Loading presentation...

Present Remotely

Send the link below via email or IM

Copy

Present to your audience

Start remote presentation

  • Invited audience members will follow you as you navigate and present
  • People invited to a presentation do not need a Prezi account
  • This link expires 10 minutes after you close the presentation
  • A maximum of 30 users can follow your presentation
  • Learn more about this feature in our knowledge base article

Do you really want to delete this prezi?

Neither you, nor the coeditors you shared it with will be able to recover it again.

DeleteCancel

Make your likes visible on Facebook?

Connect your Facebook account to Prezi and let your likes appear on your timeline.
You can change this under Settings & Account at any time.

No, thanks

Hoofdstuk 6 Het parlement

Politiek ma2
by

Khalid Saber

on 14 May 2014

Comments (0)

Please log in to add your comment.

Report abuse

Transcript of Hoofdstuk 6 Het parlement

Hoofdstuk 6
Het parlement
Parlement bestaat uit:
Parlementsleden zijn volksvertegenwoordigers
Het volk
De Provinciale Staten
Eerste kamer wordt indirect gekozen:
Tweede Kamer wordt direct gekozen:
Het volk
75 zetels
150 zetels
Fracties
Pvv- fractie
= een groep leden van dezelfde politieke partij in de Tweede-Kamer.
VVD- fractie
SP- fractie
PvdA- fractie
CDA- fractie
Eerste Kamer en Tweede Kamer
Staten- Generaal
De politieke partijen in het Parlement kun je verdelen in:
Regeringspartijen / coalitiepartijen:
Oppositiepartijen:
zijn de partijen die ook in de regering zitten.
zijn alle partijen die niet in de regering zitten.
SP
PVV
CDA
Groen
Links
SGP
PvdD
D
66
50plus
Mede - wetgeving
Taken Parlement
Controle van de ministers
1. Recht om te stemmen:
2. recht van initiatief:
Tweede Kamerleden mogen zelf ook een wetsvoorstel maken.
Let op: Alleen de Tweede Kamer heeft dit recht.
Ieder wetsvoorstel wordt goedgekeurd of afgekeurd door de 2e Kamer en 1e Kamer.
3. recht van amendement:
Dit recht houdt in dat de Tweede Kamer ook wetsvoorstellen mag veranderen.
Let op: Alleen de Tweede Kamer heeft dit recht.
1. Recht om vragen te stellen:
Dit mag schriftelijk of mondeling op elke dinsdag om 14:30u.
2. recht om te interpelleren:
Recht om de minister op het matje te roepen. Ter verantwoording roepen.
3. parlementaire enquête:
Dit is het recht om een onderdeel van het regeringsbeleid uitgebreid te onderzoeken.
Dit is het zwaarste middel! Waarom?
4. budgetrecht:
Het recht jaarlijks de begrotingen van ministeries goed of af te keuren.
5. motierecht
Het recht om een schriftelijke mening te geven:
over het vertrouwen in de minister of kabinet.
meer of minder geld voor iets.
Voorbeelden:
- motie van afkeuring
- motie van wantrouwen
CU
Full transcript