Loading presentation...

Present Remotely

Send the link below via email or IM

Copy

Present to your audience

Start remote presentation

  • Invited audience members will follow you as you navigate and present
  • People invited to a presentation do not need a Prezi account
  • This link expires 10 minutes after you close the presentation
  • A maximum of 30 users can follow your presentation
  • Learn more about this feature in our knowledge base article

Do you really want to delete this prezi?

Neither you, nor the coeditors you shared it with will be able to recover it again.

DeleteCancel

Hoofdstuk 11 en 12 uit Brain and Behavior

No description
by

Maureen Rademakers

on 19 October 2016

Comments (0)

Please log in to add your comment.

Report abuse

Transcript of Hoofdstuk 11 en 12 uit Brain and Behavior

1) Wat zijn 'organiserende effecten' van geslachtsorganen? Gedurende welke twee fases in de menselijke ontwikkeling vinden deze normaal gesproken plaats?
Organiserende effecten
Kort voor en kort na de geboorte


Puberteit
2) Welke geslachtskenmerken krijgt een zoogdier dat tijdens de daarvoor kritische periode blootgesteld is aan grote hoeveelheden andro- en estrogenen? En welke als het gaat om lage hoeveelheden van beide hormoonsoorten?
4) Leg uit hoe emoties onbewust zouden kunnen bijdragen aan het detecteren van gevaar
Veel androgeen en estrogeen
= man

Weinig androgeen en estrogeen = vrouw


Hoofdstuk 11 en 12 uit Brain and Behavior
Sexual Behaviors & Biology of Emotion

3) Welk deel van het lichaam lijkt bij emotie een soortgelijke functie te hebben als het autonome zenuwstelsel? Geef een voorbeeld van een onderzoek dat hier op wijst.
James-Lange theorie (1894)

Strack, Martin, & Stepper (1988)
Experiment!
Theorie klopt!
5) Leg uit hoe emoties kunnen bijdragen aan het nemen van rationele beslissingen. Hoe gaat dit mis bij mensen met beschadigingen in typische 'emotie-gebieden', zoals de amygdala en de ventromediale prefrontale cortex?
Maureen Rademakers en Anne van Rijt
6) Hoe kun je agressief gedrag beïnvloeden via het dieet?
7) Wat zou een meer algemeen effect van serotonine kunnen zijn dat niet alleen agressie maar ook andere eigenschappen kan beïnvloeden?
Vragen?
Hoog serotonine gehalte = minder impulsen

Laag serotonine gehalte = meer impulsen
Goed onderbuikgevoel draagt bij aan het nemen van snelle beslissingen
angst - ontsnappen
boosheid - aanvallen
walging - vermijden
Schade leidt tot verkeerde beslissingen, doordat er niet wordt nagedacht over de consequenties
De neurotransmitter serotonine

Hoog gehalte -> weinig agressie
Laag gehalte -> veel agressie

tryptofaan en phenylalanine

eiwitrijke producten
Full transcript