Loading presentation...

Present Remotely

Send the link below via email or IM

Copy

Present to your audience

Start remote presentation

  • Invited audience members will follow you as you navigate and present
  • People invited to a presentation do not need a Prezi account
  • This link expires 10 minutes after you close the presentation
  • A maximum of 30 users can follow your presentation
  • Learn more about this feature in our knowledge base article

Do you really want to delete this prezi?

Neither you, nor the coeditors you shared it with will be able to recover it again.

DeleteCancel

Make your likes visible on Facebook?

Connect your Facebook account to Prezi and let your likes appear on your timeline.
You can change this under Settings & Account at any time.

No, thanks

Aristoteles

No description
by

Puck Frickel

on 15 January 2015

Comments (0)

Please log in to add your comment.

Report abuse

Transcript of Aristoteles

Aristoteles
Lucca Hesp & Puck Frickel
LD 30. Leg uit dat de mens volgens Aristoteles zich in een permanente beweging van ontwikkeling, groei en vervolmaking bevindt, en gebruik hierbij de aristotelische begripppen dynamis, energeia, en telos. Geef ook aan waar volgens Aristoteles het menselijke geluk in bestaat.

Aristoteles ziet dat mensen zich altijd ontwikkelen. Wanneer je in gunstige omstandigheden zit dan ontwikkel je je beter. Ook is hij van mening dat mensen nooit volmaakt zijn. Maar je bent op weg, je probeert steeds nieuwe mogelijkheden, je leert nieuwe vaardigheden, ontdekt en verfijnt je talenten. Zo streef je naar optimale ontplooiing. We zitten altijd tussen het beginpunt van ontwikkeling en volledige verwerkelijking in. Volgens Aristoteles ben je gelukkig wanneer je weet te verwezenlijken waar je aanleg voor hebt. Aristoteles zag ook in dat er in dit ontwikkelingsproces van alles mis kan gaan.
Aristoteles gaf het beginpunt de naam dynamis, de volledige verwerkelijking energeia en de vervolmaking en verwezenlijking of het doel telos.

31. Leg uit welke twee factoren spelen er volgens Aristoteles een cruciale rol in het bereiken van de telos.

De twee factoren die een belangrijke rol spelen bij het bereiken van de telos zijn:
1. Paideia, paideia staat voor de ontwikkeling, de opvoeding en het leren.
2. De omstandigheden waarin een persoon opgroeit. In elk mens en kind gaat een telos schuil. Het kind heeft als het ware de taak om de telos optimaal te ontplooien als het een volwassen persoon is. Dit kan echter alleen wanneer het kind in gunstige omstandigheden opgroeit.

32. Beargumenteer met behulp van het aristotelische begrip entelecheia dat de telos bij de mens niet hetzelfde is als een eindpunt.


De telos is het doel wat je hebt, om je aanleg tot volledige ontplooiing te laten komen. Maar omdat dat je doel is, stuurt het je ook om dat doel te bereiken. Het is dus niet een eindpunt, een punt aan het einde van een lijn. Maar iets wat zich langs de lijn continu ontwikkelt. Het proces van het bereiken van die ontplooiing noemen we de entelecheia.

33. Leg uit hoe Aristoteles de hoofdvraag van de filosofische antropologie zou formuleren.


De filosofische hoofdvraag van de antropologie luidt als volgt: ‘Wat maakt ons tot mensen?’ of ‘Wat is de essentie van de mens?’
Aristoteles formuleert dit zo ‘Waar is een optimaal mens-zijn of een geslaagd (gelukt) menselijk leven in gelegen?’
Onze ijsbreker
34. Leg uit waarom vanuit aristotelisch perspectief de antropologie nauw is verbonden met de ethiek en de politieke filosofie.

Geluk is volgens Aristoteles het hoogste doel en dus de telos van het mens-zijn. Handelen en samenleven (ethiek en politieke filosofie) gaan ook over de mens en het streven naar geluk. Ethiek omdat, daarin wordt beschreven waarin geluk bestaat. Politieke filosofie omdat, daar de voorwaarden worden uitgewerkt, waaronder dit geluk, een goed menselijk leven, werkelijkheid kan worden. En daarmee is de relatie tussen het aristotelisch perspectief en de antropologie gelegd.
35.Geef de twee klassieke aristotelische definities van de mens en licht elke definitie kort toe. Beargumenteer tevens dat de tweede definitie voortvloeit uit de eerste.

Aristoteles heeft twee definities over het mens-zijn:
1. Zoion logon echon (latijn = animal rationale), dit betekent dat Aristoteles vindt dat de mens zich onderscheidt door het denken. Daardoor kan het denken (logos) optimaal gebruikt worden in het leven.
2. Zoion politikon, hij vindt dat de mens een sociaal dier is dat in de juiste sociale (gezin) en politieke (staat) omstandigheden tot het bereiken van de telos kan komen. Daarmee wordt duidelijk dat de mens anderen nodig heeft om te worden wie we in aanleg zijn en om ons te ontplooien.

Zoion politikon komt voort uit zoion logon echon omdat een leven waarin de logos zich ten volle kan ontplooien, alleen te realiseren is voor die mens die zich ook als politiek dier optimaal ontwikkelt.

36.Geef aan waarom de mens volgens Aristoteles het geluk bereikt wanneer de nous (de geest) actief is, en beargumenteer daarna wat deze werkzaamheid precies inhoudt.

Volgens Aristoteles is optimaal mens-zijn dat wat de mens door het verwerkelijken van zijn natuurlijke vermogens realiseert. Volgens Aristoteles ben je dan gelukkig/ bereik je geluk. Dus als de nous actief is, bereikt volgens Aristoteles de mens zijn optimale mens-zijn. Want de nous is datgene wat de mens het meest typeert en streeft naar het waarmaken van menselijke vermogens. Nous leidt dus tot de hoogste kennis bij mensen. Omdat dan alle vermogens van de mens gerealiseerd worden en hij volgens Aristoteles gelukkig is. De nous is dus het bijzondere vermogen van de ziel; de geest.
37.Leg uit wat (de bioloog) Aristoteles bedoelt met de opvatting dat de nous primair gezien moet worden als een van de vermogens van een organisme met verschillende functies die samen de ziel van een levend wezen vormen. Beargumenteer daarna dat je met de vier onderscheiden organische vermogens (dus met vier zielssoorten) de verschillen en overeenkomsten tussen plant, dier en mens kunt bepalen

De nous stuurt, als het bijzondere vermogen van de ziel, alle vermogens van de mens aan. De nous is hiermee dus primair en gaat vooraf aan het realiseren van de vier vermogens. De vier organische vermogens zijn samen de menselijke vermogens. Verschillende soorten organismen, zoals planten en dieren, beschikken over minder vermogens. Er is een soort piramide waarbij bij het laagste vermogen (voedsel opnemen) alle drie de soorten organismen goed functioneren. Dat neemt echter af wanneer de moeilijkheid van het vermogen toeneemt. Daarin zit wel een overeenkomst tussen alle soorten onderin de piramide en beschikt de mens als enige soort, volgens Aristoteles, over het vermogen tot denken.
Aristoteles ziet alle levende wezens als organismen die streven naar verwerkelijking van hun beschikbare vermogens. En afhankelijk van het soort organismen bezit het dus bepaalde vermogens. Zo onderscheidt hij plant, dier en mens:
Het vermogen voedsel op te nemen --> alle organismen
Het vermogen waar te nemen --> mens en dier
Het vermogen zich te bewegen --> mens en dier
Het vermogen te denken --> mensen
In het realiseren van al deze vermogens gebruikt de mens de nous als een
bijzonder vermogen van de ziel.
Slot: het belangrijkste van deze paragraaf
Wat je moet weten om leerdoel 30 te begrijpen
Taakverdeling
Puck

Lucca
Inhoud presentatie

- Leerdoelen & informatie om de stof te begrijpen
- Slot

vragen mogen de hele presentatie gesteld worden
dynamis:
Aristoteles gaf het
beginpunt

van de optimale ontplooiing van je aanleg, de naam dynamis

energeia:
Aristoteles gaf de
volledige verwerkelijking
van de optimale ontplooiing van je aanleg, de naam energeia.

telos:
Aristoteles gaf
het doel, de vervolmaking, de verwezenlijking
van je aanleg de naam telos. Volgens hem heeft alles een telos. En als je deze telos bereikt, ben je volgens hem gelukkig.
Wat je moet weten om leerdoel 32 te begrijpen
Aristoteles
- 384 v.Chr. - 322 v.Chr.
- Leerling Plato
- Docent
- Karel de Grote
"Elk ding heeft zijn uiteindelijke bestemming en ligt niet stil voor het die het bereikt heeft"
Het vermogen voedsel op te nemen
Het vermogen waar te nemen
Het vermogen zich te bewegen
Het vermogen te denken
Mens
Mens & dier
Mens & dier
Alle organismen
Een voorbeeld om het duidelijk te maken: je hebt een eikel, deze eikel heeft een telos (een doel) om een eikeboom te worden, wat nog ontwikkelt/verwezenlijkt moet worden. De ontwikkeling naar het worden van die eikeboom toe heet de entelecheia, entelecheia is dus het hele proces richting het doel/het proces van de ontplooing, in dit geval het proces van de eikel die een eikeboom wordt.

De telos is dus het doel, de volmaking van de aanleg die je ergens voor hebt. En volgens Aristoteles heeft alles een telos. Maar een telos is niet alleen een eindpunt: je wil het doel, dus de telos bereiken, en daardoor stuurt deze telos je dus ook. Het is een soort vlammetje in je die steeds brandt, waardoor jij ernaar streeft het doel te bereiken. VB: jij wil je wiskundeproefwerk goed maken, dat is je doel. Maar doordat dat je doel is stuurt het je ook, je wilt het goed maken dus ga je goed leren. Entelecheia is het proces van die hele ontwikkeling.
31 30
32 33
34 36
35 37

een paar citaten
- ' je hebt een beetje geluk nodig om gelukkig te worden '
- ' het doel van de oorlog is vrede '
- ' vriendschap is één ziel in 2 lichamen '
dynamis, energeia, telos, entelecheia
2 definities van het mens-zijn: zoion logon echon
zoion politikon

Bijzonder vermogen van de ziel: nous
De vermogens van organismen:
-
Het vermogen voedsel op te nemen --> alle organismen
- Het vermogen waar te nemen --> mens en dier
- Het vermogen zich te bewegen --> mens en dier
- Het vermogen te denken --> mensen
Full transcript