Loading presentation...

Present Remotely

Send the link below via email or IM

Copy

Present to your audience

Start remote presentation

  • Invited audience members will follow you as you navigate and present
  • People invited to a presentation do not need a Prezi account
  • This link expires 10 minutes after you close the presentation
  • A maximum of 30 users can follow your presentation
  • Learn more about this feature in our knowledge base article

Do you really want to delete this prezi?

Neither you, nor the coeditors you shared it with will be able to recover it again.

DeleteCancel

Make your likes visible on Facebook?

Connect your Facebook account to Prezi and let your likes appear on your timeline.
You can change this under Settings & Account at any time.

No, thanks

Voorbereiding examen biologie. Examenprogramma 2015 KB Met uitleg, animaties en filmpjes

No description
by

leonie joling

on 17 April 2015

Comments (0)

Please log in to add your comment.

Report abuse

Transcript of Voorbereiding examen biologie. Examenprogramma 2015 KB Met uitleg, animaties en filmpjes

- verschillende organisatieniveaus:
 cel
 weefsel
 orgaan
 orgaanstelsel
 organisme
 ecosysteem


http://www.biologiepagina.nl/Flashfiles/Ispring/Organisatieniveaus.swf

Leren aan de hand van het examenprogramma KB.
Klik op de bijgevoegde links.

een biologische probleemstelling herkennen en specificeren
- een biologisch probleem herleiden tot een onderzoeksvraag
- verwachtingen formuleren
- relevante waarnemingen verrichten en gegevens verzamelen
- conclusies trekken op grond van verzamelde gegevens
- oplossing, onderzoek en conclusies evalueren

http://www.biologiepagina.nl/Flashfiles/Ispring/wetenschappelijkemethode.htm

levenskenmerken noemen en toelichten:
- stofwisseling (ademhaling, voeding, uitscheiding), groei, voortplanting,
reageren op prikkels


delen waaruit een cel is opgebouwd en delen waardoor een cel kan zijn
omgeven, benoemen en in afbeeldingen of in modellen aanwijzen en van deze
delen de functie(s) beschrijven:
- celkern, cytoplasma, celmembraan, vacuole, bladgroenkorrels,
zetmeelkorrels, kleurstofkorrels, celwand

3 kenmerkende eigenschappen van cellen van dieren, planten, schimmels en
bacteriën noemen:
- verschillen in bouw met betrekking tot:
 de aanwezigheid van een kern
 de aanwezigheid van bladgroenkorrels
 de aanwezigheid van een celwand
 relatieve grootte

beschrijven wat de stofwisselingsprocessen, verbranding en fotosynthese voor
betekenis hebben voor de instandhouding van een organisme en wat de
correlatie ervan is met de gassen die een organisme in en uit gaan

http://www.biologiepagina.nl/Flashfiles/Ispring/fotosyntheseassimilatie.htm
delen waaruit een weefsel, orgaan of orgaanstelsel is opgebouwd benoemen en
in afbeeldingen of modellen aanwijzen en functie(s) van deze delen
beschrijven:
- de aanwezigheid van weefsels en organen bij meercellige organismen
- weefsel: een aantal aaneengesloten cellen met gelijke vorm en functie; in
veel gevallen is er tussencelstof
- orgaan: een uit een aantal typen weefsel opgebouwd deel van een
organisme met één of meer functies
http://www.biologiepagina.nl/Flashfiles/Ispring/orgaanstelsels.htm
orgaanstelsel: een uit een aantal organen opgebouwd deel van een
organisme met één of meer functies (verteringsstelsel4
, bloedvatenstelsel,
geraamte/bottenstelsel, zenuwstelsel, zintuigstelsel, voortplantingsstelsel,
ademhalingsstelsel, spierstelsel, hormoonstelsel, uitscheidingsstelsel)

toelichten dat een organisme als een geheel beschouwd kan worden waarbij
voor instandhouding en gezondheid van het organisme processen in onderlinge
samenhang plaatsvinden:
- voedselopname, gaswisseling, transport, uitscheiding, stofwisseling in
relatie tot energiegebruik, groei en vervanging
met behulp van determineertabellen de naam opzoeken van planten- en
diersoorten en verwoorden5 6 dat aan het onderling verschillen van soorten
erfelijke factoren ten grondslag liggen

verbanden aangeven tussen vorm, bouw en leefwijze van organismen en de
omgeving waarin deze organismen leven, en uitleggen hoe planten en dieren
zijn aangepast aan hun leefomgeving:
- aanpassing aan droge, natte, hete en koude omstandigheden
kenmerken van bloemen met windbestuiving en van bloemen met
insectenbestuiving, met name:
 verschillen in vorm en kleur, geur, aanwezigheid van nectar en de
aanwezigheid en plakkerigheid van stuifmeel
 vorm van de meeldraden en stamper


http://www.bioplek.org/animaties/planten_dieren/bloem.html
klimplanten, voorjaarsbloeiers, rozetvormende planten, waterplanten met
drijvende bladeren

de organen via welke zuurstof wordt opgenomen en koolstofdioxide wordt
afgegeven bij dieren, met name:
 tracheeën bij insecten
 kieuwen bij vissen
 longen, kieuwen en huid bij amfibieën
 longen bij reptielen, vogels en zoogdieren
- de poten van teengangers, hoefgangers en zoolgangers
de functie van zwemvliezen bij watervogels, de functie van lange poten en
gedeeltelijke zwemvliezen bij steltlopers en de functie van klauwen bij
roofvogels

bij zoogdieren de vorm en de functie van plooikiezen (bij planteneters),
knipkiezen (bij vleeseters) en knobbelkiezen (bij alleseters)
http://www.bioplek.org/animaties/planten_dieren/cavia.swf

http://www.bioplek.org/animaties/planten_dieren/nerts.swf
de functie van bepaalde snavelvormen, met name:
 een puntige snavel bij insectenetende vogels
 een kegelvormige snavel bij zaadetende vogels
 een haakvormige snavel bij roofvogels
- verschillen tussen individuen van een soort kunnen het gevolg zijn van
verschillen in erfelijke aanleg en/ of verschillen in milieufactoren waaraan
die individuen hebben blootgestaan

- bij planten- en vleeseters de relatie tussen het soort voedsel en de lengte
van het darmkanaal

delen waaruit zaadplanten zijn opgebouwd benoemen, hun functie(s)
beschrijven en aangeven welke delen van planten voedingsmiddelen en/of
grondstoffen leveren voor de mens:
- stengels: transport via houtvaten en bastvaten, opslag en stevigheid
- bladeren met huidmondjes: fotosynthese
- opname en afgifte van koolstofdioxide en zuurstof, verdamping van water
- wortels: bevestiging in de bodem, opname van water en mineralen
(voedingszouten) met behulp van wortelharen, opslag van vooral zetmeel
als reservestof
- bloemen met kelkbladeren, kroonbladeren, meeldraden (met helmdraden
en helmknoppen), en stamper(s) (met stempel(s), stijl, vruchtbeginsel en
zaadbeginsel(s)): voortplanting
- vrucht met een of meer zaden: geslachtelijke voortplanting

http://www.bioplek.org/animaties/fotosynthese/vaatbundel.html

Nog een filmpje over planten.
Want hoe meer je ziet, hoe meer je onthoudt.
een zaad bestaat uit een zaadhuid, kiempje en reservestoffen vooral
eiwitten, vetten en zetmeel, en manieren van zaadverspreiding (m.b.v.
wind, dieren, "wegschieten")
- bollen met rokken: ongeslachtelijke voortplanting en opslag van
- reservestoffen
- knollen: ongeslachtelijke voortplanting en opslag van reservestoffen
- alle genoemde delen kunnen voedingsmiddelen voor de mens leveren

enkele typen weefsel(s) van planten met functie(s) en bouw beschrijven:
- weefsels met onder andere fotosynthese en opslag
- vaatbundels met houtvaten (transport van water en voedingszouten) en
met bastvaten (transport van water met energierijke stoffen)
- opperhuid van stengels en bladeren met huidmondjes voor opname en
afgifte van gassen en een waslaagje voor bescherming tegen uitdroging en
beschadiging
- openen van huidmondjes in het licht en sluiten in het donker
- openen en sluiten van huidmondjes in relatie tot opname en afgifte van
water door planten
- opperhuid van wortels met wortelharen: opname van water en mineralen
(voedingszouten
Organenstelsels
biologisch onderzoek
Levens kenmerken
Verschillen dierlijke en plantaardige cel
Dieren zijn aangepast aan hun omgeving
Fotosynthese
Planten en dieren en hun aanpassingen
uitleggen wat een ecosysteem is en uitleggen/noemen welke relaties er zijn
tussen organismen bij de energiestromen in een ecosysteem:
- planten- en diersoorten noemen die een voedselketen/voedselweb of een
piramide van biomassa/ aantallen vormen
- in een beschreven ecosysteem producenten, consumenten en reducenten
onderscheiden:
. planten zijn producenten die zelf energierijke stoffen maken d.m.v.
fotosynthese
 dieren zijn consumenten die voor hun voedsel afhankelijk zijn van
andere organismen
 onverteerde delen, afvalstoffen en restanten van planten en dieren
worden door reducenten (zoals schimmels en bacteriën) omgezet in
koolstofdioxide, water en zouten die planten kunnen opnemen; de
relatie met koolstofkringloop
 consumenten en reducenten gebruiken de energierijke stoffen uit hun
voedsel voor de verbranding en voor de opbouw van het eigen
lichaam
 bij het in stand houden van een organisme gaat energie verloren in
afvalproducten en door verlies van warmte

http://www.bioplek.org/animaties/ecologie/ecologie.html
in een beschreven ecosysteem biotische en abiotische milieufactoren noemen
en toelichten dat individuen en populaties in een ecosysteem afhankelijk zijn
van, en beïnvloed worden door biotische en abiotische factoren
de functie van het verteringsstelsel beschrijven:
- voedingsmiddelen worden bewerkt zodat eiwitten, koolhydraten en vetten
bereikbaar worden voor enzymen en na afbraak opgenomen kunnen
worden in het bloed

de delen van het verteringsstelsel en de delen die met dit stelsel
samenwerken, noemen, in afbeeldingen aanwijzen en functie(s) en werking
ervan beschrijven, met inbegrip van enzymwerking:
- ligging en functie(s) van:
 mond met tong, speekselklieren, tanden en kiezen
 slokdarm
 maag
 alvleesklier
 twaalfvingerige darm
 dunne darm
 dikke darm
 endeldarm met anus

productie van verteringssappen in speekselklieren, maagsapklieren,
alvleesklier en dunne darm
- algemene functie verteringsenzymen
- speeksel en maagzuur beschermen tegen infecties via het voedsel
- functie van darmperistaltiek
Duidelijk filmpje, bijna alles wordt nog eens uitgelegd.
Verteren
Ecologie
de bouw van tanden en kiezen met glazuur, tandbeen, wortel, cement,
zenuw en bloedvaten
- tegengaan tandbederf, met name de rol van:
 speeksel
 tandenpoetsen
 fluorbehandeling
afvoer van bloed met voedingsstoffen via de poortader naar de lever
- ligging en functies lever, met name:
 afbraak van afval- en gifstoffen
 bewerking van voedingsstoffen
 opslag van glycogeen gevormd uit glucose
 galproductie
- ligging en functie galblaas: opslag van gal
- functie gal: met name emulgeren van vetten
http://www.biologiepagina.nl/Flashfiles/Ispring/glucoseregeling.htm
kopieer de link en kijk goed of je het snapt
voedingsstoffen en hun functie(s) voor het lichaam noemen en de relatie ervan
met voedingsadviezen toelichten inclusief evenwicht tussen opname en
gebruik, verbruik en verlies van stoffen bij een constante lichaamsmassa:
- op te nemen (groepen van) stoffen: water, eiwitten, vetten, koolhydraten
(zetmeel en suikers), mineralen (zouten), en vitamines
- groepen van voedingsstoffen worden gebruikt voor de opbouw van het
lichaam (bouwstoffen), voor het vrijmaken van energie (brandstoffen), als
beschermende stoffen en/of als reservestoffen
- met behulp van de schijf van vijf of een voedingsmiddelentabel de kwaliteit
van verschillende maaltijden vergelijken
- invloed van vezels in het voedsel op de darmperistaltiek
uitleggen wat er kan gebeuren bij ondervoeding, bij overmatig gebruik van
voedsel, alcohol en medicijnen, en bij gebruik van tabak en drugs en hierbij
abstracte relaties leggen:
- overgewicht en vermagering als gevolg van over- en ondervoeding
- de relatie tussen activiteit, gebruik van energie en opslag of verbruik van
reservestoffen
- grondstofwisseling
lymfevaten, bloedvaten en delen van het hart noemen, in afbeeldingen
aanwijzen en functie(s) en werking beschrijven, met inbegrip van enkele
macroscopische details en problemen met de bloedsomloop:
- ligging en functies van lymfevaten, functie van kleppen
- aan- en afvoer van stoffen en warmte door bloed
- van slagaders, aders en haarvaten: functies; onderscheid naar ligging,
bloeddruk, bouw van de wand, aan- of afwezigheid van kleppen en
samenstelling van het bloed in deze vaten















- veel voorkomende oorzaken van hartinfarct en hartritmestoornissen, met
name:
 stress
 overgewicht
 roken
 te grote inspanning
 erfelijke aanleg
- gevolgen van een te hoge en een te lage bloeddruk
Tanden
Voedingsstoffen
Voedsel, alcohol en medicijnen
constant houden van stoffen.
Bollen
Knollen
Goed duidelijk filmpje uitleg
insuline-glucagon

- naamgeving van aders en slagaders naar of bij bepaalde delen van het
lichaam met daarnaast de aorta, poortader, holle aders, kransslagaders en
kransaders
grote en kleine bloedsomloop
- de bouw, ligging, functie en werking van het hart met kamers, boezems en
kleppen
- dikte van de wanden van de kamers in relatie tot hun functie
- principe van verandering van druk in de kamers en slagaders tijdens de
hartwerking
van bloed, lymfe en weefselvloeistof van de mens de samenstellende delen
noemen en de functie van de delen beschrijven:

- vorm en functies en voorkomen van bloedplasma met onder andere: water,
zouten, glucose, vitamines, vetten, eiwitten (waaronder antistoffen en
hormonen), zuurstof en koolstofdioxide
- vorm, functies en plaats van vorming van rode bloedcellen, witte
bloedcellen en bloedplaatjes
- transport van stoffen tussen bloed, weefselvloeistof en cellen
- weefselvloeistof stroomt als lymfe in de lymfevaten
bloedsomloop
http://www.bioplek.org/animaties/bloed/hart_bloedsomloop.html
https://files.itslearning.com/data/842/C375/Biologie%20uitwerkingen/Transport%20BVJ%205%20havo-5.pdf
7 delen van het ademhalingsstelsel noemen, in afbeeldingen aanwijzen en
functie(s) en werking beschrijven:
- naam, ligging, bouw, werking en functie van delen van het
ademhalingsstelsel, met name:
 mondholte, neusholte en keel (met huig en strotklepje)
 luchtpijp met kraakbeenringen, slijmvlies met trilharen
 bronchiën
 longblaasjes

Ademhalingsstelsel
Verschillen tussen borst- en buikademhaling/ventilatiebewegingen door
veranderingen van borstkas, middenrifspieren, buikspieren en
tussenribspieren
- functie van hoesten
- voordelen van ademhalen via de neus in vergelijking met ademhalen via de
mond
- kwaliteit van ingeademde lucht i.v.m. astma, bronchitis, longemfyseem en
hooikoorts
lever en nieren met urineleiders, urineblaas en urinebuis noemen, in
afbeeldingen aanwijzen en de functie ervan noemen, de bouw en werking van
de nier beschrijven en beschrijven dat omzetting van afvalstoffen en nietbruikbare
stoffen in de lever plaatsvindt en dat deze daarna uitgescheiden
worden:
- wisselende gehaltes aan water en afvalstoffen (zoals ureum) in urine
nierschors, niermerg, nierbekken
De kandidaat kan
1 toelichten dat gedrag bij dieren uit een reeks samenhangende handelingen
bestaat, en kan aan de hand van concrete voorbeelden uitleggen dat gedrag
afhankelijk is van inwendige en uitwendige prikkels
Urinewegen
Gedrag
2 delen van het zenuwstelsel noemen, in afbeeldingen aanwijzen, en functie(s) en
werking beschrijven; soorten zenuwcellen benoemen en onderverdelen:
- bouw, ligging en functie van delen van het centrale zenuwstelsel, met
name:
 grote hersenen: bewustzijn, zintuiglijke waarneming en bewuste
beweging
 kleine hersenen: coördinatie van bewegingen
 hersenstam: verbinding tussen grote hersenen en ruggenmerg en een
rol bij reflexen in hoofd- en halsgebied
 ruggenmerg: verbinding van organen met hersenen en een rol bij
reflexen van romp en ledematen
- bouw van een zenuwcel met cellichaam en uitlopers
Zenuwstelsel
bouw van een zenuwcel met cellichaam en uitlopers
- ligging en functies van typen zenuwcellen:
 schakelcel
 gevoelszenuwcel
 bewegingszenuwcel
- gevoelszenuw, bewegingszenuw, gemengde zenuw

- reflex is een vaste, onbewuste reactie op een bepaalde prikkel:
 terugtrekreflex
 strekreflex
 kniepeesreflex
 pupilreflex
- functies van een reflex: onbewust regelen van motoriek, reageren bij kans
op onverwachte beschadiging van het lichaam
3 ervaringen/waarnemingen van zintuig-practicumproeven in biologische termen
weergeven
Zenuwcellen
4 delen en omringende delen van de gehoororganen, van de ogen en van
zintuigelementen in huid, neus en tong in afbeeldingen aanwijzen en functie en
werking ervan beschrijven:

- van het gehoororgaan, met name:
 oorschelp
 gehoorgang
 trommelvlies
 trommelholte/middenoor
 buis van Eustachius
 gehoorbeentjes: hamer, aambeeld, stijgbeugel
 slakkenhuis met zintuigcellen
 gehoorzenuw
 evenwichtsorgaan
Onderdelen van het oog
 wenkbrauw
 wimper
 traanklier
 traanbuis
 oogspier
 harde oogvlies
 hoornvlies
 vaatvlies
 iris met kringspieren en lengtespieren
 pupil
 lens: accommoderen
 glasachtig lichaam
 netvlies met gele vlek en blinde vlek
 oogzenuw
 ligging en functie van staafjes en kegeltjes
Gele vlek = hier kan je het beste zien.
liggen veel zintuig cellen.
Kegeltjes = kleur.
staafjes= zwart wit.


Bij de blinde vlek verlaat de oogzenuw
het oog, hier kun je niks zien.
op abstracte wijze uitleggen dat prikkels uit de omgeving door zintuigen
omgezet worden in impulsen die naar het centrale zenuwstelsel geleid worden,
waardoor waarneming kan plaatsvinden:
- drempelwaarde, adequate prikkel, gewenning, motivatie
6 beschrijven dat bewust gedrag vanuit de hersenen gestuurd wordt
de samenstellende delen van de huid en het onderhuids bindweefsel noemen, in
afbeeldingen aanwijzen en functie(s) beschrijven:
- bouw, ligging en functies van de delen van de huid, met name:
 opperhuid met hoornlaag met dode cellen en kiemlaag met delende
cellen en zenuwuiteinden (‘pijnzintuig’)
 lederhuid met bloedvaten, haarzakjes, talgklieren, haarspieren,
zweetklieren, zenuwuiteinden en zintuigen
 haren
- onderhuids bindweefsel met vetcellen
- de rol van de doorbloeding, vet en de mate van zweten bij de
temperatuurregeling
- de rol van de hoornlaag bij de bescherming tegen infecties, uitdroging en
beschadigingen
- de rol van pigment bij de bescherming tegen ultraviolette straling
Het oor
Het oog
het principe van de werking van hormonen beschrijven
- beïnvloeding van groei, ontwikkeling en stofwisseling
hormoonklieren noemen, in afbeeldingen aanwijzen en functies en werking met
de nodige detaillering beschrijven, met name van:
- hypofyse: productie van hormonen voor regeling groei, beïnvloeden van
andere hormoonklieren
- schildklier: stimulering van verbranding in cellen
- eilandjes van Langerhans: productie van insuline en glucagon en de
handhaving van een constante bloedsuikerspiegel; diabetes
- bijnieren: productie van adrenaline die de activiteit van spieren, de
ademhaling en de bloedsomloop versnelt
- eierstokken en teelballen: naast productie van geslachtscellen ook productie
van geslachtshormoon/het ontstaan van secundaire geslachtskenmerken

fasen in de lichamelijke en geestelijke groei en ontwikkeling van mensen
noemen
2 delen van de voortplantingsstelsels noemen, in afbeeldingen aanwijzen en
functie(s) en werking beschrijven:
- ligging, bouw en functie van eierstokken, eileiders, baarmoeder, schede (=
vagina), grote en kleine schaamlippen, kittelaar (= clitoris)
- ligging, bouw en functie van balzak, teelballen/zaadballen, bijballen,
zaadblaasjes, zaadleiders, prostaat, penis, zwellichamen, urinebuis,
voorhuid, eikel
3 functies van seksualiteit verwoorden en verschillen in opvattingen, normen en
waarden daarover formuleren
Voortplanting en seksualiteit
De huid
Hormonen
beschrijven hoe de voortplanting van mensen verloopt:
- primaire en secundaire geslachtskenmerken bij de vrouw en de man
- verloop van de menstruatiecyclus, met name:
 ontwikkeling van eicel in eierstok
 ovulatie
 opbouw baarmoederslijmvlies
 menstruatie (verval baarmoederslijmvlies)
- bouw en functie van een eicel en een zaadce
processen tijdens de zwangerschap, met name:
 bevruchting in de eileider
 delingen in de eileider
 innesteling in baarmoederslijmvlies
 ontwikkeling embryo/foetus
- ligging en functies van vruchtvliezen, vruchtwater, navelstreng en placenta
(moederkoek)

- het verloop van zwangerschap en geboorte met indalen, ontsluiting met
weeën, uitdrijving met persweeën en nageboorte

- eeneiige tweelingen, twee-eiige tweelingen
- vormen en functie van prenataal onderzoek met name echoscopie,
vruchtwaterpunctie en vlokkentest
de werking van voorbehoedmiddelen beschrijven:
- condoom, spiraaltje, sterilisatie, pessarium, invloed van de "pil" als
ovulatieremmer
stadia in de levenscyclus van zaadplanten met geslachtelijke voortplanting
noemen, inclusief aspecten van het overwinteren van een plant:
- ontkieming, groei en bloei
- bestuiving en bevruchting
- ontwikkeling van een kiempje uit een bevruchte eicel, een zaad uit een
zaadbeginsel en een vrucht uit een vruchtbeginsel
- aspecten van het overwinteren van een plant:
 als zaad
 alleen afsterven van de bovengrondse delen
 opslag van reservestoffen in de wortels
 met blijvende bovengrondse delen met of zonder bladeren
7 aan de hand van voorbeelden geslachtelijke en ongeslachtelijke voortplanting
bij zaadplanten herkennen en toelichten
Leven cyclus bij planten.
Houtvaten en bastvaten, werking huidmondjes
Stengels, bladeren en wortels
Full transcript