Loading presentation...

Present Remotely

Send the link below via email or IM

Copy

Present to your audience

Start remote presentation

  • Invited audience members will follow you as you navigate and present
  • People invited to a presentation do not need a Prezi account
  • This link expires 10 minutes after you close the presentation
  • A maximum of 30 users can follow your presentation
  • Learn more about this feature in our knowledge base article

Do you really want to delete this prezi?

Neither you, nor the coeditors you shared it with will be able to recover it again.

DeleteCancel

Make your likes visible on Facebook?

Connect your Facebook account to Prezi and let your likes appear on your timeline.
You can change this under Settings & Account at any time.

No, thanks

Wrapp-up Bedrijfskunde

Deel 1
by

M.A van Rijswijk

on 21 October 2015

Comments (0)

Please log in to add your comment.

Report abuse

Transcript of Wrapp-up Bedrijfskunde

Wrapp-up Deel 1
Hoofdstuk 1, 2 en 3
Kenmerken van een organisatie
de menselijke factor
een samenwerkingsvorm
doelgerichtheid: winstdoelstelling!
continuïteit: going-concern gedachte
Het tentamen!
Verschillende betekenissen van het begrip 'organisatie
Functioneel: 'organiseren'; het effectief op elkaar afstemmen van activiteiten.

Institutioneel: 'object'; met een naam en vestiging.

Instrumenteel: 'middel'; waarmee een bepaalde doelstelling wordt bereikt.



Interne hoofddoelstelling = het voortbestaan van de organisatie
Externe hoofddoelstelling = het voorzien in een maatschappelijke behoefte.
Organisatie, bedrijf en onderneming
Productiviteit, effectiviteit en efficiëntie
Productiviteit = opbrengst versus kosten (resultaat/offers)

Maximale productiviteit = met de minste inspanning het maximale resultaat behalen (Max. resultaat/Max. offers)

Effectiviteit = de goede dingen doen (Werkelijk resultaat/normresultaat)

Efficiëntie = de goede dingen op de goede manier doen (Normoffers/werkelijk gebrachte offers)

Synergie-effect = het resultaat van het totale samenwerkingsverband is groter dan een optelling van de resultaten van de individuele prestaties
Paragraaf 1.1
Paragraaf 1.1
Paragraaf 1.2
Paragraaf 1.4
Waarom organisatietheorieën bestuderen?
Stoner en Freeman geven aan dat er 4 redenen zijn waarom dat zinvol is.

Organisatietheorieën:
1. zijn een leidraad bij beslissingen in de managementpraktijk
2. vormen onze visies op organisaties
3. maken ons bewust van de omgeving van het bedrijf
4. zijn een bron van nieuwe ideeën
Paragraaf 1.5
Sociale, economische en
politieke krachten
Paragraaf 2.1
Belangrijkste stromingen in de organisatiekunde
Paragraaf 2.2 t/m 2.8
1. Klassieke organisatiekunde
2. Gedragskundige benadering
3. Revisionisme
4. Systeembenadering
5. Contingentiebenadering
6. TQM-storming (totale kwaliteitszorg)
7. De lerende organisatie
Soorten managers
Manager = iemand die zich richt op de planning, organisatie, leiding en beheersing van een organisatie en die menselijke en materiële middelen toewijst om de organisatiedoelen te bereiken.

Strategievorming = het bepalen van de organisatiedoelen voor de lange termijn en het bepalen van de weg waarlangs men de doelen wil gaan bereiken.
Paragraaf 3.1
Managementvaardigheden en basisfuncties van management
De 4 vaardigheden van een manager:
1. Conceptuele vaardigheden
2. Communicatieve vaardigheden
3. Interpersoonlijke vaardigheden
4. Technische vaardigheden

Management op een specialistisch terrein = functioneel management
Paragraaf 3.2
Tien rollen van de manager
1. Het boegbeeld
2. De leider
3. De verbindingspersoon
4. De waarnemer
5. De verspreider
6. De woordvoerder
7. De ondernemer
8. De oplosser van storingen
9. De verdeler van middelen
10. De onderhandelaar
Paragraaf 3.3
Formeel gezag = de door de organisatie gegeven macht die hoort bij een functie
Internationaal management
Paragraaf 3.4
4 cultuurdimensies
EPRG-model
Duurzaamheid/MVO
Globalisering = de ontwikkeling dat ondernemingen zich steeds meer op de wereldmarkt moeten gaan richten.

De 4 cultuurdimensies van Geert Hofstede:

1.
machtsafstand
: de mate waarin men accepteert dat er machtsverschillen bestaat tussen mensen of organisaties

2.
onzekerheidsvermindering
: de mate waarin mensen trachten onzekerheid uit de weg te gaan

3.
individualisme versus collectivisme
: de mate waarin mensen als individu dan wel als lid van een groep gezien willen worden

4.
masculiniteit versus feminiteit
: de mate waarin waarden als assertiviteit, prestatiedrang, succes en competitie belangrijker zijn dan waarden die men als meer vrouwelijk ziet: aandacht, dienstbaarheid, zorg voor zwakken en solidariteit
De 4 strategieën van Howard Perlmutter:

1.
Ethnocentrisch
: de bedrijfscultuur van het moederbedrijf en het daarbij behorende land wordt op alle
dochterondernemingen overgedragen

2.
Polycentrisch
: dochterondernemingen genieten een zekere vrijheid, stellen lokale werknemers aan en passen hun activiteiten aan de lokale situatie aan.

3.
Regiocentrisch
: strategieën, gedrag en medewerkersopbouw worden (continentniveau) regiogebonden opgezet.

4.
Geocentrisch
: de te onderscheiden markten op landniveau waarop de organisatie actief is, worden met medeneming van de wereldwijze ondernemingsstrateige en onderlinge verschillende geïntegreerd.
Let op de valkuilen!
Let op de valkuilen!
Duurzaamheid = het duurzaam omgaan met de omgeving, het milieu waarin een onderneming actief is.

M
aatschappelijk
V
erantwoord
O
ndernemen = een vorm van ondernemen gericht op economische prestatie (profit), met respect voor de sociale kant (people), binnen de ecologisch randvoorwaarden (planet).
Tip 1: regelmatig studeren
Ellenlange studiesessies werken niet zo goed.
Tip 2: korte, regelmatige leersessies
Als er meer tijd tussen het leren zit, blijft de lesstof beter hangen.
Doel voor vandaag
De belangrijkste thema's benoemen uit deel 1 om de stellingen in het tentamen te kunnen beantwoorden!

Advies: Lees en leer het boek goed!
Full transcript