Loading presentation...

Present Remotely

Send the link below via email or IM

Copy

Present to your audience

Start remote presentation

  • Invited audience members will follow you as you navigate and present
  • People invited to a presentation do not need a Prezi account
  • This link expires 10 minutes after you close the presentation
  • A maximum of 30 users can follow your presentation
  • Learn more about this feature in our knowledge base article

Do you really want to delete this prezi?

Neither you, nor the coeditors you shared it with will be able to recover it again.

DeleteCancel

Make your likes visible on Facebook?

Connect your Facebook account to Prezi and let your likes appear on your timeline.
You can change this under Settings & Account at any time.

No, thanks

Een hulpkaart bij toetsen aardrijkskunde

Haal meer uit je aardrijkskunde toetsen
by

Rob Adriaens

on 29 February 2016

Comments (0)

Please log in to add your comment.

Report abuse

Transcript of Een hulpkaart bij toetsen aardrijkskunde

Een hulpkaart bij toetsen aardrijkskunde
Aardrijkskunde is het vak waarin je leert hoe de wereld 'in elkaar zit'. Bij toetsen wordt gevraagd hoe het staat met jouw wereldbeeld. Dit wordt vooral gedaan door open vragen te stellen. Voor deze vragen zijn een paar vaardigheden van groot belang.
- je moet de vraag goed lezen
- je moet het antwoord goed kunnen formuleren

Gelukkig kun je deze vaardigheden oefenen. Dit betekent natuurlijk niet dat je de stof voor de toets niet meer hoeft te bestuderen. Maar het kan je zeker helpen je toetsen beter te maken.
Haal jij wel voldoende uit je aardrijkskunde toetsen? Leer hier hoe je je goed kunt voorbereiden op de vraagstelling bij aardrijkskunde toetsen.
Lees de vraag meerdere keren. De vraag geeft vaak aan hoe je moet antwoorden. Hoef je alleen een kort antwoord te geven (oorzaken, redenen, argumenten) of moet je een langer antwoord geven (uitleggen, beschrijven, beredeneren, beargumenteren)?
Zorg dat je precies weet wat je moet doen.
moet je bronnen gebruiken?
moet je de atlas gebruiken?
moet je een geografische werkwijze gebruiken?
uit hoeveel onderdelen moet je antwoord bestaan?
Je kunt dit allemaal afleiden uit de vraag.
Formuleer het antwoord. Zet daarbij ieder onderdeel van het antwoord op een nieuwe regel van je antwoordblad.

Zie verderop hoe je je antwoord aanpast aan de vraagstelling.
Lees nadat je het antwoord geformuleerd hebt, de vraag nog een keer.
Heb je de hele vraag (en niet slechts een deel) beantwoord?
Ben je tijdens het antwoorden niet teveel afgeweken van de vraag?
Bevat je antwoord het gevraagde aantal onderdelen?
Bij het beantwoorden van een toetsvraag kan het doorlopen van de volgende vier stappen je naar een goed antwoord helpen
STAP 1
STAP 2
STAP 3
STAP 4
Haal meer uit je aardrijkskunde toetsen
Wat als de vraag begint met:
Geef een oorzaak/reden/argument....
Dit zijn de meest voorkomende vragen in aardrijkskunde toetsen. Soms begint de vraag niet met 'Geef', maar met 'Noem'. Voor het antwoord dat je moet geven maakt dat niet uit.

Deze vraag is zo gesteld dat je een kort antwoord kunt geven. Een enkele zin of soms zelfs een enkel woord volstaat. Tijd genoeg dus om na te denken over het antwoord, want met het opschrijven van het antwoord zul je niet lang bezig zijn.

Voor iedere oorzaak/reden/argument... kun je doorgaans een punt scoren. Aan het aantal punten dat in de kantlijn bij de vraag vermeld staat, kan je dus zien hoeveel oorzaken/redenen/argumenten je moet geven.
Wat als de vraag begint met:
Geef een oorzaak
Een oorzaak verwijst naar een direct verband (een oorzaak heeft immers een gevolg).

Voorbeeld
De levensverwachting in Zuid-Afrika is veel lager dan dat van landen met een vergelijkbaar ontwikkelingsniveau.
1p Geef de oorzaak voor de lagere levensverwachting in Zuid-Afrika.

Antwoord
De HIV-/aidsepidemie
Wat als de vraag begint met:
Geef een reden
Voorbeeld
1p Geef een reden voor de regering van India om geboortebeperking te stimuleren.

Antwoord
Een juiste reden is dat geboortebeperking een stimulans kan zijn voor economische ontwikkeling (omdat de verhouding werkenden - niet werkenden gunstiger wordt)
Wat als de vraag begint met:
Geef een argument
Voorbeeld
Stelling: Er moeten meer biobrandstoffen als maïs en palmolie worden verbouwd.
2p Geef een argument voor en een argument tegen de stelling.

Antwoord
Een juist argument voor de stelling is:
een grotere inzet van biobrandstoffen kan leiden tot een vermindering van de CO2-uitstoot
Een juist argument tegen de stelling is:
een grotere inzet van biobrandstoffen kan leiden tot hogere voedselprijzen
Wat als de vraag begint met:
Leg uit
Als je iets moet uitleggen moet je antwoord uit meer bestaan dan alleen een oorzaak. Meestal wordt in toetsen aardrijkskunde bij een uitleg een oorzaak en een gevolg van je verwacht. Daarom wordt vaak de volgende regel aan de vraag toegevoegd.

Je uitleg moet een oorzaak-gevolgrelatie bevatten.

Je kunt het beste op je antwoordblad schrijven:
Oorzaak:
Gevolg:

Standaard kun je voor zo'n vraag twee punten verdienen. Eén voor de oorzaak en één voor het bij passende gevolg.
Wat als de vraag begint met:
Leg uit
Voorbeeld
2p Leg uit dat het omhoog komen van de Alpen leidde tot een grotere afbraak door stromend water.
Je uitleg moet een oorzaak-gevolgrelatie bevatten.

Antwoord
Een juiste uitleg is:
Oorzaak: door het omhoog komen van de Alpen moesten rivieren (over dezelfde afstand) een groter hoogteverschil overbruggen
Gevolg: waardoor ze krachtiger gingen stromen (en er dus een grotere afbraak door stromende water was)
Wat als de vraag begint met:
Beredeneer
Bij een redenering moet je vaak in stappen een denkproces aangeven.

Voorbeeld
2p Beredeneer dat in landen als Spanje, Portugal en Griekenland de emigratie de laatste jaren toeneemt.

Antwoord
Een juiste redenering is:
In die landen is heel veel werkloosheid / sluiten veel bedrijven
zodat mensen op zoek zullen gaan naar werk in het buitenland
Wat als de vraag begint met:
Beschrijf
Als je iets moet beschrijven bij aardrijkskunde gaat het vaak om een proces. Standaard kun je er meestal 2 scorepunten mee verdienen. Je antwoord moet dan uit twee stappen bestaan.

Voorbeeld
2p Beschrijf het 'wandelen' van de Waddeneilanden.

Antwoord
de getijdestroom zorgt ervoor dat de Waddeneilanden aan de zuidoostzijde worden geërodeerd, terwijl er aan de noordoostzijde juist zand wordt gesedimenteerd
zodat de eilanden langzaam verplaatsen in noordoostelijke richting
De geografische werkwijzen
Vaak zul je het niet eens in de gaten hebben dat je een geografische werkwijze gebruikt. Als je met aardrijkskunde bezig bent wordt je er namelijk vanzelf handig in. Eigenlijk vormen de werkwijzen de kern van het vak aardrijkskunde.
Inzoomen
Uitzoomen
mondiaal
continentaal
fluviaal
nationaal
regionaal
lokaal
Veranderen van ruimtelijke schaal
Veranderen van ruimtelijke schaal
Als je verandert van ruimtelijke schaal zoom je in op een gebied en weer uit (of andersom).

Voorbeeld
2p Beredeneer dat er zowel op mondiale schaal als op de continentale schaal van Europa een noord-zuidtegenstelling is in welvaartsniveau.

Antwoord
op mondiale schaal zijn de continenten in het noorden welvarender dan die in het zuiden
op continentale schaal zijn de landen in Noord-Europa welvarender dan de landen in Zuid-Europa
Het confronteren van dimensies
Een aardrijkskundige weet als geen ander dat je een vraagstuk vanuit verschillende invalshoeken of dimensies kunt benaderen.

Er zijn vier dimensies:
de politieke dimensie
de economische dimensie
de sociaal-culturele dimensie
de natuurlijke of fysisch-geografische dimensie
Confronteren van dimensies
De Hedwigepolder in Zeeuws-Vlaanderen is inzet van een lange discussie. Moet de polder onder water worden gezet of niet?
Politieke dimensie
In een verdrag tussen Nederland en België staat dat de polder onder water gezet moet worden als compensatie voor het uitdiepen van de Westerschelde.
Economische dimensie
In de polder wordt landbouw bedreven.
De haven van Antwerpen dreigt met een miljoenen claim als Nederland de afspraak niet nakomt
Sociaal-culturele dimensie
In Zeeland heeft men altijd geprobeerd land te winnen op het water. Land prijs geven ligt gevoelig bij de bevolking
Natuurlijke dimensie
Indien ontpoldert wordt zal het gebied, samen met het ernaast gelegen natuurgebied, een groot natuurgebied vormen
Relateren
De wereld zit vol met relaties. Bij aardrijkskunde moet je heel vaak op zoek naar deze relaties. Het kan je helpen om bij het leggen van een relatie standaard in je antwoord op te nemen: Naarmate..... is ....

Voorbeeld
1p Geef de (algemene) relatie tussen het bnp per inwoner en de levensverwachting in een land.

Antwoord
Naarmate
het bnp per inwoner in een land of gebied hoger,
is
de levensverwachting ook hoger
Vergelijken
Voorbeeld 1
Londen is een belangrijkere wereldstad dan Amsterdam.
2p Geef twee argumenten voor deze stelling.

Antwoord
London is een veel groter financieel centrum
London telt veel meer hoofdkantoren van multinationals
Voorbeeld 2
1p Geef een verschil in de omvang van de beroepssectoren tussen Amsterdam en Rotterdam

Antwoord
In Amsterdam is de tertiaire sector groter, in Rotterdam de secundaire sector
Een gebied in de geografische context plaatsen
Dit klinkt moeilijk. Je kunt je hier meestal richten op twee dingen: indelen en toedelen.
Voorbeeld
2p Beredeneer dat Spanje enerzijds te maken heeft met verbrokkeling, maar anderzijds steeds meer deel uitmaakt van een groter geheel.

Antwoord
Spanje heeft te maken met een aantal deelgebieden die meer zelfbestuur willen (Catalonië, Baskenland)
maar maakt op economisch en politiek terrein steeds meer deel uit van de Europese Unie
Relaties leggen tussen het bijzondere en het algemene
Vaak leer je op school algemene principes. Maar deze principes werken in sommige gebieden soms heel anders uit. Bijvoorbeeld doordat in zo'n gebied iets specifieks aan de hand is.

Voorbeeld
Bij de meeste rivieren neemt de hoeveelheid water die vervoerd wordt toe richting de monding.
2p Leg uit dat dit bij de Nijl niet het geval is.
Je uitleg moet een oorzaak-gevolgrelatie bevatten.

Antwoord
Oorzaak: De Nijl stroomt dwars door een woestijn
Gevolg: waardoor heel veel rivierwater verdwijnt
Veel plezier met het gebruik van de hulpkaart
Full transcript