Loading presentation...

Present Remotely

Send the link below via email or IM

Copy

Present to your audience

Start remote presentation

  • Invited audience members will follow you as you navigate and present
  • People invited to a presentation do not need a Prezi account
  • This link expires 10 minutes after you close the presentation
  • A maximum of 30 users can follow your presentation
  • Learn more about this feature in our knowledge base article

Do you really want to delete this prezi?

Neither you, nor the coeditors you shared it with will be able to recover it again.

DeleteCancel

Make your likes visible on Facebook?

Connect your Facebook account to Prezi and let your likes appear on your timeline.
You can change this under Settings & Account at any time.

No, thanks

Scheikunde samenvatting

H8
by

Jeroen S

on 18 February 2013

Comments (0)

Please log in to add your comment.

Report abuse

Transcript of Scheikunde samenvatting

vragen? 8.1 pH en pH-meting scheikunde samenvatting 8.2 zuren/zure oplossingen H O 8.3 basische oplossingen/basen Base = een deeltje(molecuul/ion dat een proton(H ion) kan opnemen 8.4 Zuur-base reactie zuur base koppels pH < 7 zure/alkalische oplossing
pH = 7 neutrale oplossing
pH > 7 basische oplossing Zuurgraad pH indicatoren(Binas 52A) Een stof die de pH waarde van een andere stof weergeeft d.m.v verkleuring

vb: methylrood
rood Omslagtraject geel
pH<4,8 pH 4,8-6,0 pH>6,0

omslagtraject = het gebied van een indicator waartussen de stof een mengkleur heeft. De pH slecht afleesbaar pH waarden pH-waarde exponentiële schaal pH 3

pH 4

pH 5 X 10 X 10 X 10² ionisatie van zuren = de reactie waarbij van een stof moleculen reageren tot H O (aq) 2 stappen
HCl(g) + H O(g) H O (aq) + Cl (aq) 2 3 + - voorbeeld 2 H SO (l) + H O(l) H O (aq) +HSO (aq) 2 2 4 3 + - 4 HSO (aq) + H O(l) 4 - 2 H O (aq) + SO 3 + 4 2 - voorbeeld 3 voorbeeld 1 H PO (s) + H O(l) H O (aq) + H PO (aq) 3 4 2 3 + 2 3 2- H PO (aq) + H O(l) H O (aq) + HPO (aq) 3 4 2- + 2 3 2- 2 HPO (aq) + H O(l) H O (aq) + PO (aq) 4 2- 3 + 2 4 3- zure oplossing = oplossing die H O (aq) ionen bevat zuur = een deeltje(molecuul of ion) dat een proton kan afstaan 3 + 3 + 1 stap 3 stappen Ionisatie van zuren lading voor reactie = lading na reactie tip: maak alle H-tjes op! + 3 Zuursterkte Zure oplossingen sterke zuren (zoutzuur,HCl)
zwakke zuren (azijnzuur, HAc)
zeer zwakke zuren (ammoniak, NH )
formule: HZ + H O H O + Z Zuurconstante 3 Sterke zuren Alle moleculen staan een H ion af + Zuursterkte(binas 49) Géén evenwicht, de reactie verloopt 100% naar rechts HCl(l) + H O(l) H O (aq) + Cl (aq) 3 + - Zwakke zuren Een kleiner deel van de moleculen staat een H ion af + Er is een evenwicht in de reactie, de reactie vind beiden kanten op plaats HSO + H O H O + SO 4 - 2 3 + 4 2- 2 HClO , HI, HBr, HCl, H SO
HNO , HClO 4 2 4 3 3 De 7 sterke zuren 2 3 + - Sommige zuren die het element O bevatten ontstaan bij een reactie van niet-metaaloxiden en water niet-metaaloxide formule zuur CO
SO
SO
P O H CO
H SO
H SO
H PO 2 2 3 2 3 2 2 2 4 4 3 2 3 na reactie met water Zeer zwakke zuren De moleculen zijn niet in staat een H ion af te staan + Er is geen evenwicht de reactie verloopt maar 1 kant op NH + H O H O + NH 2 3 + 3 2 - NH + H O NH + OH - 3 2 2 - De zeer zwakke zuren NH , CH -CH -OH,
OH , H 2 - 3 2 3 [H O ] . [Z ] 3 + - [HZ] = K z Zuurconstante K 4 - HSO + H O 2 H O + SO 4 3 + [H O ] 3 + . [SO ] 2- 4 2- [HSO ] 4 - [H O] 2 . = K [H O ]

3

+

.

[SO ]

4

2-

[HSO ]

4

-

[H O]

2

.

=

K [H O ] 3 + [SO ] 4 2- . [HSO ] 4 - = K . [H O] 2 [H O ] [SO ] [HSO ] = K 2- 4 3 + 4 - z links en rechts x [H O] 2 [H O] is zó groot dat je [H O] ziet als constante 2 2 . z Oplossingen van alkanolen zijn in water neutraal, dus de OH groep staat geen H af
De carbonzuur groep(-COOH) die is gebonden aan C=O staat wel H af + + Ionisatie van basen = de reactie waarbij moleculen van een stof reageren tot OH - Basische oplossing = een oplossing die OH (hydroxide) ionen bevat - + Basesterkte Baseconstante Basische oplossingen/Basen sterke basen
zwakke basen
zeer zwakke basen
formule: B + H O HB + OH 2 - + hoe verder het evenwicht naar rechts ligt,
hoe sterker de base [HB ] [OH ] [B] = K . + - B + H O HB + OH + 2 - Ionisatie van basen hoe meer het evenwicht naar rechts ligt,
hoe sterker het zuur voorbeeld 1 NaOH(s) Na (aq) + OH (aq) + - CaO(s) + H O(l) Ca (aq)+ 2 OH (aq) 2 2+ - voorbeeld 2 voorbeeld 3 voorbeeld 4 NH + H O NH + OH 3 2 4 + - CH -NH + H O CH - NH + OH 3 2 2 3 3 + - oplossen van natronloog oplossen van calciumoxide in water oplossen van ammoniak in water oplossen van amine in water het gevormde NH ion heet ammonium 4 + (oplossen van metaaloxide(groep 1,2) in water) (oplossen van metaal+OH) Sterke basen Zwakke basen Zeer zwakke basen 100% van de stof reageert tot OH de reactie verloopt 100% naar rechts K O(s) + H O(l) 2 K + 2 OH 2 2 + - NaOH(s) Na (aq) + OH (aq) + - er wordt meteen een H ion ontrokken + de 4 sterkste basen H , O , NH , CH -CH O - 2- 2 - 3 2 - niet alle stof reageert to OH - - er is een evenwicht, de reactie verloopt beide kanten op H O + PO HPO + H O 2 4 3- 4 2 2+ te zwak om met een H O ion te reageren 3 + Cl + H O 3 - + HCl + H O 2 HCl + H O H O + Cl 3 2 - + de zeer zwakke basen ClO , NO , HSO , Cl , Br , I , ClO 3 - 3 - 4 - - - - - 4 Baseconstante K als je een zuur bij een base toevoegt
wordt de stof pH neutraal b NH + H O NH + OH 3 2 4 + - [NH ] [OH ] [NH ] [H O] 3 4 + - 2 = K . . [NH ] [OH ] [NH ] 4 3 - + . = K [H O] 2 . [NH ] [OH ] [NH ] 4 3 - + . = K b indien een negatief ion als base fungeert wordt de stof onder de streep ook min( ) - evenwichtstheorie links en rechts x [H O] [H O] zó groot dat je het mag zien als constante 2 2 als je een base toevoegt aan een zuur
wordt de stof pH neutraal neutralisatiereacties als HZ(zuur) dan is Z (base) - als B(base) dan is HB (zuur) + zuur-base koppel een zuur is proton
een base is proton donor acceptor HZ + B Z + HB - + H + H + HZ is het geconjugeerde zuur van Z
Z is de geconjugeerde base van HZ - - voor HZ kun je ook een positief/negatief ion nemen
voor B kun je ook een negatief ion nemen
bij een zuur-base reactie ontstaat een zwakker zuur en zwakkere base Een zuur-base reactie = reactie waarbij protonen worden overgedragen neutralisatiereactie = zuur-base reactie, waarbij de pH na de reactie +/- 7 is sterk zuur + sterke base = neutrale oplossing H O + OH 2 H O 2 3 + - de andere ionen die deelnemen aan de reactie zijn tribune ionen CO en basische oplossingen powered by:
Bas Dijkstra
Jeroen Steeghs 2 CO (g) CO (aq) 2 2 CO (aq)+H O(l) 2 2 H CO 2 3 H CO + OH HCO + H O 2 3 - H + 3 - 2 HCO + OH CO + H O 3 - - 3 2- 2 reageert met water tot koolzuur leidt het koolzuur door NaOH, reageert tot waterstofcarbonaat waterstofcarbonaat reageert als zuur
Full transcript