Loading presentation...

Present Remotely

Send the link below via email or IM

Copy

Present to your audience

Start remote presentation

  • Invited audience members will follow you as you navigate and present
  • People invited to a presentation do not need a Prezi account
  • This link expires 10 minutes after you close the presentation
  • A maximum of 30 users can follow your presentation
  • Learn more about this feature in our knowledge base article

Do you really want to delete this prezi?

Neither you, nor the coeditors you shared it with will be able to recover it again.

DeleteCancel

De onzichtbare symptomen na Niet Aangeboren Hersenletsel

No description
by

Henry Honné

on 13 January 2018

Comments (0)

Please log in to add your comment.

Report abuse

Transcript of De onzichtbare symptomen na Niet Aangeboren Hersenletsel

De oorzaken van niet-aangeboren hersenletsel zijn zeer gevarieerd en omvatten onder andere:

Niet-traumatische oorzaken:
Zuurstofgebrek van de hersenen (bijvoorbeeld bij verdrinking of verstikking)
Stoornis in de bloedtoevoer naar de hersenen (bijvoorbeeld bij een hersenbloeding, trombose of bij een hartstilstand)
Stofwisselingsstoornis (bijvoorbeeld door een stofwisselingsziekte, of bij chronisch alcoholgebruik zoals bij de ziekte van Korsakov)
Parkinson, Alzheimer, Multiple Sclerose, epilepsie, Diabetes Mellitus
Infecties van het hersenweefsel
Tumoren

Traumatische oorzaken:
Een (verkeers)ongeluk met als gevolg hersenletsel
Een klap op het hoofd met een zwaar voorwerp
Schietpartij (kogel in het hoofd)
Hersenletsel ten gevolge van welke oorzaak dan ook,
anders dan rond of vanwege de geboorte ontstaan,
dat leidt tot een onomkeerbare breuk in de levenslijn
en tot het aangewezen zijn van hulpverlening.
De "(on)zichtbare"symptomen van
hersenletsel (NAH)
Verschillende soorten symptomen:

Neurologisch
(Wat we "zien" en "direct merken")

Psychologisch
(Emotioneel/Gedragsmatig)

Neuropsychologisch
(
Lang niet altijd zichtbaar, maar zeer bepalend voor eigen autonomie)
Neurologisch: 1/2

Verhoogde bloeddruk als uiting van een compensatiemechanisme (de eerste weken na een NAH).

Hemiplegie (paralyse; geen beweging meer mogelijk)/hemiparese (nog wel beweging mogelijk) aan een kant van het lichaam: In de eerste dagen, weken zijn de spieren aan de verlamde kant meestal slap (hypotoon), geleidelijk komt er spasticiteit (spanning) in de spieren. De spasticiteit is nooit gelijkmatig, maar leidt tot een voorkeurshouding en verstoorde motoriek. Motoriek heeft verschillende niveau's...

Gevoelsstoornissen: Vrijwel altijd aan de kant van de verlamming. Welk gevoel verminderd is (pijn, warmte, koude, houding, beweging, tast), is per persoon verschillend.
Elke vorm van gevoelsstoornis heeft bijbehorende kenmerken en
risico’s.

Hemianopsie: Het gedeelte van het gezichtsveld aan de kant van de verlamming is uitgevallen. Dit komt niet door de ogen, maar door de hersenbeschadiging. Sommige mensen zien in de eerste maanden minder scherp.
Neurologisch: 2/2

Evenwichtsstoornissen.

Slikstoornissen: Vooral (maar niet alleen maar) in de eerste dagen na de start van het letsel.

Constante vermoeidheid, zeker in de eerste maanden. De vermoeidheid kan in het hoofd of in het gehele lichaam zitten.
Tegenwoordig komt de begrippen centrale vermoeidheid en egodepletie op, om beter te omschrijven wat er aan de hand is.

Incontinentie of niet goed uit kunnen plassen.

Obstipatie, meestal als gevolg van het minder bewegen.

Schouderpijn in de verlamde schouder.

Epilepsie: De grootste kans hierop bestaat in de eerste maanden na bijvoorbeeld een CVA. (ca. 10%)
Psychologische gevolgen: (1/2)
(Emoties)

Primaire emotionele gevolgen: zijn het directe resultaat van de schade aan de hersenen. Er kunnen zich persoonlijkheidsveranderingen voordoen.

(Rem op emoties is weg, niet meer kunnen
nuanceren, asociaal gedrag, vloeken, agressie, snel
huilen, een geprikkelde stemming, depressies en
overspannenheid. Snel moe, gevoelig voor licht,
drukte en lawaai).

Secundaire emotionele gevolgen: ontstaan als reactie van de getroffene op de vaak vreemde symptomen van het hersenletsel.

Rouwreacties als gevolg van het verlies van een functie of de ‘oude’ manier van leven.

Psychologische gevolgen: (2/2)
(Gedrag)

Verstoorde sociale waarneming en sociaal bewustzijn:
Naarmate de hersenbeschadiging toeneemt, neemt de mogelijkheid tot
zelfbewustzijn (en de zelfbeoordeling) maar ook empathie, af.

Verstoorde controle:
impulsiviteit, rusteloosheid, ongeduld, niet in staat zijn tot spontaniteit en
flexibiliteit.

Niet in staat zijn te leren van ervaringen.

Catastrofe-reactie: een sterk emotionele reactie, vooral bij confrontatie met dingen die niet goed gaan. De persoon kan echter ook onverschillig reageren.

Specifieke emotionele veranderingen: apathie, kinderlijkheid, verhoogde reactiviteit/impulsiviteit, prikkelbaarheid, dwanglachen/-huilen,
ontremming, agressie, toegenomen/afgenomen seksuele interesses.

Verlies van zelfredzaamheid (dit kan leiden tot het afhankelijk gedrag en weinig initiatief vertonen) en niet voor vol aangezien worden: frustraties, woede-uitbarstingen, gevoelens van machteloosheid en depressiviteit.
Locatie en grootte van de beschadiging zijn van belang en de verschillen tussen beide hersenhelften zijn zeker te onderscheiden, maar liggen vaak niet zo expliciet, op grond van sterke onderliggende verbondenheid van hersengebieden en hersenfuncties.
Herstelmogelijkheden:

De hersenen bezitten eigenschappen die bijdragen tot het vermogen om na beschadiging te compenseren en te herstellen:

Redundantie
(veel hersenfuncties lijken door meer dan één gebied te worden uitgevoerd).

Adaptatie
(hersengebieden die elkaar enigszins overlappen, kunnen verloren functies soms compenseren).

Plasticiteit
(bepaalde hersengebieden kunnen van functie veranderen).

Sprouting en pruning
(er worden ook nieuwe hersencellen en verbindingen aangemaakt). (filmpje)
Ruimtelijke aandacht

Neglect en hemi-inattentie

'Neglect' betekent negeren.
Aan de zijde waar sprake is van verlamming, is dan sprake van een stoornis als het gaat om het bewust waarnemen.
Neglect komt vaker voor bij NAH in de rechter hersenhelft (wanneer iemand dus links verlamd is) De mate van neglect kan per zintuig verschillen en is niet steeds constant.


Botsen tegen deurposten of andere obstakels;
Klem komen te zitten met een hand, arm of rolstoelwiel zonder dit op te merken;
Een lichaamshelft vergeten te wassen of kleden;
Slechts één helft van een bord leegeten; Problemen met lezen of klokkijken;
Bij bezoek of een groepsgesprek de aandacht slechts naar één kant richten; Verdwalen (allerlei herkenningspunten aan één zijde worden gemist).
Niet volledig maar wat regelmatig voorkomt aan symptomen...
Ruimtelijke stoornissen

Visuo-ruimtelijke functies
(stoornissen in herkenning van een object, inschatten van grootte, afstand, snelheid etc.)

In het dagelijks leven spelen ruimtelijk waarnemen en handelen een belangrijke rol bij
het aansturen van het motorisch handelen en de oriëntatie in de ruimte,
zoals bijvoorbeeld bij traplopen in het donker, aan- en uitkleden, koffie in schenken,
afstand inschatten bij het oversteken, klokkijken, richtingsgevoel, rekenen,tekenen, etc.

Visuo-constructieve functies
(stoornissen in de ruimtelijke uitvoering bij activiteiten zoals bouwen, tekenen of iets in
elkaar zetten, zonder dat er sprake is van een apraxie)

Ten gevolge van visuo-constructieve stoornissen kunnen veel patiënten activiteiten
niet meer uitvoeren zoals zij gewend waren.

Samenhang met
neglect,
extincie, (filmpje)
maar ook simultaan-agnosie...
Ruimtelijk werkgeheugen
Objectlokatiegeheugen
Egocentrische oriëntatie
APRAXIE
De belangrijkste vormen van apraxie zijn:

Ideatoire apraxie

De betreffende persoon heeft
geen idéé
meer hoe hij/zij een activiteit moet uitvoeren.
De volgorde van handelingen is verloren gegaan of voorwerpen worden onjuist gehanteerd.
Bijvoorbeeld iemand heeft moeite met aankleden
(doet onderbroek over de bovenkleding aan), doet de koffie in het waterreservoir etc...

Ideomotorische apraxie

De betreffende persoon heeft vooral problemen met het
uitvoeren
van een beweging op verzoek terwijl dit vaak wel als automatische reactie lukt. Iemand is bijvoorbeeld niet in staat om op verzoek de hand naar het oor te brengen terwijl spontaan aan het oor krabben wanneer het jeukt, wel lukt.

Constructieve apraxie

Het ruimtelijke aspect van een handeling is verstoord
waardoor iemand bijvoorbeeld niet goed kan tekenen of iets in elkaar zetten. (filmpje)
Andere vormen van apraxie:

Een vorm van apraxie waarbij iemand vooral een wat onhandige, 'klungelige' indruk maakt.

Bewegingen verlopen niet vloeiend en soepel.

Een apraxie van het mondgebied waardoor iemand moeite heeft met het vormen van onder andere (spraak)klanken.

Het onvermogen om een beweging vol te houden ( impersistentie).

Te lang doorgaan met een handeling of deze blijven herhalen (perseveratie).

Door deze stoornis is het handelen van de persoon chaotisch en rommelig en gaan veel zaken niet goed.

Apraxie is ook een probleem als het gaat om het aanleren van nieuwe handelingen of het opnieuw leren van vaardigheden.
Maar ook:

pantomimeagnosie (niet kunnen nadoen, wat voor gedaan wordt)
limb-kinetische apraxie (traagheid, onhandigheid van een ledemaat)
constructieve apraxie (niets meer in elkaar kunnen zetten)
bucco-faciale apraxie (slechte bewegingsuitvoering van kin, lip, tong, larynx)
optische apraxie (wel zien van de voorwerpen, maar niet kunnen manipuleren)
spraakapraxie (langzaam, toonloos, haperingen, zelfs niet meer doelbewust)
conceptuele apraxie (fouten qua inhoud; tanden poetsen met haarborstel)
disconnectie apraxie (verbinding verstoord tussen motoriek en motorisch geheugen)
oculomotorische apraxie ( onvermogen om de ogen op bevel te bewegen)
orofaciale apraxie (onvermogen om handelingen met de mond uit te voeren)
unimodale (beperkt tot een zintuig; tast, zien)

en nog een aantal..... (van Liepman 1910 tot Bartolli 2008)
Herkenningsstoornissen - agnosieën (a= niet, gnosis= kennis)

Herkenningsstoornissen worden aangeduid met de term agnosie.
Iemand neemt wel waar dát er iets is maar herkent niet wát het is.
Het probleem zit in dit geval niet in de zintuigen maar in de verwerking van de waarneming door de hersenen.

Meestal betreft het slechts één zintuigsysteem,
bijvoorbeeld het zien (visuele agnosie),
of het horen (akoestische agnosie)
of het voelen/tasten (tactiele agnosie).

Voorbeelden:
Iemand ziet een gekleurd papiertje maar herkent dit niet als bankbiljet. (visuele agnosie)
Iemand hoort achter zijn rug een geluid maar herkent dit niet als de telefoon. (akoestische agnosie)
Iemand voelt in de zak of handtas een aantal harde voorwerpen maar herkent dit niet als sleutelbos, portemonnee etc.. (tactiele agnosie)
Iemand die wel kan schrijven en een pen voor zich heeft liggen, maar die niet als zodanig herkent komt niet tot schrijven. (visueel)
Iemand ziet en vork een lepel maar herkent dit niet waardoor hij er soep mee gaat eten. (visueel)

(filmpje)
Andere voorbeelden van agnosie zijn:

Somato-agnosie: het niet meer herkennen van eigen delen van het lichaam. Iemand herkent bijvoorbeeld de eigen hand niet meer of het het eigen verlamde been en wil dit uit bed gooien.

Simultaanagnosie: het niet meer herkennen van complexe zaken als een samenhangend geheel. Iemand ziet (een afbeelding van) een dier, mensen, een vlag enzovoort maar herkent dit niet als circus of dierentuin.

Reukagnosie: geuren worden niet herkend. Men ruikt wel het gas, maar weet de betekenis ervan niet waardoor de gaskraan niet dicht gedraaid zal worden.

In andere gevallen worden vooral symbolen niet herkend (verkeersborden, pictogrammen of woorden).

Blindsight (onbewust zien)

Prosopagnosie: het niet meer herkennen van gezichten. (filmpje)
Tips:

Er zijn geen echte therapieën voor deze stoornis bekend. Vaak is het belangrijk het proces van herkennen meer tijd en aandacht te geven.

Omdat wij in het dagelijks leven vaak meerdere zintuigen tegelijk gebruiken, kan agnosie onopgemerkt blijven omdat het een het ander kan compenseren.
Het helpt om de ander aan te leren om actief gebruik te maken van de andere zintuigen, kijken én aanraken, horen én kijken.

Daarnaast helpt de situatie (context) soms bij de herkenning.
Een tandenborstel wordt wellicht wel herkend in combinatie met tube tandpasta.
Afasie

Men spreekt van afasie wanneer er een stoornis is van het taalgebruik en/of het taal begrip, door beschadiging van hersenweefsel.
Er zijn verschillende vormen van afasie:


Motorische of expressieve afasie ( Broca)
Bij een zuivere motorische afasie is er een normaal begrip van taal maar kan de persoon zich niet met woorden uitdrukken. Vaak kunnen mensen moeilijk beginnen met spreken, duurt het lang voordat er een woord is gevonden en worden er andere woorden gebruikt dan de bedoeling is.
Dit is voor patiënten vaak erg frustrerend.

Sensorische of receptieve afasie (Wernicke)
Bij een zuiver sensorische afasie is er een storing van het begrip van taal maar heeft de patiënt geen moeite om zich uit te drukken.
Echter, hetgeen de patiënt vertelt is dikwijls onlogisch en onbegrijpelijk. Soms worden de woorden volstrekt door elkaar gegooid. Men
noemt dit wel woordsalade.

Gemengde afasie
Bij de meeste patiënten met afasie, bestaat er een mengvorm. Beide vormen van afasie zijn dan aanwezig, waarbij dikwijls één van beide het meest op de voorgrond staat.

Conductie-afasie
Beschadigingen van de zenuwcellen, die de gebieden van Broca en Wernicke met elkaar verbinden. Mensen met deze afasie kunnen taal
produceren en begrijpen, maar kunnen niet herhalen wat zij kort daarvoor hebben gehoord.
Maar ook

Transcorticale afasie
Stoornis tussen koppelen van woordvorm aan woordbetekenis.

Globale afasie
Ernstige stoornissen in zowel productie als begrip aangetast.

Amnestische afasie
Ernstige woordvindingsproblemen.

Auditieve afasie
Een beschadiging in de hersenbalk of in de zenuwen, die prikkels uit de oren verwerken.
Hierdoor is taalbegrip via het gehoor onmogelijk geworden, terwijl toch van doofheid geen sprake is.
Gelezen teksten kunnen echter wel gelezen worden.

Alexie of visuele afasie
Beschadiging van de verbinding tussen het gebied van de cortex dat prikkels van de ogen verwerkt en de taalgebieden. Als gevolg hiervan kan geschreven tekst niet worden herkend. Gesproken tekst kan echter wel worden begrepen.

Agrafie
Het onvermogen tot schrijven, wat hetzelfde is als praten...

Indeling op grond van drie belangrijkste symptomen:
Geheugen:

Ons geheugen zorgt voor het opnemen, bewaren en later ophalen van zowel
externe
(bv. dingen die men hoort of ziet) als
interne
prikkels (bv. dingen die men denkt).

Een goed functionerend geheugen is een voorwaarde om te leren.

Géén grote vergaarbak, maar met een bepaald systeem opgeslagen, anders moeten we erg lang zoeken in de bak...

Twee onderdelen:
Het
werkgeheugen
(vroeger; korte termijn geheugen) en het
langetermijngeheugen
.
Het
werkgeheugen
is een tijdelijk magazijn, voor beperkte hoeveelheid, gedurende korte tijd. Ongeveer 7 elementen kunnen tijdelijk worden vastgehouden, maar informatie wordt niet alleen passief vastgehouden
(wat is groter: pen of lepel? vergelijken)

Het
langetermijngeheugen
is praktisch onbeperkt.
Opslag is niet een grote rommelzolder, maar systematische opslag. (soort bij soort in kleinere submagazijnen; gezichten bij gezichten, woorden bij woorden etc).

Veel soorten geheugen:
Sensorisch:
(iconisch (beeld) en echoïsch (geluid))
Korte termijn:
(werkgeheugen)
Langetermijn:
(declaratief (episodisch (gebeurtenissen verleden)
en
semantisch:
(feitenkennis)
(niet-declaratief (vaardigheden) en priming (snel
herkennen), conditionering (klassiek en operant)


de
drie
stappen van het geheugen:

Opnemen van informatie uit de buitenwereld
voorwaarde is

aandacht

Het verwerken en opslaan van informatie
voorwaarde is de goede
ordening
van informatie bij de opname

Het ophalen van informatie
voorwaarde is de juiste
zoekstrategie
gebruiken om informatie weer te vinden

(En wat als je geen werkgeheugen meer hebt? Filmpje: Niet procedureel, maar wel episodisch...)
Aandacht en (2 soorten) bewustzijn:

Wat is het?

Informatieverwerking van menselijke cognitie: processen waarmee sensorische informatie wordt getransformeerd, gereduceerd, uitgewerkt, opgeslagen, teruggevonden en gebruikt.

Gerichte aandacht volledig gericht op een bron van stimulatie.
Volhouden van aandacht...
Verdeelde aandacht dagelijks leven vereist dat we meerdere soorten input tegelijkertijd selecteren of meerdere taken tegelijkertijd uitvoeren. Complexe taken!
"Shiften" binnen taken.

Gecontroleerde (met bewuste aandacht) en automatische (zonder bewuste aandacht) informatieverwerking.
Het sturende brein.../De commandopost met zijn verbindingen.../De dirigent voor zijn muzikanten.../Het executieve brein...

Er zijn veel verschillende executieve vaardigheden te onderscheiden:

Keuzes maken

Initiatief nemen

Besef van sterke en zwakke punten

Concrete en realistische doelen stellen

Planning van stappen die naar deze doelen leiden

Het zelf initiëren van deze doelen

Zelfmonitoring en evaluatie van de eigen prestaties ten aanzien van gestelde doelen

Zelfinhibitie van gedrag, dat niet tot de gestelde doelen leidt

Probleemoplossend vermogen wanneer situaties afwijken van het plan en om flexibiliteit vragen

Strategisch gedrag d.w.z. de transfer van succesvol gedrag naar andere situaties
Executieve functies:

De controle, die nodig is bij nieuwe en complexe taken, planning, foutendetectie, conflictoplossing en aanpassing.

Dus niet-routine achtige taken...
maar zeker ook en
bijvoorbeeld empathie...

Vermoeidheid / Egodepletie

Veel voorkomend probleem
Vaak onzichtbaar
Grote gevolgen voor functioneren
Niet afhankelijk van aanwezigheid ev. depressie
Vermoeidheid komt voor bij 38-77%
Multidimensioneel probleem
Oorzaak is niet duidelijk
Sterke samenhang van vermoeidheid met kwaliteit van leven en voorkomen van depressie
NAH
Algemene omgangsadviezen 1/3

Voor een aantal veel voorkomende symptomen volgen een aantal adviezen om met de eerder genoemde beperking in de praktijk om te kunnen (leren) gaan:

Hemiplegie / hemiparese:
Probeer de verlamde zijde bij zoveel mogelijk handelingen te betrekken. Dit voorkomt complicaties en bevordert mogelijk herstel.

Traag tempo / moeheid:
Houd bij dagindeling en speciale plannen rekening met het trage (denk)tempo. Wissel activiteiten regelmatig af met pauzes, gun de persoon/jezelf de tijd.

Aandacht en concentratie:
Werk bij voorkeur in een rustige omgeving. Deel taken op in meerdere stukken en laat de persoon niet te lang achter elkaar ‘werken’.

Structuur:
Breng structuur aan in de dag, neem voldoende de tijd en las regelmatig pauzes in. Kijk op welk deel van de dag de persoon het beste een bepaalde activiteit kan doen.

2/3
Geheugen:
Oefenen het geheugen door verschillende technieken te oefenen. Maak gebruik van geheugensteuntjes, vereenvoudig de informatie (selecteer de bronnen) en streep belangrijke informatie aan.

Planning en structuur:
Zorg voor een dagelijks / wekelijks vast patroon / ritme, maak een volgorde waarin activiteiten uitgevoerd worden, vermijd chaotische situaties, kies bij voorkeur bekende activiteiten, stop met activiteiten die niet lukken en probeer ze later nog eens.

Oriëntatie:
Geef voorwerpen een vaste plaats en breng vaste volgordes en ritmes aan in dagelijkse handelingen en activiteiten, bedenk oriëntatiesteuntjes.
Tips voor de partner: 3/3


Bespreek problemen met uw arts.
Informatie is belangrijk.
Vergeet uzelf niet.
Deel ervaringen met anderen.
De communicaite is anders geworden.
Spreektempo aanpassen
Spreek vanuit uw wensen
Spreek af hoe en wanneer je problemen bespreekt.
Vul niet in voor de ander.
Laat irritaties niet lopen.
U hoeft zich als partner niet schuldig te voelen.
Draag de verantwoordelijkheid en omgaan met veranderingen samen.
Was het verleden werkelijk zoveel mooier?
Het is de kunst om te zien waar de lichtpunten zijn.
Omvang:
Het is lastig om eenduidige conclusies te trekken, maar

Prevalentie
NAH totaal: ca. 650.000 Nederlanders
CVA (beroerte): elk jaar 41.000 erbij, op dit moment 250.000 Nederlanders,
Contusio Cerebri (hersenkneuzing) door ongevallen: 16.000 per jaar uit ziekenhuis, maar,
Grijs gebied: veel patiënten bij huisarts (85.000?) Onderdiagnostiek!
Tumoren: 5000 per jaar

Ter vergelijking: Dementie 260.000, en incidentie neemt af...(22.000)

Incidentie
NAH per jaar 130.000 per jaar erbij!

81% van de in het ziekenhuis opgenomen patiënten wordt zonder nazorg ontslagen.
50% van hen krijgt problemen in de chronische fase.
Netwerktheorie
Bewustzijn staat misschien wel gelijk aan normaal functioneren van de schors en dan vooral
de associatiegebieden.

Bewuste ervaring zou dan niets meer en
niets minder dan de activering van een
voldoende omvangrijk neocorticaal netwerk
(de voorste schorsdelen),
gedurende een voldoende lange periode,
en met een voldoende hoog niveau van intensiteit.

Is de "geest" /mind" van de mens dan alleen maar neuronen? Is de geest verdwenen?
Ruimtelijke aandacht
Ruimtelijke stoornissen
Handelingsstoornissen
Herkenningsstoornissen
Taal- en spraakstoornissen, slikstoornissen
Geheugenstoornissen
Aandacht- en bewustzijnstoornissen
Executieve stoornissen
Vermoeidheid/Egodepletie
Het was veel
en er zijn vast wat vragen...
Afasie syndromen
Henry Honné

Master Neurorehabilitation and Innovation, cum laude (2011), fysiotherapeut
Maatschapslid Praktijk voor Fysiotherapie Honné-Hendricks (1998)
Initiatiefnemer (multidisciplinair eerstelijns) Gezondheidscentrum Honné (2011)
Uitvinder van de "Coachbril voor NAH"; "MIND Therapy"
Oprichter en vrijwilliger Breincafé Horn
Oprichter en eerste voorzitter SFML
Externe assessor HAN Nijmegen
Oud-voorzitter Rotaryclub Leudal 2016-2017
De Brainwalk!
Vader en echtgenoot



communicatie over breinen
Bedankt voor uw aandacht!
Olinfgeooljk

Onedoerzk hefet uigeeweztn dat het mesnliejk biren neit alle letrets arapt lseet maar de wodoern als geeehl oepnemt. De voroaawrde om de wodoren tcoh te keunnn leezn, is dat de ertese en lastate lteetr op hun palats meoetn bejlivn. Geef toe, dit is tcoh luek voeeborld van een dkenpoatorn. Zfels al saatn binja alle leertts door eaalkr, tcoh heernkt ons beirn de woporodatrnen.

En wat moet dan met een verlaagd bewustzijn?

Merken we (n)iets in coma?
De meest complexe structuur, die we kennen.
Kan zoiets complex alleen begrepen worden, door iets dat nog complexer is?
100 miljard neuronen en 50 keer zoveel gliacellen, die met elkaar communiceren via dendrieten en synapsen.
Gecodeerde boodschappen via elektrische prikkels en signaalstoffen?
Of solitonen? (geluidsgolven - eenlinggolf)

2% van ons lichaamsgewicht en 25% van de dagelijkse energiebehoefte.

Je brein bepaalt in 13 milliseconden of iemand aantrekkelijk is of niet, zonder dat het bewustzijn daar aan te pas komt en in 20 milliseconden of een sollicitant geschikt is.

Het brein is kwetsbaar.
Een op de vijf mensen krijgt in zijn leven te maken met een aandoening van de hersenen.
Mensen blijven, gedurende het hele leven nieuwe neuronen en synapsen aanmaken als reactie op (mentale) activiteit.
Trachten het functioneren van het beschadigde brein te begrijpen en te beïnvloeden , behoort tot mijn dagelijkse bezigheden…

Hersenen.....
is er nog meer??
syndroom van Capgras (dubbelgangerswaan)
syndroom van Frégoli (verschillende mensen zijn één en dezelfde)
syndroom van Cotard
Reduplicatieve paramnesie (locatie bestaat op twee of meer plaatsen)
Alien Hand syndroom
Alice in Wonderlandsyndroom
Jerusalemsyndroom
Stendhalsyndroom
Dissociatieve vlucht
Buitenlands accentsyndroom
Apotemnofilie
Synesthesie
.....

goed volgehouden...
Full transcript