maximum of 30 users can follow your presentation
  • Learn more about this feature in our knowledge base article

Do you really want to delete this prezi?

Neither you, nor the coeditors you shared it with will be able to recover it again.

DeleteCancel

Max Havelaar

No description
by

Ingrid Mouthaan

on 14 April 2016

Comments (0)

Please log in to add your comment.

Report abuse

Transcript of Max Havelaar

Conclusie
- Java-Oorlog
- Centraal bestuur
+ Inlandse bestuur
+ Europese bestuur
- Cultuurstelsel
$1.25
Vrijdag, 15 april, 2016
Vol XCIII, No. 311
In hoeverre is Max Havelaar representatief voor de situatie in Nederlands- Indië?
Eduard Douwes Dekker
De situatie in Nederlands-Indië
Max Havelaar
- Geboren op 2 maart 1820
- De Eerloze
- De Zaak-Lebak
- Stierf op 19 februari 1887
- Geschreven in 1859
- Uitgebracht in 1860
- Derde druk in 1871
- Romantiek
- Raamvertelling
- Kritiek
- Reactie


Halt, ellendig produkt van vuile geldzicht en godslasterlijke femelarij! Ik heb u geschapen... ge zijt opgegroeid tot een monster onder mijn pen... ik walg van mijn eigen maaksel: stik in koffie en verdwijn!
‘Dit moge in ’t algemeen waar zijn, maar omtrent Havelaar heeft men waarachtig geen persoonlijke kennismaking nodig… Hij is een gek!’
’Dat heb ik niet gezegd, Duclari!’
’Nu ja, verstandig is het zeker niet. Maar…’
’En, hoor eens, dat versje tegen de generaal Vandamme…
‘Neen, jij hebt dat niet gezegd, maar ik zeg het na al wat je van mij van hem verteld hebt. Ik noem iemand die in ’t water springt om een hond te redden van de haaien, een gek.’
’t kwam te pas!’
’’t Was geestig…
’Tot je dienst! Maar een jong mens mag niet geestig zijn tegen een generaal.’
’Je moet in ’t oog houden dat hij nog zeer jong was… het is veertien jaar geleden. Hij was toen maar tweeëntwintig jaar oud.’
’En dan de kalkoen die hij stal!’
’Dat deed hij om de generaal te plagen.’
’Juist! Een jong mens mag geen generaal plagen, die bovendien, als civiel gouverneur, zijn chef was. Dat andere versje vind ik aardig maar… dat eeuwige duelleren!’

Wat dus de levensomstandigheden aangaat, kon hij veel ondervonden hebben. En dat hij werkelijk veel ondervonden hád, dat hij ’t leven niet was doorgegaan zonder de indrukken op te vangen die ’t hem zo ruimschoots aanbood, daarvoor moge ons de vlugheid van zijn geest borg wezen, en de ontvankelijkheid van zijn gemoed.
Dit nu wekte verwondering van allen die wisten of gissen konden hoeveel hij had bijgewoond en geleden, dat hiervan zo weinig op zijn gelaat te lezen was.

Doch daar kwamen vreemdelingen uit het Westen, die zich heer maakten van het land. Ze wensten voordeel te doen met de vruchtbaarheid van de bodem, en gelastten de bewoner een gedeelte van zijn arbeid en van zijn tijd toe te wijden aan het voortbrengen van andere zaken, die meer winst zouden afwerpen op de markten van Europa.
(…)
Als men let op de ontzettende massa Javase produkten die in Nederland worden te koop geveild, kan men zich overtuigen van het doeltreffende dezer staatkunde, al vindt men ze niet edel. Want, mocht iemand vragen of de landbouwer zelf ene met deze uitkomst evenredige beloning geniet, dan moet ik hierop een ontkennend antwoord geven. De regering verplicht hem op zijn grond aan te kweken wat haar behaagt, ze straft hem wanneer hij het aldus voortgebrachte verkoopt aan wie het ook zij buiten háár, en zijzelf bepaalt de prijs die ze hem daarvoor uitbetaalt.
Full transcript