Loading presentation...

Present Remotely

Send the link below via email or IM

Copy

Present to your audience

Start remote presentation

  • Invited audience members will follow you as you navigate and present
  • People invited to a presentation do not need a Prezi account
  • This link expires 10 minutes after you close the presentation
  • A maximum of 30 users can follow your presentation
  • Learn more about this feature in our knowledge base article

Do you really want to delete this prezi?

Neither you, nor the coeditors you shared it with will be able to recover it again.

DeleteCancel

Kwalitatieve data analyse: verschillende stromingen

No description
by

mariam tarhach

on 24 February 2016

Comments (0)

Please log in to add your comment.

Report abuse

Transcript of Kwalitatieve data analyse: verschillende stromingen

Kwalitatieve data analyse: verschillende stromingen
Inleiding:
• Sociaalwetenschappelijke en
wetenschapsfilosofische stromingen

• Verschillende standpunten

• Stroming onderzoeker

Positivisme
Klassieke tweedeling:
2. Interpretatief (kwalitatief onderzoek)

• Subjectieve, betekenisvolle ervaringen

• Werkelijkheid = resultaat van interpreteren

• Interpretatief paradigma

• Inductief

• Naïef realisme

• Durkheim

• Voorbeeld: mijnwerkers
Post positivisme
• Kritisch realisme

• Aangepast dualisme

• Gewijzigd experimenteel
Kritische theorie
1. Subjectieve beleving
2. Emancipatorische rol
3. Taal
4. Doelstelling: veranderen van de werkelijkheid



Constructivisme
• Wat?

• Kenmerken

• Vormen
Het ‘radicale constructivisme’ van Von Glaserfeld
Het paradigmatische constructivisme van Guba& Lincoln
Sociaal constructivisme
Constructionisme


Andere stromingen
Participatieve stroming
De onderzoeker en de deelnemers
• De professionele Onderzoeker
• Deelnemers = co-researchers

Methodologisch
• politieke participatie in samenwerkende actie onderzoek, met een voorkeur voor het praktische
• taal van gedeelde ervaringscontext
• in gemeenschap

kritisch of niet?

Voorbeeld niet-agogische thesis:


“Waarom zou het vals zijn als je er zelf achter staat?” Marjolein Van Bavel, Hoe bevrijd is het zelfverklaarde lustobject?

Wat?
• Linguistic turn
• Postmoderne filosofen:
--> Faucoult, Derrida, Lyotard
• Postructuralisme = linguistischer

Postmoderne stroming in het kwalitatief onderzoek:
• Taal
• Gedachteconstructies --> deelverhaal
• Decentrering van het subject
• Onderzoeker = knutselaar
-> kritische deconstructie

Voorbeeld agogische thesis:

“…Een interessante invalshoek is de idee van deconstructie als het ontmantelen en de bewustmaking van montage verder uit te diepen, waardoor onder andere het beoordelen en maken van films zowel voor de professional, als de amateur makkelijker worden”.
(Verhoeven, K., (2014). Stieglers deconstructie van de film. Opzoek naar een agogische relevantie. Geraadpleegd op 11 februari 2016 via http://www.scriptiebank.be/.
Postmodernisme/ poststructuralisme
Voorbeeld agogische thesis:
'Dit kwalitatief onderzoek peilt naar de beleving van jonge vrouwen met een niet-westerse
migratieachtergrond op vlak van vrijetijd, onderwijs, familie en vrienden.'

DE VESTELE (R). De beleving van jonge vrouwen met een niet-westerse migratieachtergrond op vlak van vrije tijd, onderwijs, familie&vrienden
Masterproef, Vrije Universiteit Brussel, augustus 2015
1. Positivistisch (kwantitatief onderzoek)

• Objectiviteit & herhaalbaarheid

• Positivistisch paradigma

• Deductief

Zoals voor het kwantitatieve gedeelte, waren in het kwalitatieve gedeelte de huidige en vroegere vrijwilligers de doelgroep.
Voorbeeld agogische thesis:
http://www.vub.ac.be/wetenschapswinkel/publicaties/2013-2014/masterproefWWRikkiJong.pdf

kwalitatieve data analyse: verschillende stromingen
QUIZ
?
1. Geef de juiste stroming
A.Kritische theorie
B.Participatieve stroming
C.Constructivisme
D.Positivisme

A.Kritische theorie
B.Participatieve stroming
C.Constructivisme
D.Positivisme
2. Van welke substroming is de afbeelding een symbool?
A.Etnomethodologie
B.Poststructuralisme
C.Feminisme
D.Fenomenologie

A.Etnomethodologie
B.Poststructuralisme
C.Feminisme
D.nomenologie

2. Van welke substroming is de afbeelding een symbool?
1. Geef de juiste stroming
3. Bij welke hoofdstroming hoort deze substroming?
3. Bij welke hoofdstroming hoort deze substroming?
A. kritische theorie
B. positivisme
C. participatieve benadering
D. constructivisme

A. kritische theorie
B. positivisme
C. participatieve benadering
D. constructivisme

4. Geef de juiste stroming
4. Geef de juiste stroming
A.Positivisme
B.Participatieve benadering
C.Kritische theorie
D.Postmodernisme/poststructuralisme

A.Positivisme
B.Participatieve benadering
C.Kritische theorie
D.Postmodernisme/poststructuralisme
5. Bij de klassieke tweedeling hebben we het interpretatief paradigma besproken. Op welke wijze wordt de theorie binnen deze benadering gevormd?
5. Bij de klassieke tweedeling hebben we het interpretatief paradigma besproken. Op welke wijze wordt de theorie binnen deze benadering gevormd?
A. Deductief
B. Deductief en inductief
C. Inductief
D. Geen van bovenstaande

A. Deductief
B. Deductief en inductief
C. Inductief
D. Geen van bovenstaande

6. Welke functie krijgen de deelnemers aan het onderzoek binnen de participatieve benadering?
6. Welke functie krijgen de deelnemers aan het onderzoek binnen de participatieve benadering?
A.De deelnemers zijn de respondenten van de interviews
B. De deelnemers zijn co-reachers
C. De deelnemers zijn de subjecten die worden geobserveerd
D. De deelnemers voeren het onderzoek

A.De deelnemers zijn de respondenten van de interviews
B. De deelnemers zijn co-reachers
C. De deelnemers zijn de subjecten die worden geobserveerd
D. De deelnemers voeren het onderzoek

7. Welke uitspraak over het positivisme is waar?
A. Er bestaat geen objectieve realiteit
B. Er bestaat een subjectieve realiteit die onderheven is aan natuurwetten en mechanisme
C. Er bestaat een objectieve realiteit die onderheven is aan natuurwetten en mechanisme
D. Er bestaat geen subjectieve realiteit

A. Er bestaat geen objectieve realiteit
B. Er bestaat een subjectieve realiteit die onderheven is aan natuurwetten en mechanisme
C. Er bestaat een objectieve realiteit die onderheven is aan natuurwetten en mechanisme
D. Er bestaat geen subjectieve realiteit
7. Welke uitspraak over het positivisme is waar?
9.Binnen welke stroming zou je volgend niet agogisch thesisvoorbeeld plaatsen?
9.Binnen welke stroming zou je volgend niet agogisch thesisvoorbeeld plaatsen?
“…Men moet Bildung op een andere manier interpreteren, zijnde als iets dat plaatsvindt in en door taal, zinnen en discoursen. Lyotard ziet Bildung als het vinden of uitvinden van nieuwe idiomen, het gebruiken van verschillende talen om onze werkelijkheid vorm te geven…”; “…Hierbij wordt de conceptuele analyse gebruikt als methode waarbij via de analyse van taal aan analyse van de werkelijkheid wordt gedaan (Levering, 1999)…” (De Potter, S. (2012). Bildung en cultuureducatie. Theorie, beleid en praktijk: kopergietery. Geraadpleegd op 11 februari 2016 via http://www.scriptiebank.be/.

A.Positivisme
B.Constructivisme
C.Kritische theorie
D.Postmodernisme/poststructuralisme

A.Positivisme
B.Constructivisme
C.Kritische theorie
D.Postmodernisme/poststructuralisme

“…Men moet Bildung op een andere manier interpreteren, zijnde als iets dat plaatsvindt in en door taal, zinnen en discoursen. Lyotard ziet Bildung als het vinden of uitvinden van nieuwe idiomen, het gebruiken van verschillende talen om onze werkelijkheid vorm te geven…”; “…Hierbij wordt de conceptuele analyse gebruikt als methode waarbij via de analyse van taal aan analyse van de werkelijkheid wordt gedaan (Levering, 1999)…” (De Potter, S. (2012). Bildung en cultuureducatie. Theorie, beleid en praktijk: kopergietery. Geraadpleegd op 11 februari 2016 via http://www.scriptiebank.be/.
10. Welke stroming is het meest geschikt voor een kwalitatief onderzoek in de agogische wetenschappen?
10. Welke stroming is het meest geschikt voor een kwalitatief onderzoek in de agogische wetenschappen?
A. maakt niet uit
B. Constructivisme
C. Positivisme
D. kritische theorie

A. maakt niet uit
B. Constructivisme
C. Positivisme
D. kritische theorie

Bedankt voor jullie aandacht en deelname !
Cansu Yigit, Dorien Eerdekens, Faiza Salhi, Lise Switsers en Mariam Tarhach
Full transcript