Loading presentation...

Present Remotely

Send the link below via email or IM

Copy

Present to your audience

Start remote presentation

  • Invited audience members will follow you as you navigate and present
  • People invited to a presentation do not need a Prezi account
  • This link expires 10 minutes after you close the presentation
  • A maximum of 30 users can follow your presentation
  • Learn more about this feature in our knowledge base article

Do you really want to delete this prezi?

Neither you, nor the coeditors you shared it with will be able to recover it again.

DeleteCancel

Make your likes visible on Facebook?

Connect your Facebook account to Prezi and let your likes appear on your timeline.
You can change this under Settings & Account at any time.

No, thanks

KCV

No description
by

Femke Schurmann

on 18 December 2013

Comments (0)

Please log in to add your comment.

Report abuse

Transcript of KCV

KCV
Architectuur
KCV, Part 2
Basilica
Bogen en gewelven
Boogconstructie: 1 boog op 2 zuilen
Circus
Een Circus is een stadion uit de Romeinse oudheid, dat voornamelijk gebruikt werd voor wagenrennen.
Romeins Huis
Tempel
Romeins en grieks
Aquaduct
= Rioolleiding, kan zowel boven als ondergronds zijn
Aantal in Rome: 11
De pont du gard: de bovenste reeks kleine bogen staat in een verhouding van 3 : 1 ten opzichte van de twee onderste lagen en in een verhouding 4 :1 tot de grootste boog over de Gard.
Pont du gard
Plattegrond profane / romeinse basilica
Absis -> Halfrond
Middenschip -> Rechthoekig omgeven door zuilen
Zijschip/beuk -> Door zuilen van het middenschip gescheiden
Een basilica was een gebouw voor handel en rechtspraak
Christelijke basilica
Ingang vaak in het westen, hier tegenover het altaar. De absis ligt in een dwarsschip (
transept
)

Functie: Religieuze, veel kerken werden gebouwd op deze manier.
Met een
formeel
werd een stenen boog gemaakt: zie hieronder
Met
sluitsteen
werd de boog afgesloten.


Meer bogen achter elkaar heet een gewelf, ook wel
tongewelf
genoemd:
2 tongewelven dwars op elkaar heet een
kruisgewelf
Nog een variant heet het
ribgewelf
:
Als er een koepel wordt gevormd heet dit natuurlijk een
koepelgewelf
.
Casetteplafond:
Dat bovenste puntje heet de
lantaarn
, dan
krijg je de koepel, daaronder zit de
tamboer
.
Daaronder zit weer een
pendentief
:
Het midden heet de
spina
,
de startkooien heten de
carceres
Op de
spina
staat vaak nog een
obelisk
:
Carceres
3:
Atrium
, kern van het huis met een open dak waar het water in opgevangen kan worden. Een huis met atrium heet een
atriumhuis
.
4: Het
impluvium
, in deze bassin wordt water opgevangen dat door het
compluvium
(gat in het dak wat niet alleen voor water maar ook voor versiering en wijsheid zorgde) stroomt. Een simpel huis heet een
c
asa
(
c
heap), een luxer huis heet een
domus
(
D
uur).
Een
peristylium
huis bevatte een
peristylium
, oftewel een tuin omgeven door een zuilengallerij. Een woningenblok tussen straten heet een
insula
.
Verder had je nog een Villa, deze bestond uit het
pars urbana
(Hier werden wedstrijden gehouden) en het
pars rustica
(rust en recreatie).
De
porticus
is een gevelopbouw afkomstig uit de Klassieke oudheid, waarbij zuilen een afgeplatte driehoeksvorm dragen, de timpaan.
Grieks
De
standaardverhouding
van de zuilen is het dubbel aantal zuilen +1. Niet alle tempels voldoen hieraan.

Toegankelijk van 4 kanten, op het
stylobaat
staan de zuilen, hier onder zit het
stereobaat
. In het midden zit de
cella
of
naos
(hier staan vaak standbeelden). Deze betreedt je via de
pronaos
(voornaos), aan de andere kant zit het
opisthodomos
. Alle zuilen bij elkaar heten het peristyle of de
kolonnade
. Een vierkante zuil die de cellamuur afsluit heet de
antis
. (zie hieronder op de hoeken die vierkante zuilen). Als hier tussen nog zuilen staan heten deze
de zuilen in antis
.
Voorkant van een tempel:
De driehoek is een
timpaan
,soms liggen hier standbeelden in. Onder de timpaan zit de fries , de 'zuiltjes' hierin zijn de
trigliefen
, die ruimtes daartussen zijn
metopen
. Daaronder zit de
Architraaf/Epistyle
. Onder de trigliefen zitten een soort druppels, dit heet de
guttae
. De versiering op een zuil heet het
kapiteel
.

Je hebt drie stijlen:

Dorisch (links) en Ionisch (rechts) Korinthisch
Dorisch kan een onderbroken fries
hebben.



Overig


Entasis ->
De zwelling.

Soms lijkt het alsof de
zuilen naar binnen lopen,
dit heet het dorisch hoekconflict.
Vroeger werden tempels van hout gemaakt, dit werd dan
op elkaar gestapeld.
Romeins
Het eerste verschil betreft de zuilengang: waar we in de Griekse tempel te maken hebben met een
peristyle
(peristilium), hebben we in de Romeinse tempel slechts te maken met een zuilengang aan de voorkant. De overige zuilen zijn in feite geen zuilen, maar
pilasters
. Het tweede verschil in plattegrond betreft de vorm van de cella of naos. In vergelijking met de vorm van de cella of naos van een Griekse tempel is de vorm van die van een Romeinse tempel bijna vierkant.

Verder is de opstand anders namelijk kan je de tempel van 1 zijde betreden, daarbij is de romeinse tempel veel
hoger
dan een griekse tempel.
Tholos/ronde tempel
Het werd voor verschillende doeleinden gebruikt. Op de agora (= markt; wat bij de Romeinen ‘forum’ heet) van Athene diende een tholos als een soort gemeentehuis (prytaneum).
Gallo-romeinse tempel
Etruskische tempel
De bestond uit heel veel zuilen en aan de achterkant een 3 delige cella.
Theater
Amphitheater = Rondomtheater
We kijken hier naar een Grieks theater, deze is halfrond. Het rondje in het midden is de
orchestra
. Hier danste het koor en stond een altaar.
De
skene
is het toneelgebouw, voor dit toneelgebouw stond het
proskenion
oftewel het podium. Een grieks theater was op een heuvel gebouwd. Het
auditorium
of
cavea
zit op die heuvel, namelijk de tribune. Deze wordt gescheiden met de
orchestra
door de
parados
.
Romeinse tempel
Een romeins theater wordt vanuit het niets gebouwd. dus niet op een heuvel.
Thermen
Thermen
Het bad wat het dichtst bij de warmtebron (
hypocaustum
) ligt is het
caldarium
. Daarna het
tepidarium
en daarna het
frigidarium
. De
paleastra
is de sportzaal. In het
apodyterium
kleden mensen zich om.
Dan is er ook nog een zwembad:
piscina/natatio
en een
sudatorium
(sauna). De grote ovens (
praefurnia
) zorgte voor de warmte. De luxere thermen hadden een mozaiekvloer. Denk hierbij aan de
keizersthermen
die de keizer schonk aan het volk.

Zuil
Onderaan de zuil zit de
zuilbasis
, bovenop de zuil zit de
zuiltrommel
, hier rust de architraaf op. De Ionische zuilen bevatten nog wel eens
voluten
(ronde krullen zier hiernaast) deze geven aan dat de zuil vrouwelijk is. In de dorische zuil zie je duidelijk dat er
verjonging
is, hij begint dik en wordt dunner naarmate je omhoog gaat. Een platte zuil heet een
pilaster
. Als een zuil meer dan 1 verdieping overspant behoort deze tot de
kolossale

orde
. Komt deze echter maar tot de helft dan is dit een
halfzuil
. Als er een korinthisch kapiteel is met de voluten van de ionische orde behoort deze tot de
composiet

orde
.
De groeven in een zuil heten
cannelure
. Als een zuil uit 1 stuk steen gemaakt is heet dit
monolotisch
(denk aan monowenkbrauw)
dorisch -> beetje versierd bijna geen kapiteel, ionisch -> geen versiering, korintisch -> veel versiering vaak ook grote kapiteel
Salomonszuil:
Atlant:
Cariatide:
Franse zuil:


Triomfboog
Titus, Septimius Severus en Constantijn
.
Zijn drie bekende triomfbogen. Als in de Republikeinse tijd een consul of provinciaal gouverneur een belangrijke overwinning had behaald, kon de senaat hem een triomf (< Lat. ‘triumphus’) toestaan. De overwinnaar mocht dan een zegetocht houden in Rome zelf. Hij trok dan als imperator (zegevierend generaal) gehuld in een purperen mantel en staande op een zegekar, getrokken door vier witte paarden over de Heilige Weg (Via Sacra) naar de tempel van Juppiter Capitolinus om daar te offeren. In de optocht liepen soldaten – ongewapend, want hun wapens mochten ze niet binnen de stadsmuren meenemen – met krijgsgevangenen en buit. Over de weg heen stond dan vaak een van vergankelijke materialen gemaakte triomfboog. Dit heette dan ook een
triomftocht.
De etage boven de triomfboog heet de
attiek.
Soms zitten er nog ronde afbeeldingen op een triomfsboog,
deze heten
medaillons
.

Muren
Bij een muur met enorme blokken van onregelmatige grootte spreekt men van een
cyclopische bouw
. De bekendste techniek om een muur te bouwen heet
opus reticulatum
(links). De buitenkant bestond uit diamantvormige stenen, de binnenkant uit ronde losse stenen. Als deze manier van bouwen wordt afgewisseld met normale bakstenen heet dit
opus mixtum
(rechts). Natuursteen was mooi maar ook duur, beton en baksteen was goedkoper. Als je wilt benadrukken welke stenen er in een muur zitten heet dit
rustica
.
Milecastles
onderbreken een muur soms, zie middelste plaatje.
Vaak werd steen wat zichtbaar was voor het publiek bekleed met natuursteen.
Muur van hadrianus
Deze muur, waarvan nu nog grote delen te zien zijn, ligt in het huidige ---Engeland---. Hij is gebouwd onder keizer Hadrianus, die regeerde van 117 tot 138. Hij liet de muur bouwen door de ter plaatse gelegen legioenen. Hij is 117 km lang.
Aureliaanse muur
Rome had eeuwen van vrede gekend en de muur van Servius Tullius voldeed niet langer als bescherming, doordat werkelijk goed onderhoud lange tijd niet nodig was geweest; bovendien was de stad in zeshonderd jaar behoorlijk gegroeid. Onder keizer Aurelianus werd tussen 271 en 280 daarom een nieuwe muur gebouwd, de muur van Aurelianus ofwel de Aureliaanse Muur, 19 km lang, vooral ter bescherming tegen invallen van de Germanen.
Servische muur
Deze muur omvatte natuurlijk de Servische Muur en sloot alle zeven Romeinse heuvelen in zich. De Via Appia, die begon bij de oude Porta Capena, verliet de stad nu bij de Porta Appia
Vitruvius en de Achitectura
(Bekende schrijver van het
boek architectura)

Wegen
Bouw
Eerst maakten ze een kuil, daarna kamen hier drie lagen in: kleine stenen, grind, grote stenen. Aan de zijkant liggen grote stenen. Hierbuiten lag een greppel.

Extra info
De
via Appia
is een hele bekende weg, een ander woord voor deze wegen is
heirbanen
. Bij elkaar was het wegennet
40 000 km
lang. De stenen op een weg heten
stapstenen
.
Overige begrippen
Ballustrade
-> Een hekje in de vorm van kleine zuiltjes (balusters) met een balk erover
Canonieke vorm
-> Als een bepaalde vorm in de smaak viel bij de mensen dan werd deze vorm behouden, er werd weinig meer geëxperimenteerd met vormen.
Classicistisch
-> De architectuur van de grieken en romeinen die in de eeuwen door worden blijven gebruikt
Gekleurd beeldhouwwerk
-> Vroeger werden veel bouwwerken geschilderd, tegenwoordig is dit allemaal weggesleten.
Gulden snede
-> een lijn het best zo kunt opdelen dat de verhouding hetzelfde is als de verhouding tussen het langste lijnstuk en de hele lijn. A:B = B:C

Zuil van Trajanus
Full transcript