Loading presentation...

Present Remotely

Send the link below via email or IM

Copy

Present to your audience

Start remote presentation

  • Invited audience members will follow you as you navigate and present
  • People invited to a presentation do not need a Prezi account
  • This link expires 10 minutes after you close the presentation
  • A maximum of 30 users can follow your presentation
  • Learn more about this feature in our knowledge base article

Do you really want to delete this prezi?

Neither you, nor the coeditors you shared it with will be able to recover it again.

DeleteCancel

Make your likes visible on Facebook?

Connect your Facebook account to Prezi and let your likes appear on your timeline.
You can change this under Settings & Account at any time.

No, thanks

BT-B Gevorderd en Startbekwaam, Palliatieve zorg

Palliatieve zorg is zorg voor mensen met een ongeneeslijke ziekte in de laatste fase van hun leven.
by

mayke nimberg

on 8 July 2014

Comments (0)

Please log in to add your comment.

Report abuse

Transcript of BT-B Gevorderd en Startbekwaam, Palliatieve zorg

Palliatieve zorg is zorg voor mensen met een ongeneeslijke ziekte in de laatste fase van hun leven.
Palliatieve zorg
Onderdelen van palliatieve zorg
Therminale zorg
Palliatieve zorg bestaat uit:

-

pijn en andere ziekte symptomen behandelen;
- psychologische en sociale problemen behandelen;
- aandacht geven aan zingeving en spiritualiteit;
- de patiënt ondersteunen bij een zo goed mogelijke kwaliteit van leven;
- de patiënt en de naasten ondersteunen bij het afronden van het leven en bij het afscheid nemen;
- naasten ondersteunen bij de omgang met de zieke en bij rouwverwerking na het overlijden.
Enkele informatieve sites



De vraag naar palliatieve zorg groeit:
• de bevolking vergrijst en het aantal chronisch zieken neemt toe
• mensen willen ook in de laatste fase van hun leven een zo goed mogelijke kwaliteit van leven
• mensen willen in een vertrouwde omgeving sterven

Om in deze behoeften te kunnen voorzien, zijn een multidisciplinaire, geïntegreerde benadering van de zorg, ruimte voor persoonlijke wensen en bundeling van kennis nodig. IKNL geeft daarom hoge prioriteit aan een goede organisatie van de palliatieve zorg.

We richten ons niet alleen op palliatieve zorg voor kankerpatiënten, maar ook voor:
• long- en hartpatiënten
• patiënten met een progressieve neurologische aandoening
• mensen met een verstandelijke handicap
• mensen met een psychiatrische ziekte
over Palliatieve zorg
Palliatieve Sedatie
Palliatieve zorg richt zich op kwaliteit van leven en een waardige afronding van het leven.
Organisatie van palliatieve zorg
Elke arts, verplegende en verzorgende kan palliatieve zorg verlenen. Palliatieve zorg wordt meestal verleend door een team van zorgverleners. Ook zijn er vrijwilligers die patiënten en hun naasten ondersteunen. Zij nemen de zorgtaken van familie over als daar behoefte aan is.
http://www.netwerkpalliatievezorg.nl/Denetwerken/tabid/54/language/nl-NL/Default.aspx
plaatsen voor palliatieve zorg
Patiënten kunnen op de volgende settings palliatieve zorg krijgen:

- thuis;
- in een hospice of bijna-thuis-huis;
- in een verzorgings- of verpleeghuis;
- in ziekenhuizen.

De patiënt mag zelf kiezen waar de zorg plaatsvindt. Vaak willen mensen het liefst thuis verzorgd worden door naasten en met hulp van zorgverleners die aan huis komen. Het komt voor dat dit niet mogelijk is. In dat geval wordt de patiënt verzorgd in een hospice, een bijna-thuis-huis of een andere instelling. Een hospice en een bijna-thuis-huis zijn huizen waar mensen sterven in een sfeer die de thuissituatie zo veel mogelijk benadert.
Plekken voor palliatieve zorg
Vergoeding palliatieve zorg

Palliatieve zorg wordt vergoed door de ziektekostenverzekeraar of vanuit de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ). De gemeente vergoedt eventuele huishoudelijke hulp via de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo).

Voor opname in een hospice of bijna-thuis-huis is meestal een indicatie van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) nodig. Bij zorg in een hospice of bijna-thuis-huis vraagt de instelling om een eigen bijdrage van de bewoners. Deze kan variëren van enkele tot tientallen euro’s per dag.
Het Zorgpad Stervensfase ondersteunt zorgverleners bij het leveren van goede palliatieve zorg, gericht op zoveel mogelijk comfort voor de stervende patiënt en zijn naasten. Het beïnvloedt niet alleen het handelen, maar de hele cultuur rondom de palliatieve zorg.
De volledige en eenduidige wijze van rapporteren maakt de zorg overzichtelijk voor alle betrokken zorgverleners. Het verbetert hun bewustzijn van en vertrouwdheid met het stervensproces. Het instrument draagt bovendien bij aan een betere rouwverwerking van de nabestaanden.


http://www.zorgpadstervensfase.nl/
http://www.palliatief.nl/
Kankerzooi
Geupload op 14 mrt 2011
Francis van Straaten is een 44-jarige alleenstaande moeder van 2 dochters.
Francis heeft kanker. We volgen haar in haar strijd tegen de ziekte
richtlijnen oncologische zorg
http://www.oncoline.nl/
http://www.iknl.nl/
richtlijnen palliatieve zorg http://www.pallialine.nl/
Palliatieve zorg: afweging effect en zinvolheid
15 juni 2012
Door: Paul Vogelaar
In de palliatieve levensfase denken veel verpleegkundigen uitsluitend aan behandeling van symptomen. Maar ook ziektegerichte palliatie kan de kwaliteit van leven van patiënten verbeteren.
Onlangs werd het Consultatieteam Palliatieve Zorg om advies gevraagd over de behandeling van een 82-jarige man met een recidief endeldarmkanker. De heer was na een sfinctersparende sigmoïdresectie (waarbij de endeldarm wordt verwijderd en de anus gespaard is gebleven) goed hersteld en functioneerde alweer twee jaar op een niveau passend bij zijn leeftijd. Meneer onderging twintig jaar geleden een gedeeltelijke maagresectie in verband met maagkanker, en tien jaar later kreeg hij, na het overlijden van zijn vrouw, een dotterbehandeling na een myocardinfarct. Hij krijgt de gebruikelijke medicatie om een nieuwe hartaanval te voorkomen.

Voor pijn heeft de huisarts oxycodone (Oxycontin® en Oxynorm®) en laxantia voorgeschreven. Meneer woont zelfstandig thuis met twee keer per week thuiszorg. Kinderen wonen op afstand, maar hij heeft een goed sociaal netwerk in zijn woonomgeving. De heer heeft een reële instelling en is tevreden en dankbaar voor het leven dat hij nog mag leiden. Een paar maanden geleden werd helaas een recidief van de tumor in het sigmoïd gevonden en uitzaaiingen in de lever en longen. Meneer kiest ervoor om geen behandeling meer te ondergaan. De levensverwachting is volgens de specialisten ongeveer een half jaar.
Twee maanden later gaat de situatie opeens achteruit. Meneer krijgt last van krampende buikpijn, diarree en een verminderde eetlust. Hij voelt zich beroerd, ligt veel op bed en drinkt matig. De thuisverpleegkundige alarmeert de huisarts en belt het consultatieteam palliatieve zorg in haar regio om mogelijkheden van symptomatische behandeling te bespreken. Zij wil graag goed voorbereid zijn om de huisarts te kunnen ondersteunen bij het te voeren beleid. Het consultatieteam komt samen met de verpleegkundige en de huisarts tot de veronderstelling dat er sprake is van een (dreigende) ileus ten gevolge van een afsluiting van de endeldarm door een tumor. Waar de heer tot voor kort een levensverwachting had in termen van meerdere maanden, dreigt hij nu binnen enkele dagen te overlijden als gevolg van complicaties bij ileus. De resterende levensdagen met te verwachten symptomen als misselijkheid en braken, pijn, complicaties van bedverpleging en delier maakt een waardig stervensproces moeilijk.
In de palliatieve zorg moeten belangrijke besluiten worden genomen rond de behandeling, verzorging en begeleiding van de patiënt en diens naasten. In deze casus moest worden gekozen tussen twee scenario’s: het aanvaarden van sterven binnen enkele dagen met een beleid gericht op een zorgvuldig levenseinde, of overwegen om de darmafsluiting op te heffen en daarmee de levensverwachting en kwaliteit van leven proberen te herstellen. Op uitdrukkelijk verzoek van de patiënt werd door de MDL-arts een stent in de darm geplaatst, een flexibel buisje dat via het rectum op de plek van de vernauwing in de darm wordt geplaatst. Zo kan de passage van ontlasting worden hersteld. Deze behandeling kan poliklinisch worden uitgevoerd. Meneer woont nog thuis en gaat geleidelijk achteruit. Hij ervaart een goede kwaliteit van leven in deze toegevoegde tijd.
Bij zorgvuldige besluitvorming in de palliatieve zorg gaat het om een afweging tussen de (te verwachten) effectiviteit en mogelijke complicaties van de behandeling of interventie enerzijds, en de zinvolheid vanuit het perspectief van de patiënt anderzijds. Bij deze afweging hebben verpleegkundigen een ondersteunende rol: als professional in het behandelend team met onder meer de (huis)arts en als bewaker van de prioriteiten en wensen van de patiënt. De verpleegkundige kan het initiatief nemen om bij moeilijke besluitvorming advies te vragen aan een consultatieteam palliatieve zorg. Richtlijnen palliatieve zorg zijn te vinden op de website www.pallialine.nl. Bereikbaarheid en telefoonnummers van de regionale consultatieteams palliatieve zorg zijn te vinden op de website van het IKNL en het IKZ. Veel ziekenhuizen hebben een eigen palliatief team; zie informatie hierover in de eigen organisatie.
Paul is Verpleegkundig expert op het gebied van palliatieve zorg en pijnverpleegkunde, werkt als zzp'er in terminale zorg en onderwijs
www.luxnova.nl
Wat betekenen ouderen in onze samenleving?
07 december 2012
Door: Paul Vogelaar
Ik zie hem al jaren elke dag lopen in mijn straat. Zijn gang is onzeker maar doelgericht. Een hoogbejaarde heer, slecht geschoren, gekleed in eveneens hoogbejaarde kleding maar van goede kwaliteit. Een slecht onderhouden gentleman. Zijn weg loopt van zijn woning bij mij om de hoek, waarvan de gordijnen altijd gesloten zijn, naar de bibliotheek in de stad.
Een half jaar geleden struikelde hij over die vervelende losse stoeptegel voor mijn deur. Ik hielp hem op de been en begeleidde hem naar huis. We raakten aan de praat en sindsdien ontmoeten we elkaar een keer per week om zes uur precies. Altijd staat de Oude Jenever klaar en praten we over de betekenis van het leven, de waan van de dag uit de kranten in de bibliotheek, het rijke leven dat hij heeft gehad, zijn beperkte levensverwachting door uitgezaaide prostaatkanker en wat hij van het resterende leven verwacht.
'De betekenis van mijn leven is niet wie of wat ik ooit was – echtgenoot, docent Latijn en Grieks aan het gymnasium - maar wie ik nú ben,' vertrouwt meneer me filosoferend toe. De betekenis van het leven is het leven zelf, vindt hij, omdat er een einde aan komt. Hij is verzoend met zijn naderend levenseinde en straalt kwetsbare levenskracht uit. Ik verlaat hem altijd met een blij en verrijkt gevoel.
In onze samenleving nemen ouderen een bijzondere plaats in. Nooit eerder werden zoveel mensen oud, maar we falen als het erom gaat om deze vergrijzing een positieve betekenis te geven. De vergrijzing wordt gezien als een aanslag op onze zorgkosten, een economische last, een medisch dilemma, een politiek thema. Ouderen worden slachtoffer van medicalisering, economisering en het debat over grenzen van de zorg. Ouderen worden niet gezien als mensen die jongeren kunnen helpen om de betekenis van het leven te ontdekken en op waarde te schatten.
Ook ouderen zelf mogen ‘zich bewuster worden van de kracht van hun levenservaring, van de betekenis die zij kunnen hebben voor hun omgeving’, staat in het in de zomer van dit jaar verschenen Manifest ‘Van betekenis tot het einde’ waarin een aantal maatschappelijke organisaties de politiek vragen om een cultuuromslag te stimuleren, 'gericht op een opener en bewuster omgaan met oud worden, sterven en dood’. Het debat over ouderen gaat nu vooral over het te lang doorbehandelen door artsen en de bekostiging van de Levenseindekliniek. Terwijl het zou moeten gaan over de betekenis van ouderen in onze samenleving, de kwaliteit van hun resterende levensdagen.
De oproep van de beweging ‘Van betekenis tot het einde’ vraagt de politiek zich uit te spreken voor de realisering van waardegedreven zorg- en welzijnsinitiatieven, waarbij van betekenis zijn en blijven tot het einde, centraal staat. Ik vraag me af of deze oproep navolging krijgt. De bezuinigingen op de zorg geven weinig hoop. De oproep kan beter worden gericht aan jongeren en ouderen. Zijn wij bereid elkaar te ontmoeten, elkaar te verrijken, ervaringen te delen, van de wijsheid van de oudere te leren, de aangeboden zorg van de jongere te aanvaarden? Dat kan ook zonder zorg- en welzijnsinitiatieven, gewoon onder het genot van een Oude Jenever, een bezoekje aan de buurvrouw, een etentje met dat bejaarde familielid.
Vorige week is meneer rustig overleden. Hij verbleef een week in het hospice in de stad, vlakbij de Openbare Bibliotheek. Samen met de bibliothecaris was ik aanwezig bij zijn begrafenis. Van betekenis tot het einde.
Paul Vogelaar is verpleegkundig expert palliatieve zorg en pijnverpleegkunde, en werkt als zzp'er in terminale zorg en onderwijs
www.luxnova.nl
Verpleegkundigen, blijf weg van euthanatica’
20 april 2012

Verpleegkundigen mogen geen infuus met euthanatica aansluiten en moeten ook niet het kraantje van het infuus opendraaien. Ze kunnen ook beter geen euthanatica voor de arts ophalen bij de apotheek.
Hiervoor waarschuwen ethicus Joke de Witte van V&VN en beleidsadviseur Eric van Wijlick van de KNMG tijdens het symposium euthanasie en andere beslissingen rondom het levenseinde.

Toedienen euthanatica
‘Vrijwel iedereen weet dat het niet mag, maar toch gebeurt het nog steeds dat verpleegkundigen een infuus met euthanatica aansluiten of de drank voor hulp bij zelfdoding aangeven. Daar kan ik heel duidelijk over zijn: dat mag niet!’, vertelt De Witte. Ze legt uit dat de verpleegkundige wel het infuus met de fysiologische zoutoplossing kan aanleggen omdat je daarmee nog geen euthanasie uitvoert. ‘Het toedienen van euthanatica is uitsluitend een taak van de arts.’

Niet naar de apotheek
Ga als verpleegkundige ook geen euthanatica bij de apotheek halen als de arts hierom vraagt, adviseert beleidsadviseur Van Wijlick. ‘De arts moet met de apotheker overleggen over de dosering en welk middel het meest geschikt is voor de patiënt. Als de verpleegkundige de euthanatica haalt, doet de arts het niet en dat is niet goed.’

Wat verder nog ter sprake kwam tijdens het congres
> Jongeren vanaf 12 jaar vallen binnen het kader van de Euthanasiewet. Vallen ze in de leeftijd van 12 tot en met 15 jaar, dan is ook instemming van beide ouders vereist. Zijn ze 16 of 17 jaar, dan moeten de ouders wel bij het verzoek worden betrokken maar is instemming niet vereist.

> Na uitvoering van euthanasie moet de arts een melding maken bij de gemeentelijke lijkschouwer die het papierwerk doorstuurt naar de regionale toetsingscommissie. Normaal gesproken krijgt de arts binnen ongeveer 30 dagen een reactie terug over de zorgvuldigheid van uitvoering. Tegenwoordig zijn er echter zo veel verzoeken om euthanasie dat de reactie van de regionale toetsingscommissie soms bijna een jaar op zich laat wachten. Het is dan ook niet verwonderlijk dat minister Schippers van VWS onlangs in een brief aan de Tweede Kamer liet weten dat de regionale toetsingscommissies euthanasie flink worden uitgebreid.

> Zodra een patiënt in coma geraakt, is het niet mogelijk om euthanasie binnen het kader van de wet uit te voeren. Het is voor de patiënt onmogelijk om aan te geven dat er sprake is van ondraaglijk lijden en dat is nodig volgens de wet. Dat geldt ook als de patiënt in zijn wilsverklaring heeft staan dat hij euthanasie wil als hij in een onomkeerbare coma is.

> Verpleegkundigen met vragen over euthanasie kunnen bellen naar de euthanasiehelpdesk waar SCEN-verpleegkundigen en verzorgenden advies geven. Het nummer is 020-592 33 48.

> Huisarts George Wolfs en verpleegkundige Resy Olivier werkten enkele jaren geleden mee aan de documentaire Dodelijke Dilemma’s. Wolfs vertelt in deze documentaire hoe hij euthanasie op een patiënt beleeft. Een aangrijpende documentaire die terug te zien is op Holland Doc, kijk hier.

Nursing Congrestip:
7 juni: Doodgewoon, palliatieve zorgverlening. Abonnees van Nursing krijgen vroegboekkorting als zij zich voor 3 mei aanmelden. Kijk hier voor meer informatie.

Bron: Nursing
Door: redactie Nursing, Marloes Oelen
Definitie WHO 2002
De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) heeft in 2002 een vernieuwde definitie van palliatieve zorg opgesteld:

Palliatieve zorg is een benadering die de kwaliteit van het leven verbetert van patiënten en hun naasten die te maken hebben met een levensbedreigende aandoening, door het voorkomen en verlichten van lijden, door middel van vroegtijdige signalering en zorgvuldige beoordeling en behandeling van pijn en andere problemen van lichamelijke, psychosociale en spirituele aard.

Bij palliatieve zorg:
is niet de genezing van de patiënt het doel, maar een zo hoog mogelijke kwaliteit van leven, waardoor het ziekteverloop mogelijk positief beïnvloed kan worden;
is de dood een normaal, natuurlijk proces, dat niet vertraagd of versneld wordt;
is er aandacht voor lichamelijke én psychische klachten; worden de psychologische en spirituele aspecten in de zorg geïntegreerd benaderd;
is er emotionele ondersteuning voor de patiënt en zijn naasten om zo actief mogelijk te leven;
is er emotionele ondersteuning voor de naasten om te leren omgaan met de ziekte van de patiënt en met eigen rouwgevoelens;

Er wordt, indien nodig, vanuit een team zorgverleners gewerkt, zodat aan alle noden van patiënten en naasten tegemoet kan worden gekomen, indien nodig ook na het overlijden van de patiënt (ondersteuning bij verliesverwerking);


Palliatieve zorg kan vroeg in het ziekteverloop aan de orde zijn, in combinatie met therapieën die levensverlengend zijn (zoals chemotherapie en radiotherapie). Palliatieve zorg kan ook (medische) onderzoeken omvatten die nodig zijn om pijnlijke, klinische complicaties te begrijpen en te behandelen.
Sterven: hoe gaat dat eigenlijk in de laatste dagen? Dat kan niemand precies voorspellen. Wel is het mogelijk u een beeld te geven van wat er kán gebeuren.
In het algemeen gesproken krijgt u tegen het einde waarschijnlijk steeds meer klachten. Dat kunnen oude klachten zijn - gevolgen van uw ziekte - die zich nu heviger manifesteren, maar het kunnen ook nieuwe verschijnselen zijn. Veelvoorkomende klachten in de laatste levensfase zijn: pijn, vermoeidheid, benauwdheid, onrust/verwardheid (delier), verstopping van de darmen (obstipatie) en misselijkheid/braken.

Lichamelijke toestand
Uw lichamelijke toestand en uw uithoudingsvermogen gaan naarmate de tijd vordert (steeds verder) achteruit. Uw situatie verandert wellicht van dag tot dag, van uur tot uur. Uw lichaamsfuncties gaan achteruit: de bloedsomloop wordt trager en de circulatie beperkt zich tot de borst- en buikholte. Hierdoor voelen de uiterste punten van uw lichaam, zoals de handen, voeten en neus, steeds kouder aan. In het algemeen wordt de huid vaak bleker, en komen er paarsblauwe vlekken op uw onderbenen.

Uw behoefte aan eten en drinken neemt af naarmate het stervensmoment dichterbij komt. Het lichaam heeft dat simpelweg steeds minder nodig. Ook uw smaak kan veranderen. Misschien gaan sommige dingen u tegenstaan. Eet en drink alleen nog wat u smaakt. Als de behoefte aan eten en drinken is verdwenen, zult u het nog wel prettig vinden als iemand uw lippen af en toe nat maakt met wat water of ijs. Ook een verzorgende stift of gel voor schrale lippen kan prettig zijn.

Mogelijk wordt u incontinent doordat de sluitspieren van uw blaas en/of darmen niet meer goed functioneren. Om urine en ontlasting op te vangen, bestaan speciale broekjes. Soms kan een urinekatheter een goede uitkomst zijn. Als u zich ervoor schaamt dat u zich regelmatig moet laten verschonen, bedenk dan dat zorgverleners ervaring hebben met dit soort situaties.
Overigens kan de schaamte snel wegvallen. Zowel bij u als bij de naasten die u helpen. Uw naasten willen vaak nog iets voor u doen. Het kunnen en mogen verzorgen kan de band tussen u en uw naasten hechter maken.

Gehoor en zicht
Uiteindelijk zet het stervensproces definitief in. Het lichaam gaat niet in één keer dood, maar heel geleidelijk. Stap voor stap verminderen de lichaamsfuncties. In de loop van een aantal uren of dagen laten uw organen het één voor één afweten. Dat proces kan heel kort duren, maar ook een aantal dagen. Vragen over de duur van het sterfbed zijn vrijwel niet te beantwoorden. Sommige mensen blijven tot het allerlaatste moment bij kennis, maar de kans is groot dat u na verloop van tijd steeds vaker in slaap valt en/of in coma raakt. Voor de omgeving lijkt dat stervensproces soms op een verbeten gevecht. Terwijl de kans groot is dat er bij u innerlijke rust heerst.

De kans bestaat dat u koorts krijgt en/of hevig gaat transpireren. U heeft daar waarschijnlijk niet veel last van. Wel is het prettig dat iemand af en toe uw voorhoofd droogdept met een tissue of een koud washandje.

Uw gehoor en zicht gaan slechter functioneren. Toch kunnen veel stervenden nog heel lang horen dat er iets tegen hen gezegd wordt. Zij kunnen echter steeds moeilijker iets terugzeggen. Zij reageren dan bijvoorbeeld met een kleine handbeweging of een beweging in het gezicht. Voor naasten is het daarom raadzaam voorzichtig te zijn met de onderwerpen die men in de nabijheid van de stervende bespreekt.

Reuk en ademhaling
Ook uw reuk kan nog lange tijd goed functioneren. Bezoekers doen er dan ook goed aan terughoudend te zijn in het gebruik van zware parfums. Ook de geur van bloemen is voor stervenden soms te zwaar
.

Ook uw ademhaling verandert. Deze wordt oppervlakkiger en onregelmatiger. De ademhaling kan soms volledig stil lijken te vallen. De tijd tussen de ene en de volgende ademteug wordt steeds langer (`Cheyne-Stokes-ademhaling`). Omdat uw lichaam hierdoor steeds minder zuurstof binnen krijgt, daalt het bewustzijn en valt u mogelijk in een diepe slaap of coma. De kans is dus groot dat u hier zelf niets van merkt.

Uiteindelijk stoppen alle lichaamsfuncties: de ademhaling komt tot stilstand, het hart houdt op met kloppen, het bloed stroomt niet langer. De dood is ingetreden.

Voor de omgeving is het intreden van de dood bijna altijd plotseling en onverwacht, zelfs als het al langer heeft geduurd dan men eerder had verwacht.

En wat gebeurt er op geestelijk niveau?
Hoeveel we ook weten over het sterven, een deel van wat er op of rondom een sterfbed gebeurt, blijft een mysterie. Soms lijkt de geest er klaar voor, maar het lichaam nog niet. Of andersom. Waar ligt dat aan? Dat is overwegend onbekend.


Wat ervaren stervenden? Maken zij soms overstapjes naar een andere wereld? Veel mensen geloven daarin, en zien het bevestigd in de verschillende stadia van helderheid waarin stervenden zich, verspreid over een dag, kunnen begeven. Maar echt weten doen we niet.

Het mysterie betreft ook het moment van sterven. Er zijn veel verhalen bekend over mensen die hun stervensmoment lijken te kunnen uitstellen. Bijvoorbeeld omdat zij nog een verjaardag van een (klein)kind willen meemaken. Of omdat zij willen wachten totdat die ene speciale persoon is geweest.

Er zijn ook verhalen bekend over mensen die juist op het moment sterven dat er niemand bij hen is. Dat kan met name voor degenen die lange tijd aan het bed hebben zitten waken erg vervelend zijn. Vaak helpt het hen als zij kunnen bedenken dat deze wijze van sterven goed paste bij de stervende.
Marlene Dietrich
De mens moet bang zijn voor het leven,
niet voor de dood.
Jean-Paul Sartre
Men beklimt de groene berg van het leven om boven op de ijsberg te sterven.
Maarten `t Hart
Als je vader sterft, is het net alsof iemand wegvalt die tussen jou en de dood staat.
Herman van Veen
Angst voor de dood is niet bevorderlijk voor de kwaliteit van het leven.
Stervenden lijken zich soms nog erg te hechten aan het leven. Zeggen dat iemand mag gaan, dat het leven mag worden losgelaten, kan dan helpen. Niet zelden lijkt het erop dat het nadrukkelijk ‘ verlenen van toestemming’ van invloed is op het stervensmoment.
Euthanasie
http://www.uitzendinggemist.nl/afleveringen/1281680
http://www.uitzendinggemist.nl/afleveringen/1283192
http://www.uitzendinggemist.nl/afleveringen/1285196
http://www.uitzendinggemist.nl/afleveringen/1286921
http://www.uitzendinggemist.nl/afleveringen/1288664
http://www.uitzendinggemist.nl/afleveringen/1290366
http://www.uitzendinggemist.nl/afleveringen/1292036
http://www.uitzendinggemist.nl/afleveringen/1293752
http://www.netwerkpalliatievezorg.nl/Portals/64/documenten/Brochure%20Ongeneeslijk%20ziek.2edruk.pdf
Onder palliatieve sedatie wordt verstaan het opzettelijk verlagen van het bewustzijn van een patiënt in de laatste levensfase.
Er kunnen twee verschillende situaties worden onderscheiden:
1. Continu sederen tot het moment van overlijden;
2. Kortdurend of intermitterend sederen.
Palliatieve sedatie kan oppervlakkig of diep worden toegepast.

Continue sedatie vindt altijd plaats in de context van de laatste levensfase.
Het gaat om patiënten die stervende zijn en ondraaglijk lijden.
Het doel van palliatieve sedatie is het verlichten van het lijden van de patiënt. Het verlagen van het bewustzijn is het middel om dat doel te bereiken.
Het doel is niet het leven te bekorten of te verlengen. Het is van groot belang dat palliatieve sedatie op juiste indicatie, proportioneel en adequaat wordt toegepast. Niet de mate van bewustzijnverlaging, maar de mate van symptoomcontrole bepaalt de dosering, de combinaties en de duur van de inzet van medicamenten.
De indicatie voor palliatieve sedatie wordt gevormd door het bestaan van één of meer onbehandelbare ziekteverschijnselen (refractaire symptomen), welke leiden tot ondraaglijk lijden van de patiënt.
Een symptoom is of wordt refractair als geen van de conventionele behandelingen (voldoende snel) effectief zijn en/of deze behandelingen gepaard gaan met onaanvaardbare bijwerkingen.
Huisartsen aan het woord over de vraag naar euthanasie
http://www.uitzendinggemist.nl/afleveringen/1107662
Geschiedenismagazine met reportages over (bijna) vergeten gebeurtenissen uit de twintigste eeuw. Tot ontzetting van het buitenland legaliseerde Nederland in april 2001 euthanasie.
BEROEPSTAAK B PALLIATIEVE ZORG
Opdrachten voor 21 februari 2013, voor groep 10ZOW3E docent Mayke Nimberg (namen en situaties in de casus zijn fictief)

OPDRACHT 1
Bekijk de aflevering van Andere Tijden van 18 november 2012
Geschiedenismagazine met reportages over (bijna) vergeten gebeurtenissen uit de 20ste eeuw. -Arbeiders van de Eternit fabriek in het Overijsselse Goor stonden jarenlang bloot aan de levensgevaarlijke stof asbest. (30 min)
http://www.uitzendinggemist.nl/afleveringen/1305207
Ook in Rotterdam zijn en waren erg veel mensen met longkanker als gevolg van het inademen van Asbeststof.


OPDRACHT 2
Longkanker is een verzamelnaam voor een aantal kwaadaardige tumoren uitgaande van de longen.
Mesothelioom is een vorm van longkanker
Mesothelioom is een tumor aan de longvliezen (pleuraal mesothelioom) of het buikvlies (peritoneum mesothelioom). Normaal is de ziekte zeldzaam. Desalniettemin komt longvlieskanker veel vaker voor dan buikvlieskanker.
wat zijn de klachten van longkanker?
wat zijn de klachten van Mesothelioom?
Wat zijn de meest toegepaste behandelingen bij longkanker?
wat zijn de behandelingsmogelijkheden van Mesothelioom?


OPDRACHT 3
Casus
Mevrouw Verbruggen is 63 jaar. Mevrouw Is een actieve , goed verzorgde en geklede vrouw. Mevrouw werkte voor haar huwelijk op een kantoor in de haven bij Verholme (een grote Rederij in Rotterdam) . Hier heeft mevrouw haar echtgenoot leren kennen. Zij is sinds vier jaar weduwe. Haar echtgenoot is overleden aan mesothelioom. Mevrouw heeft drie kinderen, twee dochters en één zoon. Een jongste dochter woont op 18 kilometer afstand, de andere kinderen wonen veel verder weg. Mevrouw woont zelfstandig in het een grote luxe flat in het centrum van Barendregt . Zij is actief lid van het kerkkoor en haar balkon met heel veel planten is haar grote hobby. Sinds een jaar heeft ze een vriend in Rotterdam, met wie ze vaak onverwacht leuke steden tripjes maakt binnen Europa.
Mevrouw Verbruggen komt zelden bij haar huisarts, maar wegens aanhoudende hoest en verkoudheid is zij bij de HA langs geweest. Als hij haar onderzoekt, vertelt mevrouw pijn in de borstkas en een onaangenaam gevoel in de borstkas te hebben , ze is kortademig en hoest. Mevrouw is erg bang hetzelfde te hebben als haar overleden echtgenoot. De arts laat longfoto’s maken.
Op de longfoto is vocht en verdikkingen op een van de longvliezen te zien . Een CT-scan van de borstkas geeft betere informatie waar de tumor in de longvliezen zit. De huis arts stelt voor een biopsie te laten nemen van de verdikking op de longvliezen. Bij de uitslag blijkt dat mevrouw longkanker heeft en de behandelingen worden gestart. Mevrouw heeft een operatie waarbij het tumor verwijderd wordt En mevrouw start met bestralen van de long waar het tumor gevonden is.
Als de longkanker niet meer reageert op de behandelingen, heeft behandelen geen zin meer. Dit heeft gevolgen voor de tijd die ze nog heeft te leven. Hoe lang die tijd zal zijn is moeilijk te zeggen. Ze moet denken in termen van maanden en misschien weken.
In deze fase is het belangrijkste dat mevrouw zich zo goed mogelijk voelt. De (medische) zorg is erop gericht dat ze zo min mogelijke klachten heeft en mevrouw moet zelf vooral de dingen doen die ze graag wil doen. In deze fase wordt de huisarts de centrale arts. Omdat de longkanker niet meer wordt behandeld, hoeft mevrouw nauwelijks nog naar het ziekenhuis. Mevrouw is mobiel en woont alleen thuis.

1. Stel een zorgplan op voor mevrouw Verbruggen met 2 zorgproblemen (bij longkanker) en per probleem 2 acties

mevrouw gaat verder achteruit en nu komt de dood heel dichtbij. Mevrouw Verbruggen kan hier (makkelijk) over praten met de verzorgende , maar haar kinderen vinden dit moeilijk . mevrouw denkt na waar ze de laatste periode van haar leven zal door brengen . En het is goed om na te denken over hoe de zorg dan kan worden geregeld. De pijn neemt langzaam toe, vooral als mevrouw geholpen wordt in de badkamer. Er komt erg veel bezoek en mevrouw ervaart dit soms als belastend. Probeer het zo te regelen dat het voor Mevrouw prettig en niet te belastend is.

2. Stel het zorgplan bij voor mevrouw Verbruggen en voeg 2 nieuwe zorgproblemen met ieder 2 acties toe (bij longkanker)

3. Welke onderwerpen zou jij , als verzorgende, willen bespreken met mevrouw in deze periode?
De laatste levensfase is aangebroken volgens de Huisarts en het is een intensieve en emotionele tijd voor zowel Mevrouw en haar naasten. Mevrouw is er boos en verdrietig. Mevrouw eet steeds minder omdat ze te moe is om te eten en niets haar smaakt. Mevrouw komt nauwelijks haar bed nog uit. Ze heeft een subcutane naald en een pompje voor de pijn medicatie, en dat ze extra kan gebruiken als de pijn te erg wordt .
De vriend van mevrouw komt dagelijks even langs , maar kan niet veel doen in de huishouding. Haar dochter welke ver weg woont komt 3 maal per week langs en kookt dan wat mevrouw lekker vind. Deze blijft dan ook slapen zodat mevrouw niet alleen is. De andere twee kinderen komen onregelmatig . De zoon komt soms om de dag en dan weer een paar weken niet. De jongste dochter doet 1 maal per week de boodschappen en drinkt dan een kopje koffie met mevrouw en vertrekt na een half uurtje.. Mevrouw wil graag thuisblijven maar voelt zich soms erg eenzaam. Het is belangrijk dat ze het zijn allen volhouden en niet (teveel) over hun grenzen gaan. Dan is de kans op een goede periode samen het grootste.

4.Stel een zorgplan op voorde laatste fase van het leven van mevrouw Verbruggen met minimaal 3 zorgproblemen (bij longkanker ) en per probleem 2 acties.

5. Welke disciplines schakel je in in deze situatie?

6.Hoe reageer jij als je mevrouw erg verdrietig aantreft? En leg je antwoord nader uit.

7.Hoe kan jij, als verzorgende, zien dat mevrouw nu echt terminaal is en binnenkort zal komen te overlijden?

8.Wat heb jij van deze opdracht geleerd?

9.Wat zou jij na het maken van deze opdracht nog graag eens extra willen bestuderen of aandacht aan willen besteden?


veel succes met het uitwerken deze opdracht , Mayke
Begraven Cremeren
euthanasie en psychiatrische patienten
andere tijden : Euthanasie
http://www.uitzendinggemist.nl/afleveringen/1098568
Full transcript