Loading presentation...

Present Remotely

Send the link below via email or IM

Copy

Present to your audience

Start remote presentation

  • Invited audience members will follow you as you navigate and present
  • People invited to a presentation do not need a Prezi account
  • This link expires 10 minutes after you close the presentation
  • A maximum of 30 users can follow your presentation
  • Learn more about this feature in our knowledge base article

Do you really want to delete this prezi?

Neither you, nor the coeditors you shared it with will be able to recover it again.

DeleteCancel

Make your likes visible on Facebook?

Connect your Facebook account to Prezi and let your likes appear on your timeline.
You can change this under Settings & Account at any time.

No, thanks

Vaardigheid Schrijven Nederlands 3F mbo

No description
by

Jacqueline Molenaar

on 6 May 2014

Comments (0)

Please log in to add your comment.

Report abuse

Transcript of Vaardigheid Schrijven Nederlands 3F mbo

Vaardigheid Schrijven Nederlands 3F mbo
Opdracht Nederlands Schrijven 3F
Wanneer: volgens toetsrooster
Waar: lokaal volgens toetsrooster

Tijdstip: een kwartier vóór aanvang aanwezig

Condities: géén jas, tas of andere zaken mee
dan je schoolpas

Inhoudelijke informatie: ook op BB
->vakken->Nederlands

Criteria: - die hebben we doorgenomen;
* algemene eisen (als duur en hulpmiddelen)
* talige eisen (zoals gebruik van signaalwoorden

Eisen: - die kunnen verschillen per opdracht
- per opdracht staan de eisen vermeld;
* eisen qua vorm
* eisen qua inhoud
* eisen qua doelgroep/publiek
* eisen qua lengte enz.


Beoordelingscriteria:

- Algemeen: je kunt gedetailleerde
teksten schrijven over onderwerpen die een
relatie hebben met:
> je opleiding en/of
> je (toekomstig) beroep en/of
> over maatschappelijke onderwerpen;
denk hierbij aan onderwerpen uit BUCO/LB
(Loopbaan & Burgerschap):
* van sociaal-maatschappelijke aard;
* van politiek-juridische aard;
* vanuit een economische dimensie;
* over vitaal burgerschap




In je gemaakte teksten
kun je informatie en argumenten
uit verschillende bronnen
bijeenbrengen en beoordelen.

Denk hierbij aan je examen Spreken;
ook toen had je (ten minste)
2 doelen:
informeren en overtuigen.
Welke schrijftaken kun je
verwachten :
- correspondentie;
- verslagen;
- werkstukken;
- samenvatting;
- artikelen;
- overige (vrij schrijven e.d.)


Correspondentie
houdt in dat je:
- correcte, doelgerichte
brieven
kunt schrijven
- correcte, doelgericht
e-mails

kunt schrijven,
- in brieven en e-mails
gevoelens genuanceerd
kunt uitdrukken;
- en dat je in brieven en e-mails
standpunten
kunt
onderbouwen
met
argumenten
.

Verslagen, werkstukken,
samenvattingen, artikelen
houden
in dat je:
-
uiteenzettende
,
beschouwende
en
betogende


teksten
kunt schrijven;
- op basis van een
hoofdvraag
een verslag,
werkstuk of artikel kunt schrijven, waarbij een

stelling
wordt uitgewerkt met
argumenten
;
- dat je daarbij ook
argumenten voor of tegen
deze
stelling kunt verwoorden;
- en dat je de
voor- en nadelen
van verschillende
keuzes kunt uitleggen;
- ook houdt het in dat je informatie uit

verschillende bronnen
in één tekst
samenvoegen tot
één
samenhangend geheel
.


Overige schrijftaken
houden in dat je:

- over allerlei onderwerpen
belangrijke informatie kunt verwoorden
;
- over allerlei onderwerpen informatie kunt

doorgeven aan anderen
;
-
aantekeningen
kunt maken van een goed
gestructureerd verhaal;
- je gemaakte aantekeningen een
goede, kloppende
samenvatting
opleveren van het oorspronkelijke
verhaal.
Het kan hierbij ook over een recensie gaan van een boek of een film: houd daar rekening mee.
Kenmerken van de taak:
1. samenhang;
2. afstemming op het publiek;
3. afstemming op het doel;
4. woordgebruik en woordenschat;
5. spelling, interpunctie en grammatica;
6. leesbaarheid.



Samenhang
houdt in dat je:

- een
logische
en
consequente gedachtelijn
aanbrengen in je tekst kunt aanbrengen;
- wanneer je hier en daar afdwaalt van de hoofdlijn, dat
niet hinderlijk
is voor de lezer;
- in jouw teksten
tekstverbanden
als
*
oorzaak-gevolg
,
*
voor- en nadelen
,
*
overeenkomst en vergelijking
duidelijk en zichtbaar zijn;
- door het gebruik van juiste
verwijs- en verbindingswoorden
,
het verband tussen de zinnen en zinsdelen in samengestelde
zinnen duidelijk;
- teksten vormen alle
alinea’s
samen een samenhangend
geheel.



Nog even, voor de zekerheid...

Verbanden en verbindings- en signaalwoorden

 tijd = voordat, nadat, eerst, daarna, wanneer, vroeger, later

 opsomming = en, ook, ten eerste, ten tweede, vervolgens, ten slotte

 tegenstelling = maar, echter, hoewel, toch, daarentegen, staat tegenover

 vergelijking = zoals, zo, evenals, in vergelijking met, soortgelijk(e)

 oorzaak - gevolg = door, doordat, waardoor, te danken aan, zodoende

 doel - middel = om te, daarmee, waarmee, opdat, door middel van

 voorbeeld/toelichting = bijvoorbeeld, een voorbeeld ( hier)van, zo, zoals, ter illustratie

 reden/verklaring/argument = want, omdat, daarom, vanwege, immers, namelijk

 voorwaarde = als, wanneer, mits, tenzij, in (voor) het geval dat

 samenvatting/conclusie =
 samengevat, kortom, dus, al met al, vandaar dat, hieruit volgt




















Afstemming op het
doel
houdt in
dat je:
- teksten met
verschillende schrijfdoelen

kunt schrijven.
- binnen een tekst bewust schrijfdoelen kunt
combineren
:
* informatie vragen en geven,
* mening geven,
* overtuigen en
* tot handelen aanzetten;
- opbouw van je tekst zodanig kunt

aanpassen
dat deze het doel van de tekst

versterkt
.

Afstemming op het
publiek
houdt
in dat je:
- kunt schrijven voor zowel publiek uit de
eigen omgeving
als voor en
algemeen lezerspubliek
(bv. Instanties, media);

- register
consequent
toepast:
taalgebruik

past
binnen de gegeven situatie en is consistent in
toon, doel, genre
.


Woordgebruik en woordenschat

houdt in dat je:
-
variatie
in woordgebruik aanbrengt
om herhaling te voorkomen;

- je woordkeuze
meestal adequaat
is;

- je slechts een
enkele fout
maakt.

Spelling, interpunctie en grammatica
houdt in dat je:
- alles toepast van taalniveau 1F en 2F;
- een betrekkelijk grote beheersing hebt en laat zien
van de grammatica;
- slechts incidentele vergissingen, niet-stelselmatige fouten en kleine onvolkomenheden in de zinsstructuur
nog in jouw schrijfproducten kunnen voorkomen.

Leesbaarheid
houdt in dat je:
- een heldere structuur aan de tekst geeft;
- witregels gebruikt, marges en kopjes;
- en je geeft in een langere tekst een indeling in paragrafen;
- en de lay-out stem je af op doel en publiek.
Tot slot: schrijf origineel...
Woorden...
Vragen?
Succes!
Full transcript