Loading presentation...

Present Remotely

Send the link below via email or IM

Copy

Present to your audience

Start remote presentation

  • Invited audience members will follow you as you navigate and present
  • People invited to a presentation do not need a Prezi account
  • This link expires 10 minutes after you close the presentation
  • A maximum of 30 users can follow your presentation
  • Learn more about this feature in our knowledge base article

Do you really want to delete this prezi?

Neither you, nor the coeditors you shared it with will be able to recover it again.

DeleteCancel

Make your likes visible on Facebook?

Connect your Facebook account to Prezi and let your likes appear on your timeline.
You can change this under Settings & Account at any time.

No, thanks

bijeenkomst 2

No description
by

Esther Monfils

on 23 February 2016

Comments (0)

Please log in to add your comment.

Report abuse

Transcript of bijeenkomst 2

Wat gaan we doen vandaag?

Ervaringen interview uitwisselen

Je leert meer over:
Definities en subtypen dyslexie
Geschiedenis van dyslexie
Psychologische taalvaardigheden
Route van visuele en auditieve taalvaardigheden
Werking van de hersenen bij dyslexie
Voor de volgende keer

De student heeft kennis genomen van de
geschiedenis van dyslexie.

De student kan van verschillende psychologische taalvaardigheden benoemen waar de dyslectische leerling moeite mee heeft.

De student kan uitleggen hoe auditieve en visuele woordherkenning plaatsvindt.

De student heeft kennis genomen van de werking van de hersenen bij leerlingen met dyslexie.

Een stukje wijzer na vandaag
Het interview met de dyslectische leerling/persoon/....

Bespreek in groepjes van 3/4 studenten jullie interview.
Wat is je het meest opgevallen?

Welke belemmeringen komen naar voren?

Welke sociaal-emotionele lading heeft het leerprobleem voor de leerling?

Wat verbaasde je?
Beschrijvende en verklarende definitie
Dyslexie is een specifieke lees- en spellingstoornis met een neurobiologische basis, die wordt veroorzaakt door cognitieve verwerkingsstoornissen op het raakvlak van fonologische en orthografische taalverwerking. Deze specifieke taalverwerkingsproblemen wijken proportioneel af van het overige cognitieve, en m.n. taalverwerkingsprofiel en leiden tot een ernstig probleem met het lezen en spellen van woorden ondanks regelmatig onderwijs. Dit specifieke lees- en spellingsprobleem beperkt in ernstige mate een normale educatieve ontwikkeling, die op grond van de overige cognitieve vaardigheden geïndiceerd zou zijn (Blomert, 2006, p.5)
Verklarende definitie van Braams et al
Dyslexie is een specifieke stoornis in de fonologische verwerking van taal door de hersenen waarbij vaak ook de woordvinding en het verbaal geheugen belemmerd is. Het leidt tot meer of minder ernstige lees- en spellingsproblemen en vaak ook tot meer of minder duidelijk problemen bij andere taken waarbij taal een rol speelt, zoals het onthouden van instructies, het leren van losse feiten en verwerken van taal in een lawaaiige omgeving.

- Discrepantie tussen feitelijke niveau en niveau dat je van dit kind in deze situatie zou verwachten.
- Verklaring of beschrijving van het probleem.

In veel definities:
Dyslexie is geen alexie. (problemen met lezen en/of schrijven door een NAH)

Dyslexie is ook geen hyperlexie. (wel goed in technisch lezen, maar geen begrip)

Dyslexie-plus: ernstigere vorm van dyslexie door complexere taal/geheugen problematiek. (let wel: de term dyslexie-plus is geen term die gehanteerd wordt --> ernstige enkelvoudige dyslexie)

Let op!
Subtypen (???)
Spellende en radende lezers?
Zwakke lezers of dyslectische lezers?

Single (fonologisch tekort) of double deficit (tekort van fonologische verwerking en rapid naming).
Onderscheid is erg belangrijk voor de behandeling.

1877: Introductie van begrip ‘woordblindheid’, geen echt oogprobleem, maar een hersenprobleem. Benaming heeft voor veel verwarring gezorgd.
1925: Orton: gebrek aan ruimtelijke oriëntatie. (omdraaiingen van letters)
1920-1930: Bender: gebruik in de visueel- motorische vaardigheden; moeite met natekenen van geometrische figuren (test Bender Visual-Motor Gestalt Test wordt zelfs soms nog gebruikt bij diagnostiek)
1960-1970: taalprobleem, vooral benoemen is lastig (bijv. links-rechts).
Later: Informatieoverdracht tussen de hersenhelften.
Nu: hersenafwijking in de linkerhersenhelft (Vellutino --> taaldomein)

Geschiedenis van dyslexie
Een duik in de geschiedenis van dyslexie
Psychologische taalvaardigheden
Moeite met de fonologische verwerking van taal door de hersenen.

Spraakklanken spelen hierbij een essentiële rol.
Dit betekent ook een rol voor de logopedist.


Wat houdt de fonologische verwerking nog meer in?
Verbaal geheugen
Op woorden komen
Gevoeligheid voor rijm
Grammatica
Nazeggen en lezen van pseudowoorden
Het begrijpen van spraak met achtergrondgeluid
moeite met rijmen of met het selecteren van het niet-rijmende woord uit een rijtje, geen steun aan een versje
rapid naming, zoals de twee testjes in vorige les
geheugenproblemen bij talige informatie en verwerking daarvan
Juf, wat weten we dan nu uit onderzoek?
http://slidegur.com/doc/94764/cogmed-werkgeheugentraining-op-de-leonardoschool
http://slidegur.com/doc/94764/cogmed-werkgeheugentraining-op-de-leonardoschool
http://slidegur.com/doc/94764/cogmed-werkgeheugentraining-op-de-leonardoschool
http://slidegur.com/doc/94764/cogmed-werkgeheugentraining-op-de-leonardoschool
definities
In de diagnostiek wordt niet gesproken in termen van subtypen. Het idee dat er vele vormen en subtypen zijn, komt voort uit hoe specifiek dyslexiekenmerken gelden voor een specifiek persoon.
Daarbij zou het onmogelijk zijn om te pin-pointen naar een exacte categorie.
Kunnen minder goed fouten corrigeren in zinnen. Grammaticaal tekort? Of zware belasting werkgeheugen? Dit laatste wordt vermoed.
Er kan geen beroep worden gedaan op het mentale lexicon (woordenboek in je hoofd), dus er kan alleen gesteund worden op verklanken. Pseudowoordlezen < woordlezen < tekstlezen
Het verwerken van spraak kost meer moeite.
Het verwerken van informatie

auditieve woordherkenning (luisteren)

visuele woordherkenning (lezen)

werkgeheugen

auditieve woordherkenning
Visuele woordherkenning
Geheugen

Lange duur geheugen (episodische buffer is schakel van KTG naar LTG)

Korte duur geheugen --> een actief geheugen en wordt daarom werkgeheugen genoemd

Werkgeheugen in model
Minder specialisatie in de hersenhelften voor wat betreft het taalgebied.

Chaotische structuur van die gebieden

Gebieden van auditieve en visuele verwerking zijn kleiner.

Onderzoek wijst op erfelijkheid (dyslexie-genen)

Hersenonderzoek bij mensen met dyslexie
pammelewul,
koliziesan,
jerasten,
bolg,
wug,
spraal,
doerig,
frade

Pseudowoorden lezen
Testje verbaal geheugen!
Pen en papier in de aanslag.
Welke wist je nog?
Keuzevak
Dyslexie

Voor de volgende keer:
bestudeer H4 van het protocol
NEDDYS01X ook H3 en H5 van Braams

En het diagnostische onderzoeksverslag. Neem 'm geprint mee!!!!!


2/8
Stap 1: het horen
De oren registreren spraaksignaal. Je hoeft het nog niet te begrijpen. Het gaat om de vaardigheid auditieve discriminatie. Dyslectische kinderen doen dit niet minder goed dan niet-dyslecten.

Stap 2: de herkenning van de spraakklanken (fonologische verwerking ook wel centrale auditieve verwerking)
Hier hebben dyslecten meer moeite mee! Maar... uit onderzoek is nog niet duidelijk welk aspect van de fonologische verwerking tot problemen leidt.

Stap 3: De lexicale identificatie (lexicale verwerking)
Oftewel de woordherkenning. De fonologische representatie wordt in deze fase herkend en het mentale lexicon (LTG waar je woordenschat in zit) wordt geraadpleegd. (Maar: nog geen betekenisverlening in deze fase!!!). Dyslecten doen dit niet slechter.

Stap 4: koppeling aan een betekenis (semantische verwerking). Dyslecten zijn niet slechter en hebben even grote woordenschat, maar die ontwikkelt wel minder snel als gevolg van minder lezen als gevolg van dyslexie.


Dit model is dynamischer: geen opeenvolging maar heen en weer schakelen

Het woord moet 'herkend' worden. Visuele registratie van de kenmerken van de letters. Hier hebben dyslecten geen probleem. Onderzoek naar de visuele waarneming is daarom niet zinvol. Er is geen wetenschappelijke steun voor visuele trainingen (oogspieroefeningen, volgoefeningen, brillen etc.)

Herkenning op het moment dat je het kunt koppelen aan bestaande kennis in je mentale lexicon.
Uit het mentale lexicon worden de woorden met de karakteristieken opgehaald. Het lexeem dat het luidste signaal afgeeft, wint. Dyslecten doen dit niet slechter. Die herkenning is een auditieve herkenning: herkend op uitspraakcodes.

Directe woordbeeldherkenning (directe route) bestaat niet! Er komt altijd fonologische verwerking aan te pas!! --> onderzoek bij adem, ark, auto, arp. Bij adem wordt de 'a' het snelst benoemd.

Dyslexie is stoornis op woordniveau. Op zins- en verhaalniveau hebben zij geen problemen.


Waar hebben dyslecten moeite mee als het gaat om het werkgeheugen?

Ze hebben tekorten in de functionering van het werkgeheugen.
Minder werkgeheugencapaciteit
Beperking in opslagcapaciteit voor verbale info (bijv. opslagspanne voor woorden en cijfer)
Problemen met de deelgebieden van de fonologische lus
Maar vooral met het stuk centrale uitvoering.

over het visueel-ruimtelijk schetsboek is nog weinig bekend en moet nog verder onderzoek naar gedaan worden.
Full transcript