Loading presentation...

Present Remotely

Send the link below via email or IM

Copy

Present to your audience

Start remote presentation

  • Invited audience members will follow you as you navigate and present
  • People invited to a presentation do not need a Prezi account
  • This link expires 10 minutes after you close the presentation
  • A maximum of 30 users can follow your presentation
  • Learn more about this feature in our knowledge base article

Do you really want to delete this prezi?

Neither you, nor the coeditors you shared it with will be able to recover it again.

DeleteCancel

Make your likes visible on Facebook?

Connect your Facebook account to Prezi and let your likes appear on your timeline.
You can change this under Settings & Account at any time.

No, thanks

GS Examentraining 6A

No description
by

Wouter Meijer

on 5 April 2016

Comments (0)

Please log in to add your comment.

Report abuse

Transcript of GS Examentraining 6A

Hoe beantwoord ik een GS vraag op mijn examen?
Vooraf: SOBB
Antwoord opschrijven
Achteraf
Bij dit soort vragen moet je vaak:
twee begrippen/gebeurtenissen met elkaar in verband brengen,
(deze twee zaken staan bijna altijd in de vraag en heb je als het goed is onderstreept, één van de twee kan ook een bron zijn).
verschillende soorten oorzaken en gevolgen onderscheiden.

Hoe antwoord je?
omschrijf elk(e) begrip/gebeurtenis.
schrijf een concluderende slotzin waarin je het verband toelicht of waarin je uitlegt waarom er sprake is van bijv. een directe/indirecte oorzaak.
Bij dit soort vragen moet je vaak:

nieuwe informatie (bijvoorbeeld uit een bron) koppelen aan kennis die je al hebt
(de kennis waaraan je de nieuwe informatie moet koppelen staat vrijwel altijd in de vraag en heb je als het goed is onderstreept).

Hoe antwoord je?
omschrijf elk van de stukjes informatie die je aan elkaar moet verbinden apart.
schrijf een concluderende slotzin, waarin je het verband benoemt.
Bij dit soort vragen moet je vaak:
beredeneren of een bron of een gegeven betrouwbaar is.

Om extra informatie over de bron te krijgen stel je je zelf de volgende vragen:
Wat voor soort bron is het?
Wanneer is de bron gemaakt?
Wat is de functie/culturele achtergrond/bedoeling van de maker?
Voor welk publiek is de bron bedoeld?
Is er sprake van feiten of meningen?

Argumenten
voor
betrouwbaarheid van een bron...
een objectieve (niet partijdige) instantie heeft de bron uitgevaardigd.
de bron gaat over dezelfde tijd als de tijd waarin het geschreven/gemaakt is.
de maker weet door zijn functie/achtergrond veel van het onderwerp
Argumenten
tegen
betrouwbaarheid van een bron...
de bron is gemaakt door een van de strijdende partijen.
de bron is veel later gemaakt dan de tijd waarover de bron gaat.
de informatie is niet meer te controleren.
de bron is bedoeld om het publiek een bepaalde mening op te leggen (propaganda)

Hoe antwoord je?
Deze bron is wel/niet betrouwbaar want... een van bovenstaande regels.
Bij dit soort vragen moet je vaak:
Een verklaring geven voor de mening van een persoon. Daarbij houdt je rekening met de tijd en plaats waar(in) iemand leefde en bijv. politieke of culturele achtergrond en de normen en waarden die daarin heersen
(met andere woorden: wat iemand ergens van vindt, uitgedrukt in een bron, hangt nauw samen met de cultuur/periode waarin hij/zij is opgegroeid of leeft).

Hoe antwoord je?
Geef een omschrijving van de plaats/tijd/achtergrond van de persoon in de vraag
Koppel die plaats/tijd/achtergrond aan de mening van de persoon in de vraag
BRONNEN ALGEMEEN:
Een bron kan bij alle soorten vragen voorkomen. Als je een bron moet gebruiken bij een begrijp-vraag, dan moet je vaak iets uit de bron gebruiken en vergelijken met bijvoorbeeld een term, begrip of andere bron. Eigenlijk dus een vraag over een verband waarvan de bron een onderdeel is.

Als je een element van een bron gebruikt doe je dat altijd in twee stappen:
Stap 1:
verwijs duidelijk naar het element in de bron dat je gebruikt; een stukje van de afbeelding, cijfers uit een grafiek of een bepaald stukje tekst (geef dan een citaat).
Stap 2:
leg uit wat dit element betekent. Bijv: deze cijfers geven duidelijk een afname aan van... of in deze uitspraak is te herkennen dat het regime totale controle wil over het denken en doen van haar bevolking, wat kenmerkend is voor een totalitaire ideologie.
1.

S
OORT: Wat voor soort vraag wordt er gesteld?
a. Kennis-vraag 1
: te herkennen aan: wanneer was, wat was de, noem, geef de naam... (w-vraag)
Resultaat: kort antwoord.
b. Kennis-vraag 2:
Begrip beschrijven
Resultaat: kort antwoord, categoriseer -> omschrijf -> voorbeeld
c. Voorbeeld-vraag
: Geef een voorbeeld van...
Resultaat: hierbij moet je altijd een historische gebeurtenis, persoon,periode noemen, iets noemen uit het verleden.
d. Chronologie-vraag
: Zet in de juiste volgorde.
Resultaat: (meestal) alleen de volgorde of verbindigen opschrijven. Tip: begin met de gebeurtenissen die je wel weet op de goede volgorde te zetten, en vervolgens de twijfel-gevallen er later tussen zetten.
e. Begrijp-vraag
: te herkennen aan: -Beredeneer... -Leg uit... -Toon aan... -Bewijs... - Geef argument...
Resultaat: Dit is een uitlegvraag waarbij je meestal meerdere stukjes kennis met elkaar moet combineren om een antwoord te geven. Er zijn verschillende soorten begrijp-vragen en antwoorden op deze vragen zijn bijna nooit letterlijk in de tekst terug te vinden.

2.

O
NDERDELEN: Uit hoeveel onderdelen bestaat de vraag?
Als een vraag meerdere onderdelen bevat is het handig om je antwoord ook in meerder delen te splitsen, doe dit ook visueel op je blaadje door bijvoorbeeld streepjes in de kantlijn te plaatsen bij elk vraagonderdeel.

3.

B
EGRIPPEN: Welke begrippen/elementen komen in de vraag voor?
Onderstreep voor jezelf eventueel welke je in de vraag tegenkomt.
Alle begrippen/elementen die in de vraag staan komen altijd terug in het antwoord dat je moet geven(!)

4.

B
RON: Moet ik een bron gebruiken?
Als je een bron moet gebruiken dan moet je goed kijken of je in je antwoord hebt verwezen naar de bron.
Een bron kan je bij elk soort vraag tegenkomen, van simpele kennisvraag tot moeilijke begrijpvraag
SOORTEN BEGRIJP-VRAGEN
Stap 1:
Begin altijd met het herhalen van een gedeelte van de vraag
vb: Wat is je favoriete auto? Mijn favoriete auto is een...

Stap 2:
Op basis van wat voor
soort vraag
het is, doorloop je de daarbij horende stappen.

Stap 3:
Laat alle begrippen van de vraag in je antwoord terugkomen.

Stap 4:
Beantwoord alle onderdelen van de vraag.

Stap 5:
Schrijf een concluderende slotzin.
Doe altijd een korte check:
Ben je met een goede
startzin
begonnen?
Klopt je antwoord bij het
soort
vraag?
Heb je alle
begrippen
uit de vraag terug laten komen in je antwoord?
Check of je alle
vraagelementen

of

onderdelen
in je antwoord terug hebt laten komen.
Eindig je met een concluderende goede
slotzin
?
Herkennen
Betrouwbaarheid
MOEILIJKE VRAGEN
(vaardigheden)
In 3 stappen
MAKKELIJKERE VRAGEN
MOEILIJKE VRAGEN
Representativiteit
Onderzoek
Standplaatsgebondenheid
Oorzaak/gevolg
Verandering/continuïteit
Tijd
Bij dit soort vragen moet je bijvoorbeeld:
de inhoud van een bron dateren door te bepalen of de inhoud vóór of na een bepaald(e) jaar/gebeurtenis plaatsvond

Hoe antwoord je?
licht het jaar/de gebeurtenis toe
benoem wat je in de bron leest/ziet
sluit af met een concluderende zin waar je die twee elementen verbindt
Bij dit soort vragen moet je vaak:

beredeneren of er sprake is van verandering of continuïteit, soms met een argument voor en een argument tegen
(dit soort vragen zijn altijd gekoppeld aan een of meerdere gebeurtenissen en/of een bron).

Hoe antwoord je?
licht de informatie in de bron/gebeurtenis(sen) gebeurtenis toe.
leg uit waarom er sprake is van verandering of continuïteit (hoe was het eerst, hoe is het nu).
schrijf (eventueel) een concluderende slotzin.
Bij dit soort vragen moet je vaak:

beredeneren of een bepaalde bron geschikt is om een onderzoeksvraag te beantwoorden
(meestal moet je bij dit soort vragen argumenten gebruiken die te maken hebben met de betrouwbaarheid van de bron).

Hoe antwoord je?
verwijs duidelijk naar het element in de bron dat je gebruikt; een stukje van de afbeelding, cijfers uit een grafiek, een bepaald stukje tekst
(kan ook de toelichting bij een afbeelding zijn)
.
leg uit waarom dit element de bron geschikter of ongeschikter maakt om de onderzoeksvraag te beantwoorden.
Bij dit soort vragen moet je vaak:
beredeneren of een bron of een gegeven representatief is.

Om extra informatie over de bron te krijgen stel je jezelf de volgende vragen:
In hoeverre geldt dit voor meer mensen en meer situaties?

Argumenten
voor
representativiteit van een bron...
de informatie in de bron wordt breed gedragen of geldt voor meer mensen in meer situaties.
Argumenten
tegen
representativiteit van een bron...
de informatie in de bron geldt slechts voor één persoon/één situatie, wordt niet breed gedragen
het is onduidelijk of de informatie voor meer situaties geldt

Hoe antwoord je?
Deze bron is wel/niet represenatief want... een van bovenstaande regels.
Zo'n soort vraag is vaak:
een combinatie van een aantal eerdergenoemde categorieën. Je moet dan bijvoorbeeld bepaalde kennis laten zien, maar ook een verband leggen en een uitspraak doen over de bruikbaarheid/betrouwbaarheid van een bron.

Let dus extra goed op:
uit hoeveel onderdelen de vraag bestaat
uit wat voor soort onderdelen de vraag bestaat
welke verbanden je moet leggen

Hoe antwoord je?
Herhaal bij elk onderdeel de vraag in je antwoord en wees volledig in je antwoord. Schrijf eventueel ook een concluderende slotzin.
Complexe vragen
wat en hoe?
Voordat je begint:
TIPS
Bekijk eerst het hele examen voordat je gaat schrijven
zo kun je inschatten welke vragen je meer en welke vragen je minder tijd zullen kosten
ook kun je (bijv. op een kladblaadje) bij een aantal vragen alvast wat kennis (kenmerkende aspecten) opschrijven die bij de vraag past, dan is dat alvast uit je hoofd
Bepaal zelf de volgorde waarin je werkt
begin bijvoorbeeld met de vragen die je meteen weet en dus snel kunt beantwoorden
Neem halverwege een korte pauze
eet wat, drink wat, kijk even rond, ga even naar de wc
Oefenvragen HC Duitsland en Koude Oorlog
Full transcript