Loading presentation...

Present Remotely

Send the link below via email or IM

Copy

Present to your audience

Start remote presentation

  • Invited audience members will follow you as you navigate and present
  • People invited to a presentation do not need a Prezi account
  • This link expires 10 minutes after you close the presentation
  • A maximum of 30 users can follow your presentation
  • Learn more about this feature in our knowledge base article

Do you really want to delete this prezi?

Neither you, nor the coeditors you shared it with will be able to recover it again.

DeleteCancel

Make your likes visible on Facebook?

Connect your Facebook account to Prezi and let your likes appear on your timeline.
You can change this under Settings & Account at any time.

No, thanks

Vuistregels voor een (GIP) presentatie met PowerPoint

No description
by

Hotelschool Koksijde

on 10 June 2011

Comments (0)

Please log in to add your comment.

Report abuse

Transcript of Vuistregels voor een (GIP) presentatie met PowerPoint

Vuistregels voor een (GIP)
presentatie
met PowerPoint Doel 1) Bij een presentatie is het de bedoeling
om een publiek iets bij te brengen. Een
PowerPoint voorstelling geeft niet alleen
een "professionele indruk", het is in de
eerste een handig hulpmiddel om je
daarbij te helpen. 2) Het geeft je enerzijds de mogelijkheid
om je uitleg structurerend te ondersteunen.
Je publiek kan je uiteenzetting zo beter
volgen en onthoudt beter wat je zegt. 3) Anderzijds biedt het je de kans om wat
je zegt op een aantrekkelijke manier
te illustreren. 4) Let op: een PowerPoint voorstelling mag
de aandacht van het publiek niet constant
opeisen. Het publiek moet in eerste instantie
naar de spreker luisteren. Uitwerking 1) Een goede PowerPoint voorstelling
is een goed voorbereide PowerPoint
voorstelling. Het bevat zeker niet
allles wat je zegt. Denk erover na wat
belangrijk is om je uitleg te structureren
en te illustreren. 2) Je begint best met een inleiding:
je legt het publiek uit wat je doelstelling
was en hoe je dat in grote lijnen
gerealiseerd hebt. Je geeft (op één scherm)
een beknopt overzicht waarover je het zo
allemaal zult hebben. 3) In het midden verwerk je je eigenlijke
presentatie tot een schematisch overzicht,
liefst onder de vorm van een opsomming
van hoofdpunten / kenmerken. 4) In het slot vat je de kern van je betoog nog
eens samen, bijvoorbeeld aangevuld met het
belangrijkste dat je hebt opgestoken. Aan het
einde van je presentatie bedank je de luisteraars
voor hun aandacht en geef je hen de kans om
vragen te stellen. WAAROP
TE
LETTEN (de mondelinge presentatie
blijft het belangrijkste) A. PRESENTEREN 1. Lichaamshouding Wees geen standbeeld maar sta ook niet te wiebelen.
Wat met de handen en voeten? Oefen voor de spiegel. 2. Lichaamstaal Probeer om rustig en zelfverzekerd over te komen. Kijk rond, kijk het publiek aan en een glimlach tussendoor kan wonderen doen.
Opgepast: kijk dus nooit naar het projectiescherm, want dan verlies je het oogcontact en praat je weg van je publiek. Jij kunt volgen op je computerscherm. 3. Taal Spreek op het juiste tempo.
Spreek met een voldoende volume.
Verzorg je pauzes tussen je zinnen.
Verzorg je articulatie. Praat niet binnensmonds.
Zorg voor wat wisselende intonatie zodat je niet altijd op hetzelfde (vervelende) toontje praat. B. DE ONDERSTEUNENDE
POWERPOINT 1. Lay-out Gebruik geen al te schreeuwerige kleuren.
Zorg voor voldoende contrast tussen letters en achtergrond.
De achtergrond is best nogal licht bij uitsluitend tekst, donkerder bij illustraties. Voor de eenvormigheid kies je echter best een achtergrond die niet hoeft gewijzigd te worden.
Hou het eenvoudig: gebruik hoogstens 2 goed leesbare lettertypes (vb.: Arial, Verdana, Comic Sans).
Gebruik daarom ook liefst niet al te veel speciale effecten. Verschijnende, knipperende, binnenvliegende of wegroetsjende letters zij niet van die aard dat ze de aandacht van het publiek bij de zaak houden. Onderlijnde woorden in uitsluitend hoofdletters zijn niet goed leesbaar.
Een schuin lettertype kan uitzonderlijk eens voor 1 woord, om te beklemtonen.
Wees consequent: bvb. alle gelijkwaardige titels met hetzelfde lettertype en dezelfde grootte.
EN VOORAL: plaats niet te veel tekst op een scherm. Slechts per grote uitzondering kan daar eens een volledige zin tussen staan. Bijvoorbeeld voor een citaat. Gebruik de 7 x 7 - regel. Maximaal 7 regels per scherm, maximaal 7 woorden per regel. Hou je je daaraan niet, dan gaat je publiek meer lezen dan luisteren. En dat is de informatieoverdracht waarbij er het minst in het geheugen blijft hangen? Zorg ervoor dat je tekst evenredig over je schermhoogte / bladspiegel verdeeld is. Gebruik hiertoe eventueel witregels die de duidelijkheid ook nog eens ten goede komt.
Sluit af met een zowat blanco of lichtgevulde dia die je laat opstaan wanneer je het publiek uitnodigt tot vraagstelling. 2. Taal Door het ontbreken van zinnen is een PowerPoint relatief eenvoudig kwa taal. Een taalfout valt echter des te meer op. Die zijn dan ook uit den boze.
Titels krijgen altijd een hoofdletter. Soms kan je er wel eens over discussiëren of ies al of niet een titel is.
De onderdelen van een opsomming van kenmerken (onder elkaar geschikt) krijgen geen hoofdletter. Voor een opsomming achter een dubbele punt geldt dezelfde afspraak, maar dan volgt na het laatste woord een punt. Dit is dan het einde van de zin. Dit zal in een PowerPoint dus niet zo vaak voorkomen. 3. Illustraties Een illustratie moet goed gekozen zijn; ze moet gepast zijn en iets bijbrengen.
De illustratie moet van een goede kwaliteit zijn.
Ze moet voldoende groot gebracht worden, in principe liefst op de volledige schermgrootte. Powerpoint bevat daarenboven voldoende mogelijkheden om een illustratie naar de voorgrond te halen en na bespreking weer te laten verdwijnen of verkleinen. Hou dit echter sober. Grafieken en tabellen moeten logisch , overzichtelijk en eenvoudig zijn. NU ZELF AAN
HET WERK
Full transcript