Loading presentation...

Present Remotely

Send the link below via email or IM

Copy

Present to your audience

Start remote presentation

  • Invited audience members will follow you as you navigate and present
  • People invited to a presentation do not need a Prezi account
  • This link expires 10 minutes after you close the presentation
  • A maximum of 30 users can follow your presentation
  • Learn more about this feature in our knowledge base article

Do you really want to delete this prezi?

Neither you, nor the coeditors you shared it with will be able to recover it again.

DeleteCancel

Make your likes visible on Facebook?

Connect your Facebook account to Prezi and let your likes appear on your timeline.
You can change this under Settings & Account at any time.

No, thanks

BT-B Toiletgang, niveau 2

zindelijk worden/zijn, begeleiden naar de toilet, incontinntie, hulpmiddelen, tips voor de praktijk
by

mayke nimberg

on 3 February 2014

Comments (0)

Please log in to add your comment.

Report abuse

Transcript of BT-B Toiletgang, niveau 2

moeilijke woorden:

- incontinent
-incontinentiemateriaal
- inco
- inco-dagboek
-catheter
- suprapubis catheter
- ondersteek
- plaswekker
- postoel
- schuitje
- urinaal
- vulva
- penis
- scrotum
- smegma
- defeceren
- def.
- zindelijk
- zindlijkheidstraining
- inco-dagboek
Toiletgang
Incontinentie
02 mei 2011



De zorg voor dementerende ouderen met een vorm van incontinentie is complex. Wat kunnen verpleegkundigen doen om incontinentie te voorkomen? Naast het in kaart brengen van de gewoontes en wensen van de oudere is het belangrijk om cognitieve functies te testen zoals oriëntatie, registratie, inschatting, aandacht, geheugen en taal. De Mini Mental State Examination (MMSE) is daarvoor geschikt.



Om (onnodige) incontinentie te voorkomen, is het belangrijk om allerlei zaken rondom de toiletgang te noteren. Dat doe je door de gewoontes en wensen van de oudere in kaart te brengen. Stel vragen als: waar kunnen we u bij helpen? Hoe vaak gaat u naar het toilet? Heeft u pijn bij het plassen of de stoelgang? Bent u wel eens te laat bij het toilet?

Mobiliteit
Probeer ook een beeld te krijgen van de mobiliteit van de nieuwe bewoner. Is de cliënt in staat om zelfstandig uit stoel of bed te komen? Hoe is het gesteld met de handfunctie bij de hygiëne en het aan- en uitkleden? Zijn er problemen met lopen of het gezichtsvermogen? Daarnaast is het belangrijk om cognitieve functies te testen als oriëntatie, registratie, inschatting, aandacht, geheugen en taal. De Mini Mental State Examination (MMSE) is daarvoor geschikt en bestaat uit elf vragen en opdrachten.
Preventie bij incontinentie
incontinentie en dementie
Hulpmiddelen bij toiletgang
inco-dagboek


De zorg voor dementerende ouderen met een vorm van incontinentie is complex. Wat kunnen verpleegkundigen doen om incontinentie te voorkomen? Naast het in kaart brengen van de gewoontes en wensen van de oudere is het belangrijk om drie dagen een inco-dagboek bij te houden.



Het inco-dagboek is een lijst waarop de verpleegkundige gedurende drie dagen gegevens noteert over de frequentie, de ernst en het tijdstip van de incontinentie. Het is een afgeleide van het mictiedagboek, door specialist ouderengeneeskunde Paul van Houten aangevuld met gegevens over fecale incontinentie.

Welke soort
Misschien denk je dat het invullen van lijsten en het bijhouden van een inco-dagboek tijd kost die niet ten goede komt aan de directe zorg voor de cliënt. Toch verdient die tijd zich snel terug. Een inco-dagboek bijhouden is van groot belang om vast te stellen om welke soort incontinentie het gaat en welke hulp de cliënt nodig heeft. Door vroege signalering en diagnostiek kun je de incontinentie voor een deel verminderen. De pdf van het inco-dagboek staat onderaan dit bericht.
oefeningen bekkenbodem
incontinentiemateriaal
In
continentie bij dementie is niet altijd te voorkomen. Tegelijkertijd hebben ouderen met dementie in zorgcentra vaak onnodig last van incontinentie. Door vroege signalering en diagnostiek is het mogelijk om incontinentie voor een deel te verminderen of zelfs te voorkomen. De inbreng van verzorgenden en andere medewerkers in zorgcentra is daarbij onmisbaar.

Toiletgang bij dementie legt uit wat goede zorg bij incontinentie is. Het biedt praktische handvatten om onnodige incontinentie in zorgcentra terug te dringen en zo de kwaliteit van leven van kwetsbare ouderen met dementie te verbeteren. Helpenden, verzorgenden en verpleegkundigen kunnen met dit boek direct aan de slag om de hulp bij toiletgang beter, sneller en met respect en aandacht voor de cliënt te laten verlopen. Mantelzorgers kunnen leren hoe incontinentie ontstaat en welk gedrag daarbij hoort.
http://www.tena.nl/
Wat is incontinentie? Het niet (of nauwelijks) op kunnen houden van urine of ontlasting noemen we incontinentie.
Als je moet plassen dan voel je dat.Je weet dan precies wanneer je naar de wc moet.
Plassen is niet meer dan het openen van de sluitspier en het aanspannen van de blaasspieren zodat de urine via de plasbuis je lichaam kan verlaten.
Bij incontinentie kan je of helemaal geen drang voelen om te plassen óf je voelt de drang wel maar je kunt het niet meer tegenhouden. De signalen van je sluitspieren en je blaas naar je hersenen toe werken niet, of niet goed meer. Dat is incontinentie
Aandrang incontinentie
Je krijgt een plotselinge, dringende drang om te plassen en je verliest daarbij ongewild urine. Deze vorm komt voor bij alle leeftijden. Het kan lichamelijke oorzaken hebben, zoals blaas-, of urineweginfectie, maar het kan ook psychische oorzaken hebben, zoals het zo gefocust zijn op het plassen.

Druppelincontinentie / Overloopincontinentie
Bij deze vorm verlies je continu ongewild urine. In je blaas zit een soort storing waardoor hij zich niet meer normaal kan legen. De storing van de blaas kan bijvoorbeeld veroorzaakt zijn door een niersteen, een tumor of een vergrote prostaat.

Stressincontinentie / Inspanningsincontinentie
Bij deze vorm verlies je ongewild urine als er een plotselinge drukverhoging op je buik komt. Dit kan zijn door bijvoorbeeld lachen, hoesten, sporten. De sluitspier van je blaas kan deze toegenomen druk niet meer aan. Je sluitspieren werken minder goed. Dit kan komen door onder andere verzwakte bekkenbodemspieren na een operatie of een bevalling, maar het komt vaker voor bij vrouwen omdat vrouwen een tekort aan oestrogeen hebben. Dit zorgt ervoor dat je sluitspieren minder goed werken.

Ongeremde blaas
Een vorm waarbij je grote hoeveelheden urine verliest. Je voelt geen drang en je hebt geen controle hierover. Deze vorm ontstaat door een storing in de hersenen. Door een beschadiging (zoals ongeluk, hersenbloeding) kunnen je hersenen op elk moment het sein geven dat de blaas geleegd moet worden.
vormen van incontinentie
Wat kan je doen aan incontinentie
Wat kan je er aan doen?
Als je denkt dat je incontinent bent is het raadzaam om eerst naar je huisarts te gaan. Hij zal een eerste onderzoek uitvoeren. Komt hier niks uit dan kan de huisarts je altijd doorsturen naar de specialist zoals een uroloog, een gynaecoloog of een neuroloog. De behandeling kan bestaan uit medicatie, fysiotherapie (bekkenbodemoefeningen), en heel soms een operatie. Maar helaas is er niet altijd een behandeling mogelijk voor incontinentie. Zelf kan je onder andere een blaastraining volgen. Zo ga je op gezette tijden naar de wc en probeer je de blaascapaciteit te verhogen. Helaas gaat dit niet altijd goed.
Wel zijn er hulpmiddelen die je kunt gebruiken om je een veiliger gevoel te geven. Denk hierbij aan bepaalde slips en luierbroekjes. Tegenwoordig zijn deze zo gemaakt dat je er gelukkig niks van ziet.
http://www.continentiezorg.nl/uploads/docs/1339146386Rapport_Inco-Select.pdf
Preventieve aanpak
Uit Nederlands onderzoek blijkt dat mobiliteit een zeer sterke factor is voor het ontstaan van incontinentie bij verpleeghuisbewoners (Valk, 1999). Door het bevorderen van de mobiliteit, kan het urineverlies worden teruggedrongen of dragelijker worden. Hiermee investeert u in goede continentiezorg.

Daarnaast kennen we gedragsinterventies ter voorkoming van functionele incontinentie. Hieronder noemen we vijf in de praktijk getoetste benaderingen:

Direct ingaan op verzoek van de cliënt om naar het toilet te gaan (de 5-minutenregel)
Toiletschema's: vaste tijden en frequentie waarop iemand naar het toilet wordt gebracht
Voorstellen om naar het toilet te gaan ('prompted voiding')
Gewoonteschema's opstellen en uitvoeren
Blaastraining
Bij alle vijf spelen mobiliteitsbevorderende maatregelen een belangrijke rol, zoals de bewegwijzering en toegang naar het toilet, aangepaste kleding, rollators en andere hulpmiddelen. Meerdere benaderingen of een combinatie ervan zijn effectief.
Full transcript