Loading presentation...

Present Remotely

Send the link below via email or IM

Copy

Present to your audience

Start remote presentation

  • Invited audience members will follow you as you navigate and present
  • People invited to a presentation do not need a Prezi account
  • This link expires 10 minutes after you close the presentation
  • A maximum of 30 users can follow your presentation
  • Learn more about this feature in our knowledge base article

Do you really want to delete this prezi?

Neither you, nor the coeditors you shared it with will be able to recover it again.

DeleteCancel

Copy of Klas 1A H6 STEDEN EN STATEN

No description
by

Rients Anne de Vries

on 18 May 2017

Comments (0)

Please log in to add your comment.

Report abuse

Transcript of Copy of Klas 1A H6 STEDEN EN STATEN

Zelfstandige burgers
6.2
A

WOONPLAATS EN WERKPLAATS
6.1
B

De machtige kerk
Isabella van
Portugal
KAMPEN
FLORIS V
vermoord

6.1
A

Woonplaats en werkplaats
Nieuwe landbouwgrond
Vraag en
aanbod


iframe src="http://www.schooltv.nl/beeldbank/embedded.jsp?clip=20040317_middeleeuwsestad01" width="350" height="198" marginheight="0" marginwidth="0" frameborder="0" scrolling="no"></iframe>
URBANISATIE
Na het jaar 1.000 werd de
landbouwopbrengst meer door:
- meer landbouwgrond
- de ijzeren ploeg
- het drieslagstelsel.
Landbouwtechnieken
Na het jaar 1.000 waren de Vikingtochten voorbij.
Het leven werd rustiger en veiliger. Overal kwamen dorpen waarin boeren veel zelf regelden. Van woeste natuur werd landbouwgrond gemaakt. Tussen 1000 en 1300 werden in Holland moerasvlakten droog gemaakt door sloten te graven en dijken aan te leggen.
Verstedelijking
Mensen die geen boer werden gingen bij elkaar wonen op een kruispunt van
wegen, aan het water. Zo ontstonden duizenden steden en stadjes.
Door ambachtslieden groeiden nederzettingen uit tot steden.
West Europa werd weer een landbouw stedelijke samenleving.
Die urbanisatie gebeurde na het jaar 1.000
vooral in Noord Italie, Vlaanderen en
West Nederland.
noord Italie
Vlaanderen
Holland
In de steden was handel en nijverheid. De bewoners waren handelaren, arbeiders en ambachtslieden, zoals bakkers, bierbrouwers, smeden.
Sommige steden waren gespecialiseerd. 's Hertogenbosch was beroemd om zijn spinners , wevers en ververs, die van wol laken maakten.
Boeren boden voedsel aan op de markt
en kochten producten uit andere landen.
Op de markt kwam vraag en antwoord bij elkaar.
Drieslagstelsel
STEDEN
Geldwisselaars
Handel met noord en zuid
HANZE : samenwerkingsverband van havensteden
rond de Noordzee en de Oostzee.
EN
STATEN
Veilig wonen in de Middeleeuwen 1.15
6.4
A

6.5
A

Een ambacht werd geleerd in een gilde :
eerst als leerling, dan als gezel en tenslotte
werd je meester als je een meesterproef had
gemaakt, bijvoorbeeld een mooie kast.
Een meester mocht zijn eigen bedrijf beginnen.
In elke middeleeuwse stad werd een eigen munt op de markt betaald. De handelaar ruilde zijn munten in bij een geldwisselaar voor een stadsmunt.
Deze man controleerde elke munt op falsheid en op gewicht.
Sommige geldwisselaars werden bankiers, die geld bewaarden en uitleenden. Van de kerk mochten ze geen rente vragen. Maar joden en Italiaanse bankiers deden het toch.
Italiaanse banken hadden kantoren in Nederlandse steden vanwege de vele handel met Noord-Italilie.
Wisselbrief
Handelaren droegen hun geld over aan een
geldwisselaar. Dat was veiliger dan geld op zak.
Die overdracht werd 'giro' genoemd.
Gireren . . . hoe gaat dat?
Een handelaar levert in stad A geld in bij een kantoor van een bank (een geldwisselaar).
Daarvoor krijgt hij een wisselbrief.
Daarmee kan hij in stad B geld opnemen bij een kantoor van dezelfde bank.
In de 15e eeuw was Kampen een welvarende handelsstad. Veel handel kwam uit het
Oostzee gebied : dierenhuiden, hout en graan.
Dat was een rijke handel in zijde en specerijen, wijn, zout en zuidvruchten.
1290 : Schippers uit Genua voeren als eersten met hun zeilschepen
naar Brugge via de Straat van Gibraltar.
Daardoor nam de handel toe : Laken, graan en huiden uit Nederland.
Straat van
Gibraltar
Voor handel met het Oostzee gebied
gebruikten handelaren de Kogge.
Een verbetering was het roer dat was
vastgebonden aan de achtersteven.
In Kampen werden goederen opgeslagen.
Daarna werden ze vervoerd naar andere handelssteden in West en Zuid Europa.
Duitse en Nederlandse kooplieden werken samen om risico's in de handel te verkleinen en geen tol te betalen.
1356 : oprichting van het Hanze Verbond. De Hanzesteden maakten afspraken over eenheid in munt, maat en gewicht.
Zo bloeide de handel en groeide de welvaart in Hanzesteden, zoals Kampen, Bruggen, Londen.
Vrije burgers
Een burger woonde in de stad en had
burgerrecht : hij was vrij van herendiensten bij adel en geestelijkheid.
Daarom zeiden de mensen: 'stadslucht maakt vrij'.
Een vrouw hoorde bij de man en kon geen burger worden.
Voor burgerrecht moest veel betaald worden aan de edelman (landheer), op wiens grond de stad stond.
Zo kon de edelman er rijker op worden.
kasteel van de
landheer
Ontstaan van
een stad
<iframe src="http://www.schooltv.nl/beeldbank/embedded.jsp?clip=20040317_middeleeuwsestad02" width="350" height="198" marginheight="0" marginwidth="0" frameborder="0" scrolling="no"></iframe>
Stadsrechten : 1.50
6.2
B


Misdaad en straf
Stadsbestuurders
Een stad had zijn eigen rechtspraak, zoals een boete,verbanning uit de stad, of de doodstraf.
Voor de rechtspraak zorgden de
schout (hoofd van de politie) en de
schepenen (stadsbestuurders).
<iframe src="http://www.schooltv.nl/beeldbank/embedded.jsp?clip=20040317_middeleeuwsestad03" width="350" height="198" marginheight="0" marginwidth="0" frameborder="0" scrolling="no"></iframe>
Het stadsbestuur had ambtenaren
in dienst : klerk, omroeper, arts,
poortwachter, vuilnisophaler.
Het stadsbestuur werd betaald uit
belastingen en geld van
rechtspraken.
Stadspoorten
stadspoort
rieten dak
raadhuis
van
Kampen
de waag
wisselaar
schout +twee
ambtenaren
bedelaars
varken + bel
met naam van
de eigenaar
in een middeleeuwse stad
middeleeuwse
raadszaal
in Kampen
Kerkenbouw
Het vagevuur
In de middeleeuwen was de kerk machtig en de mensen
waren erg godsdienstig.
Vanaf 1000 n.C. werd de kerk van steen gebouwd in de
romaanse
stijl
:
dikke muren met daarop een rond gewelf,
of koepel, en kleine ramen die van boven rond zijn.
Gotische
bouw
Romaanse bouw
Gotische
Kathedraal
in Milaan
Vanaf 1250 kwam de
gotische
bouw
.
De kerken werden hoger en lichter, met grote ramen en spitse bogen, die gevuld waren met kleurrijke afbeeldingen van glas in lood.
De buitenkant werd gesteund door versierde luchtbogen. Gothische kerken werden vaak grote kathedralen.
glas in lood afbeelding
Paus
De paus in Rome bepaalde hoe een
goed christen moest geloven.
Bisschoppen en lagere geestelijken
controleren of gelovigen zich aan
de geloofsregels houden.
bisschoppen
lagere geestelijken
De middeleeuwers waren erg gelovig en steeds bezig met de dood.
De kerk leerde dat je na de dood naar
de hemel of de hel ging.
Vanaf de 12e eeuw zei de kerk dat er nog een derde mogelijkheid was.
6.3
B

De machtige kerk
heiligen
RELIEK
van de hand
van de
heilige
Petrus.
Jodenhaat
In de middeleeuwse steden heerste vaak de pestepidemie. De pest werd veroorzaakt door rattenvlooien,
maar christenen dachten dat het een straf van God was,
of ze gaven de schuld aan de joden.
De macht van vorsten
Duitsland
Rond 1250 was Nederland een deel van het Duitse keizerrijk.
De keizer had de macht over alle edelen en over de geestelijken.
De keizer benoemde de bisschoppen als vazal,
zodat ze aan hem gehoorzaam waren.
Je werd keizer als de paus je in Rome had gekroond.
Duitse keizerrijk in 1250.
De keizer is de baas over
vele vazalstaten.
GOD
Paus
Gregorius VII
keizer
Hendrik IV
Bisschoppen
de paus
benoemt
bisschoppen
en kroont
de keizer
Paus Gregorius VII bepaalde dat
alleen de paus bisschoppen mocht
benoemen en dat de paus machtiger
was dan de keizer. De paus was de
vertegenwoordiger van God op aarde.
Daarom mocht alleen de paus kronen.
Hendrik IV
keizer van Duitsland
paus
bisschoppen
Volgens Hendrik IV
heeft in de wereld
de keizer de meeste
macht.
Een strijd om de macht
tussen de Duitse keizer
en de paus.
keizer Hendrik IV was boos op de paus,
want hij verloor zijn macht over de bisschoppen.
De paus deed Hendrik IV in de ban: Hij werd uit de kerk gezet en niemand hoefde hem nog te gehoorzamen.
Paus
Gregorius VII
Keizer
Hendrik IV
In Canossa (Italie) smeekte Hendrik IV om vergeving.
1122 : In een overeenkomst werd afgesproken dat
bisschoppen vazal mochten zijn van de keizer,
maar dat alleen de paus ze mocht benoemen.
Door deze investituurstrijd verloor de keizer
veel macht aan de kerk en de adel.
1356 : De Duitse keizer werd nu gekozen
door de bisschoppen en de edelen.
1122 : Afspraak
3 Bisschoppen en 4 edelen, die als keurvorsten de keizer van Duitsland kiezen.
Keizer
Hendrik IV
Daarom vindt hij
dat de keizer de bisschoppen en
de paus benoemt.
centralisatie
Staatsvorming
: de koning bestuurt een staat als eenheid, zonder tussenkomst van vazallen.
Dit gebeurde in Frankrijk, Engeland en Spanje.
In Duitsland verloor de keizer zijn macht en kregen de vazallen (edelen) meer macht.
Met wetten voor het hele land bestuurde de koning het land.
Hij nam ambtenaren in dienst om die wetten uit te laten voeren en te controleren.
Een koninklijke rechtbank voor het hele land nam de rechtspraak van edelen in kleinere gebieden over.
Zo'n bestuur over het hele land vanuit 1 stad noemen we
centralisatie.
6.4
B

De macht van vorsten
Kampen
Veel belastinggeld kwam van de burgers.
Daarom gingen vorsten hen behandelen als de
derde stand
,
naast de adel en geestelijken.
Voor een
bede
en voor advies riep een vorst de
Staten-Generaal
bijeen.
Floris V Graaf van Holland en Zeeland 1.15
http://www.schooltv.nl/beeldbank/clip/20040615_floris01
De Nederlanden
In Nederland begon de centralisatie pas
in de 15e eeuw.
Het gebied van Nederland, Belgie en Luxemburg samen werden de Nederlanden (Lage Landen) genoemd.
De Nederlanden bestond uit vele kleine leengebieden : de gewesten.
Die gewesten werden bestuurd door graven, hertogen en bisschoppen.
Gewesten
Filips de Goede
De kruistochten
Byzantijnse rijk
Oproep van de paus
1095: Urbanus II riep alle christenen op om
Jeruzalem te beschermen tegen de moslims.
Hij beloofde dat wie stierf in de heilige
oorlog als beloning in de hemel kwam.
Alle christenen moesten mee helpen,ook rovers. Die werden soldaten van Christus.
Urbanus II
Heilige stad
Jeruzalem is een heilige stad van zowel
joden, christenen als moslims.
In de tijd van de kruistochten was dat
ook zo. In de oude stad is een heuvel,
de Tempelberg.
Heilige grafkerk
Voor christenen is Jeruzalem de stad
waar Jezus stierf aan het kruis.
Op de plaats waar hij stierf werd de
heilige Grafkerk gebouwd. dat werd
een belangrijke pelgrimsoord.
volgens de moslims heeft Mohammed
vanaf de tempelberg een hemelreis
gemaakt. Op deze plek bouwden
Arabieren de Rotskoepel.
Op weg naar het Heilige Land
In 1096 trok een bonte stoet van
tienduizenden mensen naar Jeruzalem.
Door de oproep van rondtrekkende
monniken vertrokken ook veel
avonturiers uit het gewone volk.
Om aan voedsel te komen plunderden
de kruisvaarders vaak de omgeving.
Kruistochten 1.40
http://www.schooltv.nl/beeldbank/clip/20070221_dekruistochten01
6.5
B

Twee eeuwen strijd
De kruisvaardersstaten
Kruisvaardersstaten
Door de kruistochten kwamen luxe producten uit het Midden-Oosten in Europa, zoals suiker en specerijen.
De handel tussen Europa en het Midden-Oosten nam toe, vooral via Italiaanse havensteden, zoals Venetie.
6
`PREZI VRAGEN
1. Noem 3 redenen waarom een stad graag stadsrechten wilde hebben.
2. Wat wordt er bedoeld met de uitspraak : 'stadslucht maakt vrij'?

3. Hoe kon een edelman rijker worden van een stad?

4. Waardoor kon de macht van de steden groter worden dan die van de lage adel?
5. Wat is het tijdvak van de steden en staten?
PREZI VRAGEN
PREZI VRAGEN
PREZI VRAGEN
PREZI VRAGEN
`Reflectie op de uitleg en toetsvragen
1. Wat is de titel van H6? 2. Over welk tijdvak gaat H6?
3a Wat is de titel van 6.4? 3b Wat is het onderwerp van 6.4B ?

4a Waardoor werden vorsten in de tweede helft van de middeleeuwen niet
meer afhankelijk van vazallen?
b Wie vormde de derde stand naast de adel en de geestelijken?
c Waarvoor was de Staten-Generaal belangrijk voor de vorst?
5a Waarom kreeg Floris V ruzie met de edelen (vazallen)?
b Waarom werd Floris V vermoord?
6a Hoe groot was het gebied van de Nederlanden in de middeleeuwen?
b Door wie werden de gewesten bestuurd?
7a Wat deed Filips de Goede in de vijftiende eeuw?
b leg uit wat een eenheidsstaat is.
Werkvormen
1a Maak de digitale opdrachten volgens de planner.
b Maak naar keuze het aantal werkboek opdrachten, die je aan digitale opdrachten niet kon afsluiten.
Leven op het land
1.21 min.
54 sec.
Boeren vrijheid
1.14 min.
verbeterde landbouw
Ieder zijn brood
2.22 min.
Gilden in de
stadspolitiek
1.27 min.
Stad in demiddeleeuwen
3.50 min.
Klompen voor
het stadhuis
3.44 min.
Resultaten van de
kruistochten
1.34 min.
Motieven
2.08 min.
De pest in Kampen
(wordt vervolgd)
2.14 min.
Marieke
(wordt vervolgd)
3.11 min.
Marieke hoort
stemmen
3.17 min.
Donderbussen
5.10 min.
Antwoorden 6.1 A
Antwoorden 6.1 B
Antwoorden 6.2 A
Antwoorden 6.2 B
Antwoorden 6.3 A
Antwoorden 6.3 B
Antwoorden 6.4 A
1. Steden en staten
2. Steden en staten
3a De macht van de koningen
3b Vorst en volk

4a Door de welvaart in de steden konden vorsten veel
belasting innen. Zo konden ze ambtenaren en soldaten in
dienst nemen.
b De burgers vormden de derde stand.
c Voor een
bede
(belasting) en voor advies riep een vorst
de
Staten-Generaal
bijeen.
5a Floris V bedwong een boeren opstand door hen privileges te
geven. De edelen waren tegen.
b Floris V pikte het gebied in van twee edelen.
Die waren woedend en vermoordden Floris V.
6a Het gebied van Nederland, Belgie en Luxemburg samen
werden de Nederlanden genoemd.
b Die gewesten werden bestuurd door graven, hertogen en
bisschoppen.
7a Filips de Goede werd de baas over alle gewesten.
b Een centraal bestuur vanuit 1 stad.
Antwoorden 6.4 B
PREZI VRAGEN
PREZI VRAGEN
Antwoorden 6.4 B
Antwoorden 6.4 B
Door de toename van de voedselproductie verdubbelde de Europese bevolking tussen 1000 en 1300.
Mensen gingen leven in steden waar ze voedsel kochten.
Het vervoer van goederen ging meestal over water. Goede landwegen waren er nauwelijks.
Grote hoeveelheden goederen, zoals graan, wol en hout, werden over grote afstanden aangevoerd.
Zo ontstonden bijna alle grote steden aan rivieren en zee.
In de middeleeuwen had elke ambacht een eigen gilde.
Daarvan moest je lid zijn om je ambacht te mogen uitoefenenin de stad.
Het gilde regelde de werktijden en de prijzen en de kwaliteitseisen.
Ook zorgde het voor de beroepsopleiding.
Het gilde zorgde van de wieg tot het graf voor zijn leden. Bejaarden en zieke leden en weduwen van gestorven meesters werden geholpen.
Ze organiseerden feesten, missen en begrafenissen.
De Florentijn : een gouden munt. Hij werd overal gebruikt als betaalmiddel.
Door de opkomst van de handel in de tweede helft van de middeleeuwen nam het gebruik van geld toe.
De gulden (afgeleid van goud).
Banken
Gireren
Handel tussen Nederland en Zuid-Europa.
http://www.schooltv.nl/video/kooplieden-in-de-middeleeuwen-opkomst-van-de-handel/#q=handel%20in%20de%20middeleeuwen
KOOPLIEDEN IN DE MIDDELEEUWEN 2.26 MIN.
In grote delen van Europa gaven koningen, graven en andere heren vanaf 1000 stadsrechten aan nederzettingen. Zo kregen ze veel geld.
De bewoners kregen het recht te spreken volgens hun eigen stadswetten.
Ook mochten ze stadsmuren bouwen en belasting en tol heffen.
Stadsrechten kregen : Kampen, Dordrecht, Haarlem, Delft, Amsterdam.
KAMPEN
Een man kreeg burgerrecht als hij een jaar in de stad woonde en geld betaalde en een beroep had.
http://www.schooltv.nl/beeldbank/clip/20050614_middeleeuwen03
Ambachtslieden 3.00 min.
Hollandse steden
KONING
HERTOG
GRAAF
landman
of
lage edele
landman
of
lage edele
landman
of
lage edele
landheer
landman
landheer
landman
landheer
STAD
STAD
Steden moesten voor stadsrechten betalen.
Koningen, hertogen en graven verkochten stadsrechten voor geld .
Daarmee konden ze hun land besturen en samen met de steden oorlogen voeren tegen de lagere edelen.
Zo werd de macht van de lage edelen minder en die van de steden meer.
Soms waren steden machtiger dan hun graaf.
In 1239 dwong Gent de graaf van Vlaanderen te vluchten. Door ruzie tussen de graaf en de koning van Engeland kreeg de stad geen wol aangeleverd.
Dat was een ramp voor de lakenhandel, waaraan de helft van de stadsbevolking werkte.
GENT
de lakenstad
Zelfstandige burgers
hoofd eraf
raddraaien
hand eraf
ophangen
doorsnijden
verbranden
Middeleeuwse straffen waren gruwelijk.
Gevangenisstraf kwam niet vaak voor.
Steden vonden dat te duur.
Voor de rechtspraak en het bestuur zorgden de
schepenen
.
Ze zorgden voor orde en rust en voor de keuren (wetten).
Dagelijks bestuur : door een
burgemeester
in een raadhuis.
De burgemeester werd gekozen door een
vroedschap
(rijke burgers).
Dit waren leden uit handelsfamilies.
De
schout
was een soort politie commissaris, die werd gekozen door de graaf, of koning.
Zo hield hij invloed in de stad.
Middeleeuwse stadhuis in Kampen
Middeleeuwse steden leken op kastelen met hun muren met rondgangen, wachttorens en ophaalbruggen.
Ze moesten de bevolking beschermen tegen bendes, struikrovers en agressieve edelen.
Voedselvoorraden waren nodig om een beleg te doorstaan. In vredestijd gingen 's avonds de poorten dicht.
Vagevuur
Volgens de leer van de kerk vanaf de 12e eeuw werden de meeste mensen na hun dood eerst in het vagevuur gestraft voor hun zonden.
Hoe kon je sneller in de hemel komen ?
Door gebeden en giften aan de kerk te geven en door aflaten te kopen van de kerk.
Ook kon je als pelgrim te voet een lange bedevaart maken. Zij konden direct in de hemel komen.
Volgens de kerk was er maar 1 God, maar waren er wel honderden heiligen. Zij konden wonderen verrichten en ze konden een goed woordje voor je doen bij God. De belangrijkste heilige was de maagd Maria, moeder van Jezus.
Iedere stad en elke gilde had een eigen beschermheilige.
De heiligen werden vereerd, maar ook hun relikwieen,
zoals botten, kleding en lichaamsdelen.
b
e
d
e
v
a
a
r
t
1.36
min.
De kerk leerde dat rijkdom en armoede de wil van God waren.
De rijken waren wel verplicht tot liefdadigheid.
Ze moesten armen steunen en zieken verzorgen.
Kerken en steden richtten gasthuizen in voor zieken
en begijnhofjes waar weduwen mochten wonen.
Christenen zochten een zondebok die oorzaak zou zijn van de pest.
Ze dachten aan de joden, die niet christelijk waren.
Antisemitisme is haat tegen de joden, die tot pogroms leidden:
plunderingen en moordpartijen, zoals in 1349 in Kampen en Zwolle.
Ketters en heksen
Christenen met andere ideeen dan die van de katholieke kerk werden ketters genoemd.
De paus stelde hiervoor in 1232 de inquisitie in, een kerkelijke rechtbank.
Een ketter werd gearresteerd en gemarteld.
Wie zijn fouten bekende en andere ketters aanwees kreeg een lichte straf, zoals een verplichte bedevaart.
Wie vasthield aan zijn geloof kwam op de brandstapel.
Heksen
De inquisitie vervolgde ook heksen. Dat zouden vrouwen zijn
die de duivel aanbaden en op zijn bevel afschuwelijke misdaden pleegden,
zoals het eten van kinderen.
Net als joden kregen heksen de schuld van de pest.
Pas aan het eind van de 15e eeuw werden ze vervolgd en verbrand.
Een Hollandse koning van Duitsland
Ridderzaal in
Den Haag.
Graaf Willem II van
Holland en Zeeland
1247 : De 19-jarige graaf Willem II werd door Duitse edelen en bisschoppen gekozen tot koning van het Duitse rijk. Toen liet hij op het binnenhof een koninklijk paleis bouwen. Dat werd de Ridderzaal.
Een Duitse koning werd door de paus gekroond tot keizer.
Maar eerst wilde Willem II de West-Friezen in Noord-Holland onderwerpen. Helaas zakte hij door het ijs met zijn paard en werd doodgeslagen
door een paar West-Friezen. Koningen hadden vaak niet zoveel macht.
De keizer smeekt
om vergeving.
1075: De investituurstrijd.
Engeland en Frankrijk
Engeland : Willem de Veroveraar
In Engeland en Frankrijk kreeg de koning wel meer macht, omdat het erfelijk was.
1066 : De Engelse koning Willem de Veroveraar voerde het feodale stelsel in.
Hij controleerde de hoogste vazallen, de baronnen, door ze kleinere gebieden te geven die over heel Engeland waren verspreid.
Het leenstelsel in Engeland:
vazallen lenen verspreidde gebieden.
Frankrijk rond 1000
1000 : Alleen op zijn eigen domein rond Parijs had de koning de macht.
In de eeuwen daarna kregen de Franse koningen weer macht over de ontrouwe vazallen.
Zo kreeg de koning macht over grotere delen van Frankijk.
Ontrouwe vazallen
worden overheerst.
Vanaf Karel de Grote hadden vorsten hun vazallen nodig voor het bestuur en om een leger te vormen.
Maar door de welvaart in de steden konden vorsten veel belasting innen.
Zo konden ze ambtenaren en soldaten in dienst nemen.
PARIJS
l
LONDEN
MADRID
LONDEN
In de
Staten-Generaal
zaten vertegenwoordigers van de drie standen.
De Staten-Generaal werd in Engeland het
parlement
genoemd.
1419 : Het rijk van Filips de Goede
Vanaf 1419 kreeg Filips de Goede veel gewesten in zijn macht : Bourgondie, Vlaanderen, Brabant, Holland, enz.
Hij riep de eerste Nederlandse Staten-Generaal bijeen,
met vertegenwoordigers van de drie standen uit alle gewesten.
Paus Urbanus II was bang dat moslims christenen zouden afslachten.
Turkse moslims hadden een groot deel van het Byzantijnse rijk veroverd
en dreigden verder op te rukken. Ook Jeruzalem was in Turkse handen.
JERUZALEM
.
De paus is bang voor de moslims
Voor joden is Jeruzalem de stad van de vroegere joodse tempel.
Hiervan is alleen nog een muur over gebleven.
Deze 'klaagmuur' is een bedevaartsoord waar joden rouwen om de verwoesting van de tempel.
Klaagmuur
Edelen schilderen een
kruis op hun schild en harnas.
Na 3 jaar bereikten de kruisvaarders Jeruzalem.
Daar roofden en moorden ze alles en iedereen.
De inname van Jeruzalem was mogelijk doordat er in de islamitische wereld veel verdeeldheid was.
Soennitische Turken hadden Syrie en Palestina veroverd op de sjiieten.
Daarna viel het Turkse rijk uiteen in veel kleine rijken.
De sjiieten leverden strijd in Egypte.
De kruisvaarders veroverden de hele oostkust van de Middellandse Zee. Ze vormden er 4 staten met dikke muren en hoge burchten. Er werd ook handel gedreven.
Er werden nog 8 kruistochten gehouden.
De grootste was de derde in 1187, die werd opgezet nadat Jeruzalem was veroverd door de Egyptische sultan Aladin.
1291 : Het was afgelopen met de kruisvaardersstaten.
prezi vragen
1. Wat deden de boeren toen na 1000 het leven veiliger werd?
1. Wat deden de boeren toen na 1000 het leven veiliger werd?
2. Noem 3 oorzaken waardoor de landbouw opbrengst werd verbeterd.
3. Leg uit hoe het drieslagstelsel werkt.
4a Urbanisatie vond vooral plaats in Holland, Vlaanderen en Italie.
4b Waarom vond urbanisatie vooral in die gebieden plaats?
5. Leg uit wat een gilde is.
1. Overal kwamen dorpen waarin boeren veel zelf regelden. Van woeste
natuur werd landbouwgrond gemaakt.
2. Na het jaar 1.000 werd de landbouwopbrengst meer door:
- meer landbouwgrond
- de ijzeren ploeg
- het drieslagstelsel.
3. Een land werd in drie stukken verbouwd, waarvan elk jaar 1 stuk braak lag.
Elk jaar woerd iets anders verbouwd op die gronddelen.
4. Het vervoer van goederen ging meestal over water.
Zo ontstonden bijna alle grote steden aan rivieren en zee.
5. Van een gilde moest een ambachtsman lid zijn om je ambacht te mogen
uitoefenen in de stad.
Het gilde regelde de werktijden en de prijzen en de kwaliteitseisen.
Ook zorgde het voor de beroepsopleiding.
2. Noem 3 oorzaken waardoor de landbouw opbrengst werd verbeterd.
3. Leg uit hoe het drieslagstelsel werkt.
4a. Noem 3 voorbeelden van urbanisatie.
4b. Waarom vond urbanisatie vooral in die gebieden plaats?
5. Leg uit wat een gilde is.
PREZI VRAGEN
1. Wat doet een geldwisselaar?
1. Wat doet een geldwisselaar?
2. Hoe werd een geldwisselaar een bankier?
3. Waarom sloten veel steden zich aan het Hanze verbond?
4. Waardoor nam de handel tussen noord en zuid Europa erg toe?
5. Waarmee dreef de Kampenaar veel handel in de middeleeuwen?
1. De handelaar ruilde zijn munten in bij een geldwisselaar voor een
stadsmunt. Deze man controleerde elke munt op falsheid en op gewicht.
2. Sommige geldwisselaars werden bankiers, die geld bewaarden en
uitleenden.
3. Duitse en Nederlandse kooplieden werken samen om risico's in de handel
te verkleinen en geen tol te betalen.
4. 1290 : Schippers uit Genua voeren als eersten met hun zeilschepen
naar Brugge via de Straat van Gibraltar. Daardoor nam de handel toe.
5. Met de Kogge.
2. Hoe werd een geldwisselaar een bankier?
3. Waarom sloten veel steden zich aan het Hanze verbond?
4. Waardoor nam de handel tussen noord en zuid Europa erg toe?
5. Waarmee dreef de Kampenaar veel handel in de middeleeuwen?
1. Noem 3 redenen waarom een stad graag stadsrechten wilde hebben.
1. De bewoners kregen het recht te spreken volgens hun eigen stadswetten.
Ook mochten ze stadsmuren bouwen en belasting en tol heffen.
2. Een burger woonde in de stad en had burgerrecht :
hij was vrij van herendiensten bij adel en geestelijkheid.
3. Voor burgerrecht moest veel betaald worden aan de edelman (landheer), op wiens grond de stad stond.
Zo kon de edelman er rijker op worden.
4. Met het geld van de stadsrechten konden koningen hun land besturen en samen met de steden oorlogen
voeren tegen de lagere edelen.
5. Het tijdvak van de steden en staten is van 1000 - 1500.
2. Wat wordt er bedoeld met de uitspraak : 'stadslucht maakt vrij'?
3. Hoe kon een edelman rijker worden van een stad?
4. Waardoor kon de macht van de steden groter worden dan die van de lage adel?
1. Wie zorgden in de stad voor de rechtspraak?
1. Wie zorgden in de stad voor de rechtspraak?
2. Hoe kon een graaf, of koning nog invloed
uitoefenen op een stad?
3. Hoe werd het stadsbestuur betaald?
4. Hoe verdedigde een stad zich tegen struikrovers en
agressieve edelen?
5. Wanneer was het tijdvak van de steden en staten?
1. Voor de rechtspraak zorgden de schout (hoofd van de politie) en de
schepenen (stadsbestuurders).
2. De
schout
was een soort politie commissaris, die werd gekozen door
de graaf, of koning. Zo hield hij invloed in de stad.
3. Het stadsbestuur werd betaald uit belastingen en geld van
rechtspraken.
4. Middeleeuwse steden leken op kastelen met hun muren met
rondgangen, wachttorens en ophaalbruggen.
5. Het tijdvak van de steden en staten was van 1000 - 1500.
2. Hoe kon een graaf, of koning nog invloed uitoefenen op een stad?
3. Hoe werd het stadsbestuur betaald?
4. Hoe verdedigde een stad zich tegen struikrovers en agressieve edelen?
1. Noem 3 kenmerken van de romaanse bouwstijl.
1. Noem 3 kenmerken van de romaanse bouwstijl.
2. Noem 3 kenmerken van de gotische bouwstijl.
3. Wat was de taak van de bisschoppen en de lagere
geestelijken?
4. Hoe kon je sneller in de hemel komen?
5. Wat gebeurde er volgens de kerk na de dood?
1. romaanse stijl : dikke muren met daarop een rond gewelf,
of koepel, en kleine ramen die van boven rond zijn.
2. de
gotische
bouw
.
De kerken werden hoger en lichter, met
grote ramen en spitse bogen, die gevuld waren met
kleurrijke afbeeldingen van glas in lood.
3. Bisschoppen en lagere geestelijken controleren of
gelovigen zich aan de geloofsregels houden.
4. Door gebeden en giften aan de kerk te geven en door
aflaten te kopen van de kerk.
5. De kerk leerde dat je na de dood naar de hemel of de hel
ging, of je kwam in het vagevuur om de zonden te vergeven.
2. Noem 3 kenmerken van de gotische bouwstijl.
3. Wat was de taak van de bisschoppen en de lagere geestelijken?
4. Hoe kon je sneller in de hemel komen?
5. Wat gebeurde er volgens de kerk na de dood?
1. Wat is een reliek?
1. Wat is een reliek?
2. Welke plicht hadden de rijken volgens de kerk?
3. Wat waren volgens de christenen de oorzaken van
de pest epidemieen?
4. Wat is antisemitisme?
5. Welke twee taken had de inquisitie?
1. Een reliek is een overblijfsel van een heilige.
2. De rijken waren wel verplicht tot liefdadigheid.
Ze moesten armen steunen en zieken verzorgen.
3. Christenen dachten dat het een straf van God was,
of ze gaven de schuld aan de joden.
4. Antisemitisme is haat tegen de joden.
5. Een ketter werd gearresteerd en gemarteld.
De inquisitie vervolgde ook heksen.
2. Welke plicht hadden de rijken volgens de kerk?
3. Wat waren volgens de christenen de oorzaken van de pest epidemieen?
5. Welke 2 taken had de inquisitie ?
4. Wat is antisemitisme?
1. Hoe kon een Duitse koning keizer worden?
1. Hoe kon een Duitse koning keizer worden?
2. Hoe kreeg de keizer van Duitsland de macht over de edelen
en de geestelijken?
3. Wat hield de investituur strijd in?
4. Welk recht had Hendrik IV als keizer van Duitsland?
5. Welke mening had paus Gregorius VII?
6. Hoe eindigde de investituur strijd ?
1.
Een Duitse koning werd door de paus gekroond tot keizer.
2. De keizer benoemde de bisschoppen als vazal, zodat ze aan hem
gehoorzaam waren.
3. De investituur strijd ging over de strijd om de macht tussen de
Duitse keizer en de paus.
4. Hendrik IV vond dat hij de paus en de bisschoppen mocht benoemen.
5. Paus Gregorius VII bepaalde dat alleen de paus bisschoppen mocht
benoemen en dat de paus machtiger was dan de keizer. De paus was
de vertegenwoordiger van God op aarde.
6. Door deze investituur strijd verloor de keizer veel macht aan de kerk
en de adel. De Duitse keizer werd nu gekozen door de bisschoppen
en de edelen.
2. Hoe kreeg de keizer de macht over alle edelen en over de geestelijken?
3. Wat hield de investituurstrijd in ?
4. Welk recht had Hendrik IV als keizer van Duitsland?
5. Welke mening had paus Gregorius VII?
6. Hoe eindigde de investituur strijd?
1. Wat was in 1095 de oproep van paus Urbanus II aan alle christenen ?
1. Wat was in 1095 de oproep van paus Urbanus II aan alle christenen ?
2. Waarom was paus Urbanus II bang voor de Turkse moslims?
3. Voor welke godsdiensten is Jeruzalem de heilige stad?
4. Waarom is de klaagmuur een bedevaartsplaats voor de joden?
5. Waarom werd voor de christenen de heilige grafkerk een pelgrimsoord?
1. Urbanus II riep alle christenen op om Jeruzalem te beschermen tegen de moslims.
2. Turkse moslims hadden een groot deel van het Byzantijnse rijk veroverd en dreigden verder op te
rukken. Ook Jeruzalem was in Turkse handen.
3. Jeruzalem is de heilige stad voor de joden, de islam en het christendom.
4. De 'klaagmuur' is een bedevaartsoord waar joden rouwen om de verwoesting van de tempel.
5. Voor christenen is Jeruzalem de stad waar Jezus stierf aan het kruis.
Op de plaats waar hij stierf werd de heilige Grafkerk gebouwd.
2. Waarom was paus Urbanus II bang voor de Turkse moslims?
3. Voor welke godsdiensten is Jeruzalem
de heilige stad?
4. Waarom is de klaagmuur in Jeruzalem een bedevaartsoord voor de joden?
5. Waarom werd voor de christenen de heilige grafkerk een pelgrimsoord?
1. In welk jaar begon de eerste kruisvaarders tocht ?
1. In welk jaar begon de eerste kruisvaarders tocht ?
2. door welke verdeeldheid was de inname van
Jeruzalem door de christenen mogelijk?
3. Waardoor is Venetie in Itale zo rijk geworden?
4. Wanneer eindigden de kruisvaarders tochten ?
1. De eerste kruisvaarders tocht begon in 1096.
2. Soennitische Turken hadden Syrie en Palestina
veroverd op de sjiieten.
3. De handel tussen Europa en het Midden-Oosten
nam toe, vooral via Italiaanse havensteden, zoals
Venetie.
4. 1291 : Het was afgelopen met de kruisvaarders

2. door welke verdeeldheid was de inname van Jeruzalem door de christenen mogelijk?
3. Waardoor is Venetie in Italie zo rijk geworden?
4. Wanneer eindigden de kruisvaarders tochten ?
JAARTALLEN
500 - 1500 periode van de middeleeuwen
1000 - 1500 tijdvak van de steden en staten
1464 eerste vergadering van de Staten-Generaal in Nederland
1096 eerste kruistocht naar Jeruzalem
JAARTALLEN
500 - 1500 periode van de middeleeuwen
1000 - 1500 tijdvak van de steden en staten
1464 eerste vergadering van de Staten-Generaal in Nederland
1096 eerste kruistocht naar Jeruzalem
JAARTALLEN
500 - 1500 periode van de middeleeuwen
1000 - 1500 tijdvak van de steden en staten
1464 eerste vergadering van de Staten-Generaal in Nederland
1096 eerste kruistocht naar Jeruzalem
JAARTALLEN
500 - 1500 periode van de middeleeuwen
1000 - 1500 tijdvak van de steden en staten
1464 eerste vergadering van de Staten-Generaal in Nederland
1096 eerste kruistocht naar Jeruzalem
JAARTALLEN
500 - 1500 periode van de middeleeuwen
1000 - 1500 tijdvak van de steden en staten
1464 eerste vergadering van de Staten-Generaal in Nederland
1096 eerste kruistocht naar Jeruzalem
JAARTALLEN
500 - 1500 periode van de middeleeuwen
1000 - 1500 tijdvak van de steden en staten
1464 eerste vergadering van de Staten-Generaal in Nederland
1096 eerste kruistocht naar Jeruzalem
JAARTALLEN
500 - 1500 periode van de middeleeuwen
1000 - 1500 tijdvak van de steden en staten
1464 eerste vergadering van de Staten-Generaal in Nederland
1096 eerste kruistocht naar Jeruzalem
JAARTALLEN
500 - 1500 periode van de middeleeuwen
1000 - 1500 tijdvak van de steden en staten
1464 eerste vergadering van de Staten-Generaal in Nederland
1096 eerste kruistocht naar Jeruzalem
6.3
A
Full transcript