Loading presentation...

Present Remotely

Send the link below via email or IM

Copy

Present to your audience

Start remote presentation

  • Invited audience members will follow you as you navigate and present
  • People invited to a presentation do not need a Prezi account
  • This link expires 10 minutes after you close the presentation
  • A maximum of 30 users can follow your presentation
  • Learn more about this feature in our knowledge base article

Do you really want to delete this prezi?

Neither you, nor the coeditors you shared it with will be able to recover it again.

DeleteCancel

Make your likes visible on Facebook?

Connect your Facebook account to Prezi and let your likes appear on your timeline.
You can change this under Settings & Account at any time.

No, thanks

warmtetransport en transmissieverlies

No description
by

Astrid van Senten

on 3 February 2016

Comments (0)

Please log in to add your comment.

Report abuse

Transcript of warmtetransport en transmissieverlies

warmte weerstand
van baksteen,
spouw en isolatie
R-waarde
warmte weerstand
van glas
uitgedrukt in (m2.k)/W

warmtegeleidingscoefficient

(lambda-waarde )

warmteweerstand

(R-waarde)



warmtedoorgangscoefficient

(U-waarde)


transmissieverlies
Hoeveel weerstand biedt het
materiaal, bij het doorgeven
van de warmtestroom.
materiaal
muur (steens)
waarde = 0,48
luchtspouw
waarde = 0,17
isolatie
waarde = 0,06
+
+
+
dikte 10 cm
dikte 10 cm
muur (steens)
waarde = 0,48
dikte 10 cm
= 4,8 w/(m2.k)
= 4,8
= 1,66
= 0,41
dikte 7 cm
totaal Rc = 11,88
muur (steens)
waarde = 0,48
dikte 10 cm
muur (steens)
waarde = 0,48
dikte 10 cm
luchtspouw
waarde = 0,17
dikte 7 cm
+
+
= 4,8
= 4,8
= 0,41
totaal Rc = 10,28
dubbel glas
U-waarde = 3,6 w/(m2.k)
4,8 =
0,41 =
1,66 =
4,8 =
totaal Rc = 11,88 (m2.k)/W
1
11,88 + 0,13 + 0,04
=
0,083 W/(m2.k)
αVoor de correctiefactor a gelden de onderstaande waarden.

(1) Indien het onderdeel isolatielaag bevat die aan weerszijden wordt begrens door een luchtlaag
van meer dan 5 mm dikte, tenzij er voorzieningen zijn getroffen om convectie te voorkomen. 1.0
(2) Indien het onder (1) gestelde niet van toepassing is en als isolatiemateriaal uitsluitend cellulair
glas is toegepast. 0
(3) Indien noch het onder (1) noch het onder (2) gestelde van toepassing is, maar het onderdeel
afgezien van eventuele afwerklagen (waaronder buitenspouwbladen) - onder
geconditioneerde en beheerste omstandigheiden wordt vervaardigd. 0,02
(4) In alle overige gevallen 0,05
Constructie onderdeel
Rsi Rse
Wand grenzend aan buitenlucht, bijvoorbeeld spouwmuur 0,13 0,04
Wand grenzend aan water / grond, bijvoorbeeld kelder 0,13 0
Binnenwanden (geen garages) 0,13 0,13

Vloeren boven buitenlucht, warmtestroming naar beneden, bijvoorbeeld uitkragend bouwwerk 0,17 0,04
Vloeren boven onverwarmde ruimtes of kruipruimtes, warmtestroming naar beneden 0,17 0,17
Vloeren boven onverwarmde ruimtes, warmtestroming omhoog 0,1 0,1
Verdiepingsvloeren tussen verwarmde bouwlagen 0,13 0,13

Daken met een hellingshoek van meer dan 75 graden 0,13 0,04
Daken met een hellingshoek gelijk aan of groter dan 0 graden en kleiner dan of gelijk aan 75 graden
(hellende daken, platte daken, omkeerdaken) 0,1 0,04

Vloer grenzend aan water / grond 0,17 0
NEN 1086 voegt een correctiefactor toe voor convectie en onnauwkeurigheden in de uitvoering.
+
stuclaag
dikte 10 cm
waarde = 0,48
= 0,21
stuclaag
dikte 10 cm
waarde = 0,48
+
= 0,21
warmtegeleidings
coefficienten van
bouwmaterialen
0,21 =
weerstand materiaal = dikte materiaal
warmtegeleidingscoefficient
weerstand constructie = som van weerstanden alle materialen
koudeval
Echter,
de warmtestroom op een constructie wisselt constant. Denk hierbij aan de zon, windkracht, invloed van dag en nacht en vocht invloeden.
Wanneer lucht langs een koud oppervlak stroomt, heeft dit invloed op de warmte- overdracht op dit oppervlak. Als de stroming toeneemt, neemt de warmteoverdracht af.
binnen
(Ri )
buiten
(Re )
interieur
exterieur
Lucht
Bij constructies lucht/lucht, bij gelijke temperatuur, zonder luchtstroming, vindt alleen een warmtestroom loodrecht op de constructie plaats.
Lucht
20 gr.C.
20 gr.C.
Door de wisselende omstandigheden, binnen en buiten, zal de constructie warmte opnemen en/of afgeven. Dit noemen we accumulatie, het accumulerend vermogen van een constructie. Hierdoor veranderd constant het temperatuurprofiel in de constructie. We gebruiken gemiddelde waarden om de uiteindelijke U-waarde, de warmtedoorgangscoefficient te kunnen bepalen.
binnen
(Ri )
interieur
Lucht
20 gr.C.
buiten
(Re )
exterieur
Lucht
10 gr.C.

warmtegeleidingscoefficient
(Lambda waarde)
Warmtedoorgangscoefficient
U-waarde

0,04 m2.k/W
0,13 m2.k/W
U-waarde constructie
=
warmteweerstand
(R-waarde)

baksteen
isolatie
luchtspouw
baksteen
stucwerk
http://www.ekbouwadvies.nl/
tabellen/lambdamaterialen.asp
warmteoverdracht
naar een constructie
Warmteoverdracht in een constructie
warmteoverdracht
naar een constructie
Ieder materiaal heeft een warmtegeleidingscoefficient,
de lambda-waarde, . Deze waarde geeft aan, hoeveel warmte er stroomt door materiaal met een oppervlak van 1 m2, een dikte van 1 mtr en bij een temperatuurverschil van 1 K. Uitgedrukt in W/(m2.K).
of conductie
isso publicatie 60
NEN 1068, NPR 2068
?
Als de lambda waarde van
een materiaal hoog is,
wat kun je dan zeggen over
de isolatiewaarde ?
De lambda waarde is nodig voor het bepalen van de warmteweerstand van een materiaal of een constructie. Rm-waarde of Rc-waarde.
De waarde kan op verschillende manieren gegeven worden. Bijvoorbeeld d, een lambda waarde bepaald in een droge omgeving. Om de Rm of Rc-waarde te kunnen bepalen rekenen we met r.
?
Waarom is de Re- waarde van een buitenmuur lager dan van een binnenmuur ?
?
?
Als de weerstandswaarde
laag is, wat kun je dan zeggen over de isolatiewaarde ?
Verklaar waarom de warmteoverdracht afneemt, als de luchtstroom langs een oppervlak toeneemt.
Om ons behaaglijk te kunnen voelen in een woning of gebouw in de winter, zal er een warmteverliesberekening gemaakt moeten worden. Met de warmteverliesberekening kunnen we bepalen hoeveel warmte er in een woning of gebouw nodig is.

Een warmteverliesberekening is opgebouwd uit 3 delen ;
• transmissiewarmteverlies ( t)
• ventilatiewarmteverlies ( v)
• opwarmtoeslag ( o)

In dit deel gaan we in op de verschillende manieren van warmteoverdracht en het berekenen van het transmissiewarmteverlies.
We voelen ons behaaglijk, als we geen voorkeur hebben voor een koudere of warmere omgeving.
In ons lichaam heerst dan een evenwicht tussen warmteproductie en warmteafgifte.
Als persoon kunnen we rekening houden met ;
de warmteweerstand van de kleding (clo-waarde)
de warmteontwikkeling in ons lichaam (metabolisme).
Bij het binnenklimaat moeten we rekening houden met ;
luchttemperatuur
stralingstemperatuur
luchtsnelheid
luchtvochtigheid
Thermische schaal

-3 koud
-2 koel
-1 enigszins koel
0 neutraal
+1 enigszins warm
+2 warm
+3 heet
De behaaglijkheidvergelijking van Fanger, PMV en PPd
Om een zo optimaal mogelijke
thermische behaaglijkheid te scheppen voor meerdere mensen in hetzelfde binnenklimaat, heeft Fanger een algemene behaaglijkheids- vergelijking opgesteld. Een model welke de warmtehuishouding van gezonde volwassenen simuleert aan de hand van hiernaast genoemde parameters.
Het resultaat van dit model is de voorspelde gemiddelde uitspraak (PMV), waarbij het getal de thermische waardering van een grote groep mensen voorspelt.
Als percentage ontevredenen lager is dan 10 % noemen we een binnenklimaat behaaglijk.
?
Bij welke PMV waarden heerst er een behaaglijk binnenklimaat ?
t = A · U · f · (Ti - Te)
isso
publicatie
51
Het transmissiewarmteverlies is de som van alle warmtestromen door alle vlakken van een ruimte.
Ht = A · U · f [W/K]
t = Ht · (Ti - Te) [W]
t = transmissiewarmteverlies in Watt

A = oppervlak in m2
U = warmtedoorgangscoefficient in w/(m2.k)
f = correctiefactor temperatuurgelaagdheid
Ti = binnentemperatuur
Te = buitentemperatuur
}
De methode voor het bepalen van de buiten-ontwerpcondities voor warmteverliesberekeningen is vastgelegd in NEN-EN-ISO 15927-5. Voor Nederland rekenen wij hiervoor met -10° C.
www.isso-digitaal.nl
NEN 7730 (Fanger)
?
Voldoet de constructie aan de huidige isolatie norm voor nieuwbouw ?
?
Je mag de garage in gebruik nemen, om de komende winter je auto te pimpen. Om dit ook nog eens behaaglijk te kunnen doen, besluit je een radiator te plaatsen. Welke radiator heb je nodig om de gewenste
behaaglijkheid te krijgen, daarbij zo energiezuinig als mogelijk ?
http://www.ekbouwadvies.nl/bouwbesluit/energiezuinigheid/rmrcriu.asp
materiaal
constructie
?
wanneer voelen we ons behaaglijk ?
?
Wat is het verschil in betekenis van
de woorden,
warmtegeleidingscoefficient
warmteweerstand
warmtedoorgangscoefficient ?
?
Wat zou allemaal van invloed kunnen zijn op het warmtetransmissieverlies van een garage ?
reken
Voor een constructie grenzend aan buitenlucht geldt:
1
U = Re + Rc + Ri

Voor een constructie grenzend aan binnenlucht geldt:
 1
U = Ri + Rc + Ri
TRANSMISSIE
WARMTEVERLIES

WARMTEVERLIES INFILTRATIE
EN VENTILATIE

Warmteverlies door
infiltratie.
Het binnendringen van koudere lucht door kieren langs deuren en ramen en de luchtdoorlaatbaarheid van gebouw

Warmteverlies door
ventilatie.

De ventilatie eisen in het bouwbesluit geven aan hoeveel en welke ruimten er geventileerd dienen te worden.
Hoeveel ventilatiewarmteverlies er wordt berekend is afhankelijk van het ventilatiesysteem.
H
i
= A . qi. (p.C) . fv
p.C = 1,2 kg/m x 1000 J/(Kg.K)
= 1200 J/m .K
3
3
dichtheid en warmteinhoud lucht
qi wordt bepaald door geldende eisen bouwbesluit
fv = temperatuurcorrectie volgens isso publicatie 51
= qv. (p.C) . fv
H
v
qv wordt bepaald door eisen bouwbesluit
Ventilatie verlies
Infiltratieverlies
TOTAAL WARMTEVERLIES BUITENLUCHT
v = als
vent
vent
GROTER is dan
i
i
= als
i
i
vent
bij
natuurlijke
toevoer van ventilatielucht
bij
mechanische
toevoer van ventilatielucht
V = +
vent
i
GROTER is dan
Full transcript