Loading presentation...

Present Remotely

Send the link below via email or IM

Copy

Present to your audience

Start remote presentation

  • Invited audience members will follow you as you navigate and present
  • People invited to a presentation do not need a Prezi account
  • This link expires 10 minutes after you close the presentation
  • A maximum of 30 users can follow your presentation
  • Learn more about this feature in our knowledge base article

Do you really want to delete this prezi?

Neither you, nor the coeditors you shared it with will be able to recover it again.

DeleteCancel

Make your likes visible on Facebook?

Connect your Facebook account to Prezi and let your likes appear on your timeline.
You can change this under Settings & Account at any time.

No, thanks

Flitsbezoek in 3 minuten

No description
by

Chris Claeys

on 10 December 2014

Comments (0)

Please log in to add your comment.

Report abuse

Transcript of Flitsbezoek in 3 minuten

Flitsbezoek in 3 min.
De reflectieve vraag
Elementen van de reflectieve vraag

1. Situatie
2. Reflectie op de onderwijspraktijk
3. Overweging
4. Beslissing
5. Impact op de leerlingen
Vijf kenmerken
1. Korte, gefocuste en informele observaties
2. Mogelijkheden voor reflectie
3. Focus op bewustwording
4. Mogelijke follow- up
5. Informeel en in samenwerking met elkaar
5 aandachtspunten tijdens het flitsbezoek
1. Betrokkenheid van de leerlingen.
2. Keuzes van de leraar met betrekking tot de activiteiten in relatie tot het leerdoel.
3. Interventies en beslissingen van de leraar in relatie tot het leerdoel.
4. 'Aankleding' van de wanden.
5. Veiligheid en gezondheid.
De reflectieve dialoog
Doel van een reflectieve dialoog is bij de leraar een kritische, refflectieve houding te ontwikklelen ten opzichte van zichzelf en zijn handelen. Met behulp van de reflectieve dialoog wilt u in positieve zin het gedrag van de leraar veranderen en de onderwijspraktijk verbeteren.
Implementatie van flitsbezoeken en de reflectieve dialoog
Tijd vrijmaken: Gebruik alle moglijke momenten om flitsbezoeken af te leggen.
Beknopte notities: Tijdens of na elke flitsbezoek maakt u beknopte notities van hetgeen u gezien heeft. Hou het eenvoudig.
Informeer betrokkenen: Leraar, leerlingen, ouders en externen.
Doel van flitsbezoek en de vijf kenmerken
Doel: Met flitsbezoeken en de daaraan gekoppelde reflectieve vragen en dialogen stimuleert u de leraren zich te ontwikkelen tot verantwoordelijke en zelfanalytische personen die doelgericht te werk gaan en zich willen verbeteren in hun werk.
Stap 1: Betrokkenheid van de leerlingen
Achterhaal de betrokkenheid van leerlingen. Bekijk:
- voordat u de klas ingaat of de leerlingen actief meedoen met de les;
- of de leerlingen actief luisteren;
- of de leerlingen geconcentreerd bezig zijn;
- of de leerllingen actief deelnemen aan het gesprek of opdracht.
Stap 2: Keuzes van de leraar m.b.t de activiteiten in relatie tot het leerdoel
Achterhaal het leerdoel:
- Bekijk de les op het bord ( digibord).
- Bekijk het lesboek, werkschrift, of werkbladan.
- Bevraag enkele leerlingen onopvallend.
- Zoek het doel na in de methode of het leerplan

Bekijk de activiteiten
- Komt de vermelde doelstelling overeen met dat wat u ziet?
- Komt de onderwezen doestelling overeen met het leerplan?
- Zijn de gekozen activiteiten in lijn met het doel?
Stap 3: Interventies en beslissingen van de leraar in relatie tot het leerdoel
Observeer de interventies en beslissingen van de leraar:
- Bekijk welke interventies en beslissingen de leraar neemt zodat alle leerlingen hun leerdoel behalen.
- Wat doet de leraar als leerlingen de instructie niet begrijpen?
- Wat doet de leraar als de leerlingen ongewenst gedrag vertonen?
- Corrigeert de leraar veel of bekrachtigt hij juist positief?
- Communiceert de leraar duidelijk naar de groep?
Stap 4: Scan de wanden
- Kijk wat er aan de wanden in de klas hangt.
- Bekijk leerlingportfolio's, dagboeken.
- Bekijk nagekeken werk of werkbladen en werkschriften.
- Onderzoek op basis van deze informatie wat de bijdrage is aan het onderwijsleerproces.
Stap 5: Bekijk of er in het lokaal belemmerende factoren zijn wat betreft veiligheid en gezondheid.
- Hoe is de doorloop?
- Hoe is de ventilatie?
- Liggen er gevaarlijke materialen?
- Enzovoorts.
U heeft iets gezien tijdens uw flitsbezoek waarover u meer wilt weten, bijvoorbeeld over een lesvoorbereiding, over de planning van de les of over een uitgangsunt van de leraar.

U beschrijft de situatie in het eerste deel van de reflectieve vraag, bijvoorbeeld;
- Als je een les plant.......
- Als je aan het lesgegeven bent........
- Als je jouw onderwijspraktijken evalueert........
Met reflectie op onderwijspraktijk bedoelen we niet van één geobserveerde les maar van meerdere geobserveerde lessen en de keuzes die de leraar maakt met betrekking tot activiteiten en interventies die hij/ zij doet in relatie tot het leerdoel.
- Hoe handelt de leraar om de leerlingen te leren wat ze moeten leren volgens het leerdoel?
".. en als je denkt aan de activiteiten die je wilt inzetten in relatie tot de leerdoel.."
U observeert tijdens de les het gedrag van de leraar, zijn handelen, zijn keuzes en beslissingen, u richt zich niet op de les zelf
Hier gaat het om het denken van de leraar: op grond waarvan maakt de leraar keuzes, welke overtuigingen liggen hieraan ten grondslag en waarvoor staat de leraar?

Met dit onderdeel in de reflectieve vraag probeert u op een positieve manier invloed uit te oefenen op het denken en daaruit voortkomend op het gedrag van de leraar: het stimuleert de leraar om dieper over zijn keuzes na te denken

- Welke criteria gebruik je....
- Welke overwegingen maak je...
Door de reflectieve vraag laat u de leraar terugkijken op zijn beslissingen: vanuit welke idee heeft hij/ zij de beslissingen genomen? Overwegingen gaan vooraf aan beslissingen. De onderdelen 'Overweging'en 'Beslissing'hangen dan ook nauw met elkaar samen.

- ........ om te besluiten welke vragen......
- ........ om te besluiten welke doelstellingen je wilt doceren........
- ........ om te beslissen welke strategieën je toepast ....
Het laatste deel van de reflectieve vraag heeft betrekking op de relatie tussen het gedrag van de leraar en de invloed daarvan op de leerlingen, onder andere: behalen de leerlingen het leerdoel? worden alle leerlingen betrokken bij de les?

Het doel is dat leraren altijd hun genomen beslissingen analyseren, zodat ze zien wat de impact is van die beslissingen op het leerproces van de leerlingen.

- om de prestatie van de leerlingen te beïnvloeden?
- om de beheersing van de leerlingen te verhogen?
Reflectieve voorbeeld vragen
"Ik zou het leuk vinden om samen met jou na te denken over een aantal vraagstrategieën. Als je lessen aan het voorbereiden bent en je denkt na over verschillende vraagstrategieën, vragen en reacties van de leerlingen, welke criteria gebruik je dan om te besluiten welke vraagstrategieën je gaat inzetten waardoor de leerlingen datgene leren wat jij ze graag wilt leren?"
1. Situatie ( en mogelijke conditie):
"Als je de lessen aan het voorbereiden bent...

2. Reflectie van leraar op onderwijspraktijk in relatie tot leerdoel:
..... en je denkt na over verschillende vraagstrategieën, vragen en reacties van de leerlingen.....

3. Overweging:
.... welke criteria gebruik je dan.....

4. Beslissing ( brengt de onderwijspraktijk terug op een almenen manier):
... om te besluiten welke vraagstrategieën je gaat inzetten.....

5. Impact op de leerlingen:
.... waardoor de leerlingen datgene leren wat jij ze graag wilt leren."
Focus op het niveau van de leraar
Aan de hand van een reflectieve vraag kan je een reflectieve dialoog starten. Vaak zijn we geneigd om reflectieve vragen te stellen over dingen die minder goed gaan. Het is juist aanbevolen ook vragen te stellen over dingen die wel goed gaan.
Als een leraar zich competent voelt, heeft dit een positieve invloed op de leerlingen.
Leraar niveau Basis: directe aanpak
De directe aanpak is geschikt voor de aankomende of nieuwe leraren. Daarnaast kunt u directe aanpak gebruiken voor minder goed presterende leraren.
Specifiek aangeven wat er moet veranderen.
Het moet een coachend gesprek worden .
Leraar niveau Professioneel; Indirecte aanpak
De indirecte aanpak gebruikt u bij leraren die naar tevredenheid presenteren. De reflectieve dialoog is erop gericht deze leraren op een hoger bewustzijnsniveau van onderwijskundig handelen te bregen.
Leraar niveau Exellent:
de reflectieve samenwerking
Dit gesprek toont onderlinge afhankelijkheid en samenwerkende interactie tussen de leraar en u.
Het uiteindelijke doel van reflectieve dialoog is om alle leraren te bewegen naar dit niveau van reflectief denken, collegiaal samenwerken en interactie.
De do's en dont's bij de reflectieve dialoog
- Voer een professioneel en neutraal dialoog
- Maak positieve opmerkingen over de reflecties van de leraar.
- Ga ook dialoog aan over iets wat juist wel goed gaat.
- Gebruik geen beoordelende woorden over het werk zelf.
- Duw de leraar niet in de verdediging
- Besteed aandacht aan de reflectiecultuur als iemand hiermee niet bekend is of als er lange tijd geen aandacht voor geweest is.
- Zorg ervoor dat er een vertrouwensband is tussen de leraar en u.
1. Stem goed af en geef vooraf een tijdsduur voor het gesprek aan.

2. Maak een positieve opmerking over het feit dat de leraar met u de dialoog wil aan gaan. Positieve emotie bij de start van het gesprek is belangrijk. De leraar zal dan meer open met u praten.

3. Doe een gerichte uitspraak over de onderwijspraktijk die u wilt bespreken.

4. Nodig de leraar uit om samen met u te reflecteren.

5. Omschrijf kort de onderwijspraktijk die u heeft geobserveerd tijdens het flitsbezoek en de beslissing die de leraar nam. Geef vervolgens de activiteit of interventie aan waarin deze beslissing past.

6. Praat over de onderwijspraktijk.

7. Geef eventueel informatie vanuit de vakdidactiek

8. Controleer of de leraar alles goed begrijpt.

9. Beëindig het gesprek met een reflectieve vraag om verder te bouwen op de activiteit of interventie.

10. Rond af.
Gesprekskenmerken en volgorde van terugkoppeling
Gespreksduur en kenmerken
1. Geef vooraf een tijdsduur voor het gesprek aan

2. Maak een positieve opmerking over het feit dat de leraar de dialoog wil aangaan en over de geobserveerde onderwijspraktijk.

3. Nodig op algemene wijze uit tot reflectie.

4. Stel een reflectieve vraag over de situatie in de klas.

5. Wissel uit wat de overwegingen zijn die de leraar maakt en de criteria die hij gebruikt voor het nemen van beslissingen in relatie tot het behalen van het leerdoel door de leerlingen.

6. Neem afscheid met een opmerking van reflectieve aard met betrekking tot de besproken onderwijspraktijk. Nodig de leraar uit voor een vervolggesprek als hij daar op prijs stelt.
Gesprekskenmerken en terugkoppeling
1. Geef vooraf ruimte en tijdsduur voor het gesprek aan.

2. Maak een positieve opmerking over het feit dat de leraar met u de dialoog wil aangaan.

3. Wissel uit over de reflectieve vraag en leer van elkaar.

4. Sluit af met het aanbod om later verder te praten als de leraar daaraan behoefte heeft.
Voordelen voor de directie:
Stimulans voor leerkrachten om "wakker" te blijven.
Welke scholings- en leerbehoeften heeft mijn team nodig?
Hoe effectief zijn mijn inspanningen ?
Welke vernieuwingen en veranderingen zijn noodzakelijk?
Hoe functioneert mijn team? Kennis naar ouders toe bij klachten.

Als je een les plant
voor anderstalige leerlingen
en als je denkt aan de activiteiten die je wil inzetten om het doel te bereiken
welke criteria gebruik je
om te beslissen welke strategieën je toepast
om elke leerling te helpen bij het leren van het doel?
Als je een les plant
voor anderstalige leerlingen
en als je denkt aan de activiteiten die je wil inzetten om het doel te bereiken
welke criteria gebruik je
om te beslissen welke strategieën je toepast
om elke leerling te helpen bij het leren van het doel?
Als je een les plant
voor anderstalige leerlingen
en als je denkt aan de activiteiten die je wil inzetten om het doel te bereiken
welke criteria gebruik je
om te beslissen welke strategieën je toepast
om elke leerling te helpen bij het leren van het doel?
Als je een les plant
voor anderstalige leerlingen
en als je denkt aan de activiteiten die je wil inzetten om het doel te bereiken
welke criteria gebruik je
om te beslissen welke strategieën je toepast
om elke leerling te helpen bij het leren van het doel?
Criteria voor een goede reflectieve vraag
Gericht op de algemene onderwijsaanpak
Positieve veronderstellingen
Neutraal en niet beoordelend
Respect
Betekenisvol oprekken van de comfortzone
Niet over één specifiek geobserveerde les
Over de algemene onderwijspraktijk
Stel de vraag in de tegenwoordige tijd

Als je je lessen aan het voorbereiden bent
ipv
Toen je gisteren je les aan het voorbereiden was.
Ga ervan uit dat de leraar nadenkt over zijn handelen en doet wat u in de vraag benoemt.

Als je denkt aan de soorten vragen die je zou kunnen stellen met betrekking tot de leerdoelstellingen ...

De vraag geeft aan dat u ervan uitgaat dat de leerkracht al nadenkt over deze soorten onderwijssituaties.
Criteria voor een goede reflectieve vraag
Gericht op de algemene onderwijsaanpak
Positieve veronderstellingen
Neutraal en niet beoordelend
Respect
Betekenisvol oprekken van de comfortzone
Niet over één specifiek geobserveerde les
Over de algemene onderwijspraktijk
Stel de vraag in de tegenwoordige tijd

Als je je lessen aan het voorbereiden bent
ipv
Toen je gisteren je les aan het voorbereiden was.

Criteria voor een goede reflectieve vraag
Gericht op de algemene onderwijsaanpak
Positieve veronderstellingen
Neutraal en niet beoordelend
Respect
Betekenisvol oprekken van de comfortzone
Niet over één specifiek geobserveerde les
Over de algemene onderwijspraktijk
Stel de vraag in de tegenwoordige tijd

Als je je lessen aan het voorbereiden bent
ipv
Toen je gisteren je les aan het voorbereiden was.

Niet:
Ik vind de manier waarop jij ... goed
De strategie die je vandaag hebt gebruikt, was erg goed.

Jouw beoordeling is niet van belang als je reflectief onderzoek wil stimuleren
Positief en gericht op samenwerken
Leerkrachten worden zelfbevestigend
"Als je een rekenles aan het voorbereiden bent (sitatie) op grond waarvan selecteer je (comfortzone oprekken) dan de activiteiten als je kijkt naar het leerdoel?"
"Als je de rekenlessen aan het voorbereiden bent (situatie) en je denkt na over de opdrachten die je gaat doen (reflectie onderwijspraktijk) op grond waarvan neem je het besluit (overwegingen) welke opdrachten je aan bod laat komen (beslissing) zodat je weet dat de leerlingen het leerdoel halen (impact op de leerlingen) (uitbreiding comfortzone?"
BASIS
Niveau 1: Hoe selecteer je?
Niveau 2: Vanuit welke overtuiging selecteer je?
PROFESSIONEEL
Niveau 3: Hoe effectief is jouw handelen?
Niveau 4: Hoe pas je je onderwijs aan op basis van resultaten?
EXCELLENT
Niveau 5: Hoe zorg je dat je effectieve onderwijs nog effectiever wordt?



Focus op het niveau
van de lkr.
BASIS 1
PROFESSIONEEL 3
"Als je een rekenles aan het voorbereiden bent (situatie) en je denkt na over de opdrachten die je gaat doen (reflectie onderwijspraktijk) op grond waarvan (overwegingen, oprekken comfortzone) neem je het besluit welke opdrachten je aan bod laat komen (beslissing), als je kijkt naar het leerdoel?"
BASIS 2
Full transcript