Loading presentation...

Present Remotely

Send the link below via email or IM

Copy

Present to your audience

Start remote presentation

  • Invited audience members will follow you as you navigate and present
  • People invited to a presentation do not need a Prezi account
  • This link expires 10 minutes after you close the presentation
  • A maximum of 30 users can follow your presentation
  • Learn more about this feature in our knowledge base article

Do you really want to delete this prezi?

Neither you, nor the coeditors you shared it with will be able to recover it again.

DeleteCancel

Make your likes visible on Facebook?

Connect your Facebook account to Prezi and let your likes appear on your timeline.
You can change this under Settings & Account at any time.

No, thanks

3V-Beeldspraak: metaforen in werkwoorden + vergelijking+ synesthesie

No description
by

Natasja Booij

on 3 September 2014

Comments (0)

Please log in to add your comment.

Report abuse

Transcript of 3V-Beeldspraak: metaforen in werkwoorden + vergelijking+ synesthesie

3V-H 2
Beeldspraak: metaforen in werkwoorden
verschillende vergelijkingen

Taal kun je letterlijk of figuurlijk gebruiken:
Je staat op mijn tenen (letterlijk)
Hij is snel op z’n teentjes getrapt (figuurlijk)

Bij beeldspraak gebruik je dus een beeld van iets om duidelijk te maken wat je bedoelt.
Vergelijking
Bij een vergelijking zet je twee dingen naast elkaar die op elkaar lijken:
het object
(dat er in werkelijkheid is) en
het beeld
.
Asydetische vergelijking:

(a=zonder, syn= met)

waarbij het object zonder verbindingswoord met het beeld wordt verbonden.
Tussen het beeld en het object is er dus een overeenkomst.
Een Homerische vergelijking is een vergelijking met een heel uitgebreid beeld en een vaste vorm: de vergelijking begint met '(zo)als , gevolgd door het beeld; in het tweede deel staat meestal 'zo' gevolgd door het object. (kijk op blz. 70)
Homerische vergelijking
metafoor
Wat een paleisje is dit!
(je hebt een nieuwe kamer)

Het beeld (een paleisje)vervangt het object(je nieuwe kamer).

Bij een metafoor vervangt het beeld dus het object.
De lezer moet zelf bedenken wat het beeld betekent.
De clown van de klas werd er weer eens uitgestuurd.(clown= grappig iemand
Wat is zwijnenstal is het hier!
Sommige metaforen worden zo vaak gebruikt, dat je niet eens meer bseft dat het beeldspraak is.
Hoge bomen vangen veel wind.

(belangrijke mensen krijgen vaak veel kritiek)
spreekwoorden zijn vaak metaforen.
Dan is er nog de synesthesie:
Mijn moeder
spoot
weg in haar nieuwe autootje.
Werkwoorden worden vaak als metafoor gebruikt.


In uitdrukkingen vormen werkwoorden samen met andere woorden meestal een metafoor.
Je
haalt me de woorden uit de mond.

Ze heeft die jongen maandenlang
aan het lijntje gehouden!
Zo herken je werkwoorden die als metafoor gebruikt worden:
Die jongen
barst
van het talent.
Mijn voorstel raakte
ondergesneeuwd
door de eindeloze discussie.
Voorbeeld: In ondiep water, in het grauwe dagen, ontwaakt de ziel,
een afgedreven boot.
(P.C.Boutens)
Dit is een bijzondere vorm van beeldspraak.
Er worden namelijk twee zintuigen met elkaar gecombineerd:

Warme kleuren
(tastzin en gezicht)

Bittere woorden
(smaak en gehoor)
Full transcript