Loading presentation...

Present Remotely

Send the link below via email or IM

Copy

Present to your audience

Start remote presentation

  • Invited audience members will follow you as you navigate and present
  • People invited to a presentation do not need a Prezi account
  • This link expires 10 minutes after you close the presentation
  • A maximum of 30 users can follow your presentation
  • Learn more about this feature in our knowledge base article

Do you really want to delete this prezi?

Neither you, nor the coeditors you shared it with will be able to recover it again.

DeleteCancel

Make your likes visible on Facebook?

Connect your Facebook account to Prezi and let your likes appear on your timeline.
You can change this under Settings & Account at any time.

No, thanks

Begeleiden bij Gedragsproblemen

No description
by

Mieke Bouten

on 5 November 2014

Comments (0)

Please log in to add your comment.

Report abuse

Transcript of Begeleiden bij Gedragsproblemen

Begeleiden bij Gedragsproblemen

Begeleiden: hoofdstuk 11

Gedragsproblemen & Oorzaken
Hospitalisatie en afhankelijk gedrag
Agressiviteit en wangedrag
Soorten gedragsproblemen
Als verpleegkundige kun je bij zorgvragers diverse soorten gedragsproblemen tegenkomen:
Bijv. agressief, claimend, passief gedrag.
Niet elk gedrag wat je voor problemen stelt, mag je probleemgedrag noemen: We spreken alleen van probleemgedrag als het gedrag een probleem vormt voor zowel de betrokkene zelf als voor anderen EN als het gedrag in verschillende situaties problemen oplevert.

De ernst van de gedragsproblemen moet worden afgemeten naar:
Frequentie: Hoe vaak is er sprake van dit gedrag?
Duur: Hoelang wordt dit gedrag al vertoon?
Omvang: In hoeveel situaties komt het gedrag voor?
Gevolgen: In welke mate is er sprake van negatieve gevolgen voor de betrokkene zelf en anderen?
Oorzaken van gedragsproblemen:
Gedragsproblemen bij zorgvragers ontstaan door een samenspel van aan aantal factoren:
Veranderende eisen, veranderende situatie
Het evenwicht tussen draagkracht en draaglast
De persoonlijkheid van de zorgvrager
De houding van zorgverleners en familieleden
Het ziektebeeld of de stoornis
Hospitalisatie
Hospitalisatie betekent letterlijk het opgenomen zijn.

Binnen dit vak bedoelen we met HOSPITALISATIE dat de zorgvrager zijn gedrag volledig afstemt op de instelling en zorgverlener en niets meer uit zichzelf doet.

Hoe langer iemand is opgenomen, hoe groter de kans op hospitalisatie.
Apathisch gedrag
Hospitalisatie kan uitmonden in depressief en apathisch gedrag.

Apathisch gedrag houdt in dat de zorgvrager lusteloos is en zich onverschillig gedraagt. In zijn gedrag en in wat de zorgvrager zegt, maakt hij duidelijk dat het van hem allemaal niet meer hoeft.


Kenmerken van hospitalisatie & apathie
Vlakke emoties: niet blij - niet boos
Passiviteit: voor zich uitstaren - niet in beweging komen
Lijdzaam gedrag: alles over zich heen laten komen zonder zich ertegen te verzetten
Ongeïnteresseerdheid: geen interesse hebben
Niet flexibel: niet om kunnen gaan met veranderingen
Zinloze activiteiten om de tijd te vullen: uit het raam staren en tellen hoeveel mensen er voorbij komen.
Hospitalisatie voorkomen
Speel in op de zelfredzaamheid van de zorgvrager
Stimuleer zijn zelfstandigheid
Heb persoonlijk contact met de zorgvrager en blijf betrokken bij werk. Gewenning, automatisme en sleur zijn risico factoren.
Agressief & wangedrag
Wangedrag: Hieronder verstaan we gedrag dat tegen de regels van fatsoen ingaan.

Agressief gedrag: Hierbij doe je een ander emotioneel en/of fysiek pijn, je richt schade aan anderen of aan andermans eigendommen.
Primaire en Secundaire agressie
Primaire agressie: ontstaat als gevolg van een frustrerende situatie. De agressie staat direct in relatie tot wat er gebeurt. Hierbij geeft het uiten van de agressie een gevoel van ontlading en opluchting.
Secundaire agressie: deze ontstaat zomaar en er is geen directe reden om zo extreem agressief te reageren. De oorzaak voor het gedrag ligt vaak niet in de situatie van dat moment, maar heeft te maken met iets anders.
(opgekropt gevoel)

Kwaadaardige en instrumentele agressie
Kwaadaardige agressie: heeft tot doel iemand of iets te verwonden, uit de weg te ruimen of een lesje te leren.
Instrumentele agressie: heeft tot doel de een of andere 'beloning' te krijgen. Bijvoorbeeld gil buien bij kinderen om snoep te krijgen.
Adviezen voor het omgaan met
gedragsproblemen:
Realiseer je dat aan gedragsproblemen bepaalde oorzaken ten grondslag liggen en ga op zoek naar deze oorzaak.
Toon begrip voor de gevoelens achter het probleemgedrag.
Stel duidelijk grenzen wanneer een zorgvrager in een bepaald gedrag blijft steken.
Beschouw gedrag nooit als een persoonlijke aanval op jou.
Evalueer regelmatig je eigen gedrag.
Wees open over je eigen onmacht.
Overleg met collega's wat belangrijk is om te doen.
Aanleidingen voor agressief gedrag
Agressie als reactie
op bedreiging
op machteloosheid
op frustratie
op onrecht
om aanzien te krijgen
op behoefte aan veiligheid, begrip en liefde
op symptoom van het ziektebeeld
op de situatie
op de zorgverlener
Wanneer agressie niet ontlaadt kunnen de volgende effecten optreden:
Overmatige agressie:
de druppel die de emmer deed overlopen.
Verplaatste agressie:
de zondebok.
Zelfdestructief gedrag:
agressie tegen zichzelf gekeerd; komt vaak tot uiting in psychische stoornissen en psychosomatische klachten.

Toon begrip, maar accepteer het niet.
Probeer gedachtens en gevoelens te verwoorden.
Probeer op een onpersoonlijke manier grenzen te stellen.
Geef gelegenheid en tijd om bij te draaien.
Probeer ernstig te blijven. (soms kan humor wel helpen)
Waardeer altijd zelf correcties.

Omgaan met agressief gedrag
Full transcript