Loading presentation...

Present Remotely

Send the link below via email or IM

Copy

Present to your audience

Start remote presentation

  • Invited audience members will follow you as you navigate and present
  • People invited to a presentation do not need a Prezi account
  • This link expires 10 minutes after you close the presentation
  • A maximum of 30 users can follow your presentation
  • Learn more about this feature in our knowledge base article

Do you really want to delete this prezi?

Neither you, nor the coeditors you shared it with will be able to recover it again.

DeleteCancel

Make your likes visible on Facebook?

Connect your Facebook account to Prezi and let your likes appear on your timeline.
You can change this under Settings & Account at any time.

No, thanks

Hoofdstuk 1: de grondslagen van de 19de - eeuwse samenleving

No description
by

Frederik Rousseau

on 7 September 2014

Comments (0)

Please log in to add your comment.

Report abuse

Transcript of Hoofdstuk 1: de grondslagen van de 19de - eeuwse samenleving

1. het Congres van Wenen en de restauratie
De rol van Napoleon Bonaparte?
In 1789 werd onder de leuze ‘Vrijheid, Gelijkheid en Broederschap’ een einde gemaakt aan de macht van de adel en (katholieke) kerk. De Franse revolutionaire legers veroverden delen van Europa. Generaal Napoleon kwam aan de macht en werd de Franse keizer.
verovert vele Europese gebieden (behalve Engeland) en maakt er vazalstaten van.
wordt verslagen door de 'Grote Vier' en wordt verbannen naar Elba (Vrede van Parijs).
ontsnapt en vlucht via Grenoble terug naar Parijs (route Napoleon). Onderweg sluiten vele ervaren manschappen terug aan.
Van Elba naar Waterloo : 100 dagen (cent jours).
De 'Grote Vier' verklaren eensgezind de oorlog aan Napoleon.
Einde van Napoleon: Slag bij Waterloo tegen Brits-Nederlandse leger (Wellington en Willem van Oranje) op 18 juni 1815.
verbannen naar Sint-Helena.
sterft in 1821.
Congres van Wenen (oktober 1814- 9 juni 1815)
terugkeer naar grenzen van vóór de Franse Revolutie.
meer dan 300 landjes, staatjes, hertogdommen en Prinsdommen komen in Wenen samen.
Er wordt enorm veel gefeest, gedanst en gedronken (veel pracht en praal). Citaat: "Comment va le Congrès? Il ne va pas, il danse".
Beslissingsrecht enkel voor de 'Grote Vier' : Oostenrijk, Rusland, Engeland en Pruisen.
Veel onenigheid en geruzie (iedereen diende haar eigen belangen).
Hoofdpersonages, hoofddoelen en beslissingen van het congres:
1. Personages
Klemens von Metternich (Oostenrijk / Franz I)
Karl Robert Graf von Nesselrode (Rusland / Tsaar Alexander I)
Robert Stewart Viscount Castlereagh (Engeland / George III)
Von Humboldt en Hardenberg (Pruisen / Willem III)
Charles-Maurice de Talleyrand (Frankrijk / Louis XVIII)
2. Hoofddoelen
Restauratie: terugkeer naar (verlicht) Absolutisme van vóór 1789 met bufferstaten Verenigd Koninkrijk der Nederlanden en Koninkrijk Sardinië-Piemont.
Legitimiteit van de vorstelijke macht (Ancien Régime).
Solidariteit: wederzijdse bescherming van Grote Alliantie (interventierecht).
3. Beslissingen
Oprichting Duitse Bond: 35 staten en 4 vrijsteden. Pruisen en Oostenrijk waren uit op overwicht. Pruisen krijgt 2/5 van Polen (Rusland 3/5) en het Rijnland. Oostenrijk krijgt Galicië. De Duitse Bond werd bestuurd door een Raad onder leiding van de keizer van Oostenrijk. Staten bleven echter zeer zelfstandig.

Engeland denkt enkel aan Balance of Power. Wil enkel haar buitenlandse handel uitbreiden. (zoek de gepaste kaart. Conclusies?).

Frankrijk: afstand der veroverde gebieden, oprichting van eeuwig neutraal blijvend Zwitserland in Zuiden, Koninkrijk der Nederlanden in Oosten. Pruisen krijgt Rijnland en helft van Westfalen. Louis XVIII moet grondwet uitvaardigen en parlement instellen.

Herstel Kerkelijke Staat met Paus aan het hoofd.

Oostenrijk-Hongarije: krijgt Salzburg, Tirol, Galicië, Venetië, Illirische Provincies en Lombardije.

Pruisen: werd een buurland van Frankrijk. Door inlijving van Rijnland (oa Ruhrgebied) en Saarland controle over ijzererts en steenkool.

Rusland: wordt grootste Europese macht. Krijgt Finland, Bessarabië (nu Moldavië-Oekraïne) van het Ottomaanse Rijk en het G.H. Warschau.
afschaffing slavernij

oprichting Heilige Alliantie (Pruisen, Oostenrijk, Rusland).

vrije scheepvaart op de Internationale Wateren.
2. De liberale idee in de 19de eeuw
1. grondslagen en kenmerken
liberalisme ontstaan uit Verlichtingsidealen van de 18de eeuw. (Locke, Rousseau, Jefferson, Montesquieu, ...).
nadruk op vrijheid, gelijkheid en vooruitgang.
diverse liberale ideologieën.
opsplitsing economisch liberalisme en politiek liberalisme:

economisch liberalisme (Adam Smith):
privé-initiatief
vrije concurrentie
specialisatie (internationale handel door kostenverschillen leidt tot meer welvaart)
streven naar winst en vergroten persoonlijk bezit.

noodzaak om bepaalde zaken op politiek niveau te veranderen (Combination Act, Navigation Act,...).
politiek liberalisme:
persoonlijke vrijheid, vrijheid van geloof en meningsuiting.
scheiding Kerk / Staat
burgerlijke democratie - volksvertegenwoordiging - regering - parlement

sociale gelijkheid was echter niet de grootste bekommernis.
- gematigd liberalisme vs radicaal liberalisme: schema boek p. 12
- belangrijke theoretici over het liberalisme:
John Stuart Mill
Adam Smith
Thomas Robert Malthus
David Ricardo
2. de revolutiejaren 1830 - 1848
Naast het liberalisme staat ook het socialisme op hervormingen: zij willen nog een stap verder gaan dan de liberalen: het privé-bezit van de productiemiddelen afschaffen, de verschillen tussen arm en rijk opheffen (In FR: Babouvisme-Graccus Babeuf).
Ook de nationalisten zijn mistevreden met de restauratie. Het Congres van Wenen had immers geen rekening gehouden met het principe van 'zelfbeschikkingsrecht der Volkeren'. Dit hield in dat ieder volk recht moet hebben op een eigen staat.
1e golf (1820-1823):

Liberale opstanden in Spanje, Napels, Piëmont maar bloedig onderdrukt door de Heilige Alliantie.

In Latijns-Amerika zijn er eveneens een hele reeks opstanden, die wel lukken, mede dankzij de Monroe-doctrine.
2de golf (1830-1848):
Juli-revolutie van 1830:
In Frankrijk, komt er reactie op de reactionaire, ultramontaanse koning Karel X (opvolger Louis XVIII), die eigenlijk terug wil naar het Ancien Régime. Hij vaardigt enkele ordonnanties uit: perscensuur, ontbinden parlement, zeer hoog cijnskiesrecht.
liberale burgerij verloor macht ten voordele van de rijke adel. De Franse revolutie leek een maat voor niets geweest.
Maar dan komen revolutionaire arbeiders en studenten in opstand, zij wilden een democratische republiek. De liberale burgerij ging echter met de vruchten van de revolutie lopen: zij was tevreden met een parlementaire monarchie (onder burgerkoning Louis Philippe D' Orléans) die haar macht verzekerde en verdere revolutionaire krachten onderdrukte.
"Als het regent in Parijs, dan druppelt het in Europa"
= De juli-revolutie in Parijs werkt aanstekelijk in andere landen: In de Duitse bond werd zeer kordaat ingegrepen door Metternich, In "Congres-Polen" mislukte de liberale opstand. In het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden was de opstand echter wel succesvol (zie verder).
Februari-revolutie van 1848:
Situatie:
rijke burgerij had alle macht.
beginnende industrialisatie was geen verbetering voor de arbeiders: veel werkloosheid en de lonen daalden.
De eerste socialistische denkers werden gestopt door de perscensuur. De minder rijke burgerij werd tegengehouden door hoge kiescijns.
1846 en 1847: misoogsten met grote gevolgen.
Sociale hervormingen en een hervorming van het kiesrecht dringden zich op. Regeringleider Guizot en koning Louis Philippe weigerden dit echter! Gevolg : opstand door studenten en arbeiders die uitmondde in een revolutie.
Koning vluchtte naar Engeland en de Tweede Republiek werd een feit.
arbeiders verkregen enkele sociale maatregelen (verkorting arbeidsduur) maar geen deelname in de politieke macht. Het bleef onrustig en de rijke, hogere, liberale burgerij greep in en stuurde het leger. Louis Napoleon pleegde een coup met de steun van het leger, de burgerij en de boeren op het Franse platteland. In 1852 werd hij keizer Napoleon III.
De Colonne de Juillet in Parijs. De gedenkzuil werd op het plein gebouwd in 1833 en staat symbool voor de slachtoffers van de julirevolutie in 1830 en de opstand van 22 februari 1848.
Nieuwe revolutie in Egypte: Leger zet president Morsi af
"80.000 doden sinds begin van Syrische revolutie''
Tunesië : De lange weg van de Jasmijnrevolutie
Libië viert begin revolutie
Oorlog in Irak: controle over olie!
Opdracht: teken een tijdslijn met de belangrijkste periodes uit deze les:

- Franse revolutie
- Napoleon I aan de macht
- Congres van Wenen
- Napoleon I verslagen te Waterloo
- Heilige Alliantie
- Restauratieperiode

Gebruik volgende jaartallen:

1815 tot 1825, 1799, 1815 tot 1848, 1789, 1815, 1814 tot 1815

Full transcript